Artikel 3.36
Het misdrijf, bedoeld in artikel 3.34 of 3.35, wordt gestraft met een straf van niveau 3, of met een straf van niveau 1, in volgende gevallen:
- 1°als van de betrokken activiteit een gewoonte wordt gemaakt,
- 2°als het een daad van deelneming aan de hoofd- of bijkomende bedrijvigheid van een vereniging betreft, ongeacht of de schuldige de hoedanigheid van leidend persoon heeft.
In afwijking van artikel 36, negende lid, artikel 38, negende lid, en artikel 52 van het Strafwetboek bedraagt de maximale geldboete altijd 800.000 euro voor het misdrijf, vermeld in het eerste lid.