§ flandrepo

Tot wijziging van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 #313

Gemerged Koen DaniëlsHannelore GoemanLoes VandrommeGriet VanryckegemTom SeursGianna Werbrouck N-VA, Vooruit, cd&v voegde 16 artikels samen in decreet-1997-02-25 · 5 mei 2025 Alle checks geslaagd
Advies
DR de Raad van State 20 mei 2025 · 15 blz.
313/2 Officiële PDF
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
ingediend op313 (2024-2025) – Nr. 2 19 mei 2025 (2024-2025) Advies van de Raad van State over het voorstel van decreet van Koen Daniëls, Hannelore Goeman, Loes Vandromme, Griet Vanryckegem, Tom Seurs, Gianna Werbrouck en Peter Van Rompuy tot wijziging van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 Zie de documentenfiche op vlaamsparlement.be ‡LW-BJFZRAJDD-HHHDFVT‡ RAAD VAN STATE afdeling Wetgeving advies 77.735/1 van 19 mei 2025 over een voorstel van decreet ‘tot wijziging van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997’ (Parl.St. Vl.Parl. 2024-25, nr. 313/1) ‡LW-BJFZRAJDD-HHHDFVT‡ 2/14 advies Raad van State 77.735/1 Op 12 mei 2025 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de Voorzitster van het Vlaams Parlement verzocht binnen een termijn van vijf werkdagen een advies te verstrekken over een voorstel van decreet ‘tot wijziging van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997’ (Parl.St. Vl.Parl. 2024-25, nr. 313/1). Het voorstel is door de eerste kamer onderzocht op 15 mei 2025. De kamer was samengesteld uit Pierre LEFRANC, kamervoorzitter, Brecht STEEN en Tim CORTHAUT, staatsraden, Michel TISON, assessor, en Wim GEURTS, griffier. Het verslag is uitgebracht door Ronald VAN CROMBRUGGE, adjunct-auditeur. Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 19 mei 2025. * ‡LW-BJFZRAJDD-HHHDFVT‡ 77.735/1 advies Raad van State 3/14 STREKKING VAN HET VOORSTEL VAN DECREET 1.1. Het om advies voorgelegde voorstel van decreet strekt tot wijziging van verschillende bepalingen van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 en beoogt het systeem van eindtermen en ontwikkelingsdoelen in het basisonderwijs te hervormen, zowel inhoudelijk als procedureel. 1.2.1. Artikel 8, 1° tot 3° en 6°, van het voorstel wijzigt artikel 44 van het decreet basisonderwijs en brengt enkele fundamentele wijzigingen aan in het concept van de onderwijsdoelen in het basisonderwijs en de procedure voor de vaststelling ervan. In de eerste plaats verdwijnt het onderscheid tussen na te streven ontwikkelingsdoelen in het kleuteronderwijs en te bereiken eindtermen in het lager onderwijs. Voortaan is enkel sprake van “minimumdoelen”, die op het einde van het kleuteronderwijs, al naargelang het geval, op populatieniveau moeten worden nagestreefd of bereikt en voor het lager onderwijs moeten worden bereikt, al naargelang het geval op populatieniveau of op individueel niveau. Nieuw is dat voor het kleuteronderwijs voortaan op populatieniveau te bereiken minimumdoelen voor Nederlands en wiskunde worden vastgelegd, zij het dat die beperkt zijn voor Nederlands tot woordenschat en luistervaardigheid en voor wiskunde tot getalbegrip. Nieuw is ook dat voor het einde van het lager onderwijs minimumdoelen worden vastgelegd voor Nederlands en wiskunde die door de school bij elke leerling individueel moeten worden bereikt op het einde van het basisonderwijs met het oog op het verkrijgen van het getuigschrift basisonderwijs, al kan de klassenraad hiervan gemotiveerd afwijken. Verder wordt zowel voor het kleuteronderwijs als voor het lager onderwijs bepaald (voorgesteld artikel 44, § 2) op basis van welke vakdisciplines de minimumdoelen moeten worden vastgesteld. Tevens wordt gepreciseerd dat in minstens de helft van de ingerichte lestijden wordt gefocust op Nederlands en wiskunde. Het voorgestelde artikel 44, §§ 3 en 5, regelt de procedure waaronder de minimumdoelen worden vastgesteld. Voortaan worden de minimumdoelen ontwikkeld door een door de Vlaamse Regering aangestelde expertencommissie en vastgelegd bij decreet nadat verschillende instanties erover advies hebben verleend. Het voorgestelde artikel 44, § 3, legt ook de kwaliteitscriteria vast waaraan de minimumdoelen moeten voldoen. 1.2.2. Artikel 9, 1°, vervangt artikel 44bis van het decreet basisonderwijs dat de mogelijkheid voor schoolbesturen regelt om een aanvraag tot gelijkwaardigheid in te dienen als zij van oordeel zijn dat de minimumdoelen onvoldoende ruimte laten voor de eigen pedagogische en onderwijskundige opvattingen. Voortaan kan geen gelijkwaardigheid meer worden gevraagd voor de “op individueel niveau te bereiken” minimumdoelstellingen op het einde van het lager onderwijs. 1.2.3. Ten slotte brengt artikel 12 enkele wijzigingen aan in artikel 45 van het decreet basisonderwijs dat bepaalt hoe de leerplannen tot stand komen. Enerzijds wordt gepreciseerd hoe ‡LW-BJFZRAJDD-HHHDFVT‡ 4/14 advies Raad van State 77.735/1 de leerplannen de vastgestelde minimumdoelen weerspiegelen en anderzijds wordt AHOVOKS1 voortaan bevoegd om de door de schoolbesturen ontwikkelde leerplannen goed te keuren. 1.3. Artikel 2 van het voorstel brengt in artikel 3 van het decreet basisonderwijs een aantal wijzigingen aan teneinde een aantal definities aan te passen of in te voegen in het kader van de hierboven geschetste wijzigingen. De overige bepalingen van het voorstel (de artikelen 3, 4, 5, 6, 7, 8, 4° tot 5° en 7° tot 9°, 10, 11, 12, 2° en 4°, 13, 14, 15, 16, 17, en 18) stemmen de andere bepalingen van het decreet basisonderwijs terminologisch af op de doorgevoerde wijzigingen. 1.4. Luidens artikel 19 treedt de voorgestelde regeling in werking op 1 september 2025, met uitzondering van de bepalingen die louter betrekking hebben op de procedure voor de vaststelling van de minimumdoelen (artikel 8, 3° en 6°), die in werking zullen treden op de dag die volgt op de bekendmaking van de voorgestelde regeling in het Belgisch Staatsblad. ONTVANKELIJKHEID VAN DE ADVIESAANVRAAG 2. Volgens artikel 84, § 1, eerste lid, 3°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, moeten in de adviesaanvraag de redenen worden opgegeven tot staving van het spoedeisende karakter ervan. In het onderhavige geval wordt het verzoek om spoedbehandeling in de adviesaanvraag als volgt gemotiveerd: “Het verzoek om spoedbehandeling is gemotiveerd door de dringende noodzaak om zo snel mogelijk structureel en doelgericht in te grijpen in de dalende onderwijskwaliteit in Vlaanderen. Zoals …
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd