Artikel 64
§1. De administratieve geldboetes, vermeld in dit decreet, worden opgelegd door de door de Vlaamse Regering aangewezen ambtenaren. De administratieve geldboetes, vermeld in artikel 63, § 5, § 7 tot en met § 10, § 12 en § 13, worden opgelegd voor 31 december van het jaar volgend op het productiejaar waarin de overtreding werd vastgesteld als de betrokken aangifteplichtige zijn aangifte als vermeld in artikel 23 tijdig en correct heeft ingediend voor het productiejaar waarop de overtreding betrekking heeft.
De betrokkene wordt van de beslissing tot het opleggen van de administratieve geldboete in kennis gesteld bij beveiligde zending.
De Vlaamse Regering stelt nadere regels vast.
§2. De administratieve geldboetes, vermeld in dit decreet, worden geïnd door de Mestbank voor orde van het Minafonds. De opbrengst van de administratieve geldboetes wordt integraal aangewend voor landbouwers, meer bepaald in het kader van dit decreet.
§3. Als de administratieve geldboete wordt opgelegd aan een landbouwer die uit twee of meer exploitanten bestaat, dan zijn elk van deze exploitanten hoofdelijk gehouden tot het betalen van de gehele schuld. Als de exploitant op zijn beurt bestaat uit twee of meer natuurlijke personen of rechtspersonen, dan zijn elk van deze personen hoofdelijk gehouden tot het betalen van de gehele schuld.
§4. De ambtenaren, vermeld in paragraaf 1, houden bij de oplegging van de administratieve geldboete desgevallend rekening met de straf die de strafrechter voorafgaandelijk voor het feit in kwestie heeft opgelegd.
§5. Bij de oplegging van een administratieve geldboete, kan de ambtenaar, vermeld in paragraaf 1, aan de persoon of personen aan wie de administratieve geldboete wordt opgelegd, voorstellen om de gehele of de gedeeltelijke boete te laten vervallen mits de naleving van één of meerdere maatregelen of maatregelenpakketten.
De ambtenaar vermeldt:
- 1°de maatregelen of maatregelenpakketten die nageleefd moeten worden;
- 2°voor elk van de maatregelen of maatregelenpakketten, vermeld in 1°, de termijn waarbinnen de naleving moet geschieden;
- 3°voor elk van de maatregelen of maatregelenpakketten, vermeld in 1°, het gedeelte van de boete dat komt te vervallen bij naleving van de maatregel of het maatregelpakket.
Als de persoon of personen aan wie de administratieve geldboete wordt opgelegd, ingaan op een voorstel, vermeld in het eerste lid, wordt de inning geschorst voor het gedeelte van de boete dat kan komen te vervallen, als de voorgestelde maatregelen of maatregelenpakketten worden nageleefd.
Als wordt vastgesteld dat een maatregel of maatregelenpakket niet correct wordt nageleefd, komt de schorsing van de inning, vermeld in het derde lid, geheel of gedeeltelijk te vervallen.
Als wordt vastgesteld dat een maatregel of maatregelenpakket correct is nageleefd, komt het overeenkomstige gedeelde van de boete te vervallen.
De Vlaamse Regering kan nadere regels stellen.
§6. In afwijking van artikel 63 wordt geen administratieve geldboete, maar een waarschuwing gegeven aan de betrokkene, die een eenmalige, lichte administratieve overtreding heeft begaan.
Voor de toepassing van deze paragraaf, worden de volgende overtredingen beschouwd als een lichte administratieve overtreding:
- 1°een stavingsstuk bij de aangifte of het register, dat opgemaakt werd maar niet of niet correct bijgehouden werd als vermeld in artikel 63, §10, op voorwaarde dat de gegevens in de aangifte of het register, die door de betreffende stavingsstukken gestaafd dienden te worden, tijdig en correct aangegeven en geregistreerd werden;
- 2°het foutief bijhouden van een register als vermeld in artikel 24, §1;
- 3°een lichte overtreding in het kader van vervoer, als vermeld in artikel 63, §13;
- 4°het niet beschikken over een correct overzicht, als vermeld in artikel 63, §18, tweede lid, 1°, op voorwaarde dat de uitbater van de bewerkings- of verwerkingseenheid uiterlijk 2 maand na de ontvangst van de waarschuwing, vermeld in het eerste lid, alsnog een correct overzicht, als vermeld in artikel 24, §7, aan de Mestbank overmaakt.
Opdat er sprake kan zijn van een eenmalige, lichte administratieve overtreding als vermeld in het eerste lid, waarvoor een waarschuwing gegeven wordt, mag de landbouwer in de drie jaar voorafgaandelijk aan het begaan van de overtreding, geen soortgelijke overtreding hebben begaan.
§7. In afwijking van artikel 63, §20, wordt geen administratieve geldboete gegeven aan de betrokkene bij wie er in het jaar waarin een overschrijding van de tweede drempelwaarde is vastgesteld, weersomstandigheden vastgesteld zijn waardoor de hoeveelheid nitraatstikstof die in het najaar nog in de bodem aanwezig was significant hoger was dan gemiddeld, en waarbij de grootteorde van de overschrijding van de overeenkomstige tweede nitraatresidudrempelwaarde niet groter was dan het effect van de vastgestelde weersomstandigheden.
De Vlaamse Regering bepaalt nader:
- 1°de criteria waaraan voldaan moet zijn opdat er sprake is van weersomstandigheden die een significant effect hadden op de hoeveelheid nitraatstikstof die in het najaar nog in de bodem aanwezig was. De Vlaamse Regering kan bepalen dat hiervoor een advies van de adviescommissie, vermeld in artikel 8, §10, vereist is;
- 2°de wijze waarop voor een bepaald kalenderjaar vastgesteld moet worden dat er sprake is van weersomstandigheden als vermeld in punt 1°;
- 3°de wijze waarop het effect van de voor een bepaald kalenderjaar vastgestelde weersomstandigheden bepaald wordt.
De Vlaamse Regering kan hierbij een onderscheid maken tussen onder meer bepaalde gebieden, bepaalde gebiedstypes, bepaalde teelten en bepaalde bodemtexturen.