Bij de begroting 2022 #986
Gemerged Vlaamse Regering voegde 47 artikels samen in decreet-2002-07-05codex-wonendecreet-2020-04-03 · 28 oktober 2021 10 checks vragen aandacht
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
Documenten in het dossier:
(2021-2022)
(2021-2022)
– Nr. 1: Ontwerp van programmadecreet + Addendum
– Nr. 2: Verslag
– Nr. 1: Ontwerp van decreet + Bijlagen
verzendcode: BEG
ingediend op 7 december 2021 (2021-2022)
Verslag
namens de Commissie voor Binnenlands Bestuur,
Gelijke Kansen en Inburgering
uitgebracht door Maaike De Vreese
over het ontwerp van programmadecreet
bij de begroting 2022
Hoofdstuk 2. Financiering lokale besturen
Hoofdstuk 8. Inwerkingtreding
Samenstelling van de Commissie voor Binnenlands Bestuur, Gelijke Kansen en Inburgering:
Voorzitter: Kris Van Dijck.
Vaste leden:
Maaike De Vreese, Nadia Sminate, Annabel Tavernier, Kris Van Dijck, Paul Van Miert;
Yves Buysse, Chris Janssens, Sam Van Rooy;
Katrien Partyka, Brecht Warnez;
Tom Ongena, Bart Tommelein;
An Moerenhout, Jeremie Vaneeckhout;
Maxim Veys.
Plaatsvervangers:
Piet De Bruyn, Andries Gryffroy, Bert Maertens, Freya Perdaens, Elke Sleurs;
Adeline Blancquaert, Guy D’haeseleer, Kristof Slagmulder;
Koen Van den Heuvel, Hilâl Yalçin;
Stephanie D’Hose, Emmily Talpe;
Meyrem Almaci, Celia Groothedde;
Kurt De Loor.
Toegevoegde leden:
Lise Vandecasteele.
De Commissie voor Binnenlands Bestuur, Gelijke Kansen en Inburgering besprak op
9, 16 en 23 november 2021 het ontwerp van programmadecreet bij de begroting
2022. De bespreking had betrekking op hoofdstuk 2 (Financiering lokale besturen)
en hoofdstuk 8 (Inwerkingtreding).
(De vergaderingen van 9 en 23 november 2021 werden als videoconferentie georganiseerd; de vergadering van 16 november 2021 werd als hybride vergadering
georganiseerd.)
1. Toelichting door Bart Somers, viceminister-president van de Vlaamse
Regering en Vlaams minister van Binnenlands Bestuur, Bestuurszaken,
Inburgering en Gelijke Kansen
Minister Bart Somers zegt dat er twee aanpassingen worden voorgesteld inzake de
financiering van lokale besturen. De eerste aanpassing heeft betrekking op enkele
technische bijstellingen van het decreet tot vaststelling van de regels inzake de
dotatie en de verdeling van het Vlaams Gemeentefonds. Hiervoor worden twee
optimalisaties toegepast en een aanpassing als gevolg van onaangepaste regelgeving.
Momenteel wordt de dotatie uit het Gemeentefonds per kwartaal uitbetaald. Maar
omwille van de negatieve rente die banken toepassen op thesaurierekeningen
brengt dit een kost met zich mee voor lokale besturen. Dit wil men vermijden door
de dotatie uit het Gemeentefonds in kleinere schijven uit te betalen, namelijk tien
keer per jaar in plaats van vier keer per jaar. Op vraag van de lokale besturen
schakelt men daarom over op een maandelijkse uitbetaling van januari tot oktober.
De tweede optimalisatie heeft betrekking op de besluitvormingsprocedure voor de
toekenning van de dotatie van het Gemeentefonds. Door een hiaat bij de invoering
van de nieuwe Vlaamse Codex Overheidsfinanciën (VCO) in 2020 is de administratie
verplicht om elk jaar de bedragen van het Gemeentefonds aan de Inspectie van
Financiën en voor begrotingsakkoord voor te leggen. Dit is echter nutteloos aangezien het gaat om een automatische subsidie zonder enige beoordeling. Deze exantecontrole wordt via een passage in het ontwerp van programmadecreet nu vermeden. De minister zal dit hiaat ook laten meenemen in de evaluatie van de VCO
dit najaar.
Een laatste wijziging heeft betrekking op de relatie tussen de hoogte van de gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing (OOV) en de dotatie die
gemeenten krijgen vanuit het Gemeentefonds. Gemeenten die vandaag een niveau
voor de OOV vaststellen dat lager is dan een bepaalde drempelwaarde, worden
gesanctioneerd via hun dotatie uit het Gemeentefonds. Deze drempelwaarde ligt
vandaag op 441 opcentiemen, maar er wordt momenteel niet bepaald hoe de gemeentelijke hoogte van de OOV berekend wordt wanneer gemeenten hun OOV
differentiëren. Zoals bekend is dat een mogelijkheid die lokale besturen hebben
sinds 2019.
Vandaar dat de minister hierover duidelijkheid wil scheppen en bepaalt dat in het
Gemeentedecreet de hoogte van de opcentiemen op de onroerende voorheffing
van een specifieke gemeente in relatie tot deze drempelwaarde voortaan bepaald
wordt als het gewogen gemiddelde van de verschillende tarieven die deze gemeente toepast. Deze drempelwaarde zelf wijzigt dus niet, enkel de manier waarop
men de hoogte van de OOV van een specifieke gemeente beschouwt.
De tweede aanpassing betreft een subsidie vanuit de Vlaamse Regering aan lokale
besturen ter compensatie van hun minderontvangsten uit energiedividenden. Om
de financiën van de lokale besturen gezond te houden, kent men vanaf 2022 tot
2026 extra bedragen toe. Deze komen overeen met respectievelijk 50, 40, 30, 20
en 10 percent van de totale op 14 oktober 2021 geraamde minderontvangsten uit
deze dividenden.
Het aandeel van elke individuele gemeente in de subsidie is opgenomen in de bijlage bij het ontwerp van programmadecreet. Deze aandelen zijn gebaseerd op drie
parameters: een derde volgens haar respectieve aandeel in de geraamde minderontvangsten uit dividenden voor de jaren 2022, 2023, 2024, 2025 en 2026 ten
opzichte van het jaar 2020; een derde volgens haar respectieve aandeel in de
dividenden voor het jaar 2020; en een derde volgens haar respectieve aandeel in
de dividenden voor het jaar 2021. Op die manier wil men tot een faire verdeling
van de compensatie komen.
2. Bespreking
Hiervoor wordt verwezen naar het verslag van de bespreking van het ontwerp van
decreet houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap
voor het begrotingsjaar 2022 (Parl.St. Vl.Parl. 2021-22, nr. 15/6-A).
3. Stemmingen
Hoofdstuk 2 en hoofdstuk 8 van het ontwerp van programmadecreet bij de begroting
2022 worden aangenomen met 8 stemmen tegen 4.
Kris VAN DIJCK,
voorzitter
Maaike DE VREESE,
verslaggever