§ flandrepo
16 regels · van kracht sinds 7 mei 2026

Artikel 7.8.2

§1. Met behoud van de toepassing van de verplichtingen, vermeld in artikel 7.8.1, verplicht de Vlaamse Regering de overheidsinstanties om jaarlijks een energiebesparing in hun verwarmde en/of gekoelde gebouwen en gebouweenheden in volle eigendom, erfpacht of opstal te realiseren die minstens equivalent is aan de energiebesparing door renovatie van minstens drie procent van de totale bruikbare vloeroppervlakte van verwarmde en/of gekoelde gebouwen en gebouweenheden die overheidsinstanties in volle eigendom, erfpacht of opstal hebben, tot een minimaal energieprestatieniveau dat de Vlaamse Regering bepaalt.

De totale bruikbare vloeroppervlakte, vermeld in het eerste lid, wordt berekend op basis van de vloeroppervlakte van alle verwarmde en gekoelde gebouwen met een bruikbare vloeroppervlakte van meer dan 250 m², met uitsluiting van alle gebouwen en gebouweenheden die op 1 januari 2024 voldoen aan de minimale energieprestatieniveaus die de Vlaamse Regering bepaalt. De Vlaamse Regering kan, met inachtneming van kostenefficiëntie en technische vereisten, categorieën van gebouwen of gebouweenheden uitsluiten bij de berekening van de totale bruikbare vloeroppervlakte.

In afwijking van het tweede lid wordt in geval van een site met meerdere gebouwen van een overheidsinstantie die alle zijn aangesloten op één hoofd-meter en waarbij er geen submeters zijn voorzien, voor de berekening van de totale bruikbare vloeroppervlakte de vloeroppervlaktes gebruikt van alle verwarmde en/of gekoelde gebouwen ongeacht het feit of de bruikbare vloeroppervlakte van die individuele gebouwen op die site meer of minder is dan 250 m².

§2. In afwijking van paragraaf 1 kan de Vlaamse Regering afwijkende normen voor renovatie bepalen voor de volgende categorieën van gebouwen en gebouweenheden:

  1. 1°beschermde monumenten of gebouwen of gebouweenheden die deel uitmaken van een beschermd cultuurhistorisch landschap, stads- of dorpsgezicht of gebouwen die opgenomen zijn in de vastgestelde inventaris van het bouwkundige erfgoed als de toepassing van de eisen, vermeld in paragraaf 1, hun karakter of aanzicht op onaanvaardbare wijze zou veranderen;
  2. 2°gebouwen of gebouweenheden in eigendom van defensie of gebouwen die gebruikt worden voor defensiedoeleinden, met uitzondering van de vrijstaande woongebouwen of kantoorgebouwen;
  3. 3°gebouwen of gebouweenheden die worden gebruikt voor erediensten en religieuze activiteiten.

De renovatie van een gebouw of gebouweenheid, vermeld in het eerste lid, draagt bij tot de verplichting, vermeld in paragraaf 1.

§3. De Vlaamse Regering kan een overheidsinstantie vrijstellen van de verplichting, vermeld in paragraaf 1, als het niet technisch, functioneel of economisch mogelijk is om het gebouw of de gebouweenheid te renoveren tot de minimale energieprestatieniveaus, vermeld in paragraaf 1. De Vlaamse Regering kan daarbij een onderscheid maken naar type van gebouw.

De Vlaamse Regering kan gebouwen en gebouweenheden voor sociale huisvesting vrijstellen van de verplichting, vermeld in paragraaf 1, als de benodigde investeringen niet kostenneutraal uitgevoerd kunnen worden of leiden tot verhoogde huurprijzen die de verlaging van de energiefactuur door renovatie overstijgen. De Vlaamse Regering kan bepalen aan welke criteria moet worden voldaan om als kostenneutraal te worden beschouwd.

De renovatie van een gebouw waarvoor een vrijstelling als vermeld in het eerste en tweede lid is verleend, draagt niet bij tot de verplichting, vermeld in paragraaf 1.

§4. Een overheidsinstantie die in uitvoering van de verplichtingen, vermeld in paragraaf 1 tot en met 3, in een kalenderjaar een energiebesparing realiseert die groter is dan de energiebesparing die gepaard gaat met een renovatie van drie procent van de totale bruikbare vloeroppervlakte van haar gebouwen of gebouweenheden kan:

  1. 1°tot en met 31 december 2026, het overschot meetellen bij de vereiste energiebesparing van een van de drie jaren daarna;
  2. 2°vanaf 1 januari 2027 het overschot optellen bij de vereiste energiebesparing van de twee volgende jaren.

§4/1. De overheidsinstanties gaan bij de uitvoering van de verplichtingen, vermeld in paragraaf 1, na of voor de renovatie van grote niet voor bewoning bestemde gebouwen met een totale bruikbare vloeroppervlakte van meer dan 750 m² het gebruik van energieprestatiecontracten en andere op prestaties gebaseerde energiediensten haalbaar is. De Vlaamse Regering kan nadere regels vastleggen om te bepalen onder welke voorwaarden het voormelde gebruik haalbaar wordt geacht.

§5. De Vlaamse Regering kan nadere vereisten bepalen waaraan de overheidsinstanties voldoen om aan te tonen dat de verplichtingen, vermeld in dit artikel, zijn vervuld.

Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd