Artikel 253/38/1
In afwijking van artikel 253/38, eerste lid, dient een schoolbestuur dat in de onmogelijkheid verkeert of zal verkeren om bijkomende inschrijvingen te realiseren in een nieuw opgerichte school, vestigingsplaats of structuuronderdeel 1A of 1B, en dat in de onmogelijkheid verkeerde om van de gezamenlijke aanmeldingsprocedure gebruik te maken, een aanvraag in bij de CLR om alsnog leerlingen te kunnen weigeren op basis van capaciteit in het nieuw opgerichte capaciteitsniveau of de nieuw opgerichte capaciteitsniveaus, vanwege deze uitzonderlijke omstandigheid in het eerste schooljaar van ontstaan.
De CLR beslist, binnen een termijn van veertien kalenderdagen na het ontvangen van de aanvraag, vermeld in het eerste lid, of en onder welke voorwaarden weigeringen op basis van capaciteit, vanwege deze uitzonderlijke omstandigheid, toegestaan worden.
Als het schoolbestuur al leerlingen geweigerd heeft, voorafgaand aan de aanvraag bij de CLR of de beslissing door de CLR, verwerven die leerlingen alsnog een onverkort recht op inschrijving als de CLR beslist geen weigeringen op basis van capaciteit, vanwege deze uitzonderlijke omstandigheid, toe te staan.
Als de CLR weigeringen op basis van capaciteit, vanwege deze uitzonderlijke omstandigheid toestaat, dan behandelt het schoolbestuur in voorkomend geval ook vragen over een erkenning van een uitzonderlijke situatie van een in te schrijven leerling als vermeld in artikel 253/40, §5.