§ flandrepo

Decreet tot wijziging van artikel 12/3 en 12/4 van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers en artikel 13/6 van het decreet houdende sociaalrechtelijk toezicht van 30 april 2004

Vlaamse Regering #311 Staatsblad 16 juli 2025 NUMAC 2025005298
2 artikels gewijzigd
+3 −3 decreet-houdende-sociaalrechtelijk-toezicht/art. 13/6
112° een buitenlandse onderdaan heeft beloofd, tegen betaling van welke vergoeding ook, hetzij een betrekking voor hem te zoeken, hetzij hem een betrekking te bezorgen, hetzij formaliteiten te vervullen voor zijn tewerkstelling in België;112° een buitenlandse onderdaan heeft beloofd, tegen betaling van welke vergoeding ook, hetzij een betrekking voor hem te zoeken, hetzij hem een betrekking te bezorgen, hetzij formaliteiten te vervullen voor zijn tewerkstelling in België;
123° van een buitenlandse onderdaan een vergoeding in welke vorm ook heeft gevraagd of aangenomen, hetzij om voor hem een betrekking te zoeken, hetzij om hem een betrekking te bezorgen, hetzij om formaliteiten te vervullen voor zijn tewerkstelling in België;123° van een buitenlandse onderdaan een vergoeding in welke vorm ook heeft gevraagd of aangenomen, hetzij om voor hem een betrekking te zoeken, hetzij om hem een betrekking te bezorgen, hetzij om formaliteiten te vervullen voor zijn tewerkstelling in België;
134° zijn opgetreden tussen:
134° is opgetreden tussen de volgende personen en autoriteiten en daarbij daden heeft gesteld die die personen of autoriteiten op een dwaalspoor kunnen brengen:
14a) een buitenlandse onderdaan en een werkgever;14a) een buitenlandse onderdaan en een werkgever;
15b) een buitenlandse onderdaan en de autoriteiten die zijn belast met de toepassing van deze wet of de uitvoeringsbesluiten ervan of de controle en het toezicht op de wet of de uitvoeringsbesluiten ervan;15b) een buitenlandse onderdaan en de autoriteiten die zijn belast met de toepassing van deze wet of de uitvoeringsbesluiten ervan of met de controle en het toezicht op deze wet of de uitvoeringsbesluiten ervan;
16c) een werkgever en de vermelde autoriteiten en waarbij daden zijn gesteld die hetzij die buitenlandse onderdaan, hetzij de werkgever, hetzij de vermelde autoriteiten op een dwaalspoor kunnen brengen.
16c) een werkgever en de autoriteiten, vermeld in punt b).
17§ 5. Onder de voorwaarden, vermeld in dit decreet, en als de feiten ook voor strafvervolging vatbaar zijn, kan voor de volgende inbreuken op de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers en de uitvoeringsbesluiten ervan, een administratieve geldboete opgelegd worden van 300 euro tot 3000 euro aan :17§ 5. Onder de voorwaarden, vermeld in dit decreet, en als de feiten ook voor strafvervolging vatbaar zijn, kan voor de volgende inbreuken op de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers en de uitvoeringsbesluiten ervan, een administratieve geldboete opgelegd worden van 300 euro tot 3000 euro aan :
181° een aannemer, buiten het kader van een keten van onderaannemers, of een intermediaire aannemer, in het kader van een dergelijke keten, als hun rechtstreekse onderaannemer een inbreuk als vermeld in artikel 12/2 van de voormelde wet, pleegt;181° een aannemer, buiten het kader van een keten van onderaannemers, of een intermediaire aannemer, in het kader van een dergelijke keten, als hun rechtstreekse onderaannemer een inbreuk als vermeld in artikel 12/2 van de voormelde wet, pleegt;
+4 −4 decreet-houdende-sociaalrechtelijk-toezicht/art. 13/6
16c) een werkgever en de autoriteiten, vermeld in punt b).16c) een werkgever en de autoriteiten, vermeld in punt b).
17§ 5. Onder de voorwaarden, vermeld in dit decreet, en als de feiten ook voor strafvervolging vatbaar zijn, kan voor de volgende inbreuken op de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers en de uitvoeringsbesluiten ervan, een administratieve geldboete opgelegd worden van 300 euro tot 3000 euro aan :17§ 5. Onder de voorwaarden, vermeld in dit decreet, en als de feiten ook voor strafvervolging vatbaar zijn, kan voor de volgende inbreuken op de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers en de uitvoeringsbesluiten ervan, een administratieve geldboete opgelegd worden van 300 euro tot 3000 euro aan :
181° een aannemer, buiten het kader van een keten van onderaannemers, of een intermediaire aannemer, in het kader van een dergelijke keten, als hun rechtstreekse onderaannemer een inbreuk als vermeld in artikel 12/2 van de voormelde wet , pleegt;181° een opdrachtgever of een aannemer, buiten het kader van een keten van onderaannemers, of een intermediaire aannemer, in het kader van een dergelijke keten, als hun rechtstreekse aannemer of onderaannemer een inbreuk als vermeld in artikel 12/1, §1, en 12/2 van de voormelde wet en artikel 22, 1°, van het decreet van 15 oktober 2021 over de uitoefening van zelfstandige beroepsactiviteiten door buitenlandse onderdanen en de uitvoeringsbesluiten ervan, pleegt;
192° een hoofdaannemer en intermediaire aannemer, in het kader van een keten van onderaannemers, als hun onrechtstreekse onderaannemer een inbreuk als vermeld in artikel 12/2 van de voormelde wet , pleegt, als ze, voorafgaand aan de door hen gepleegde inbreuk, op de hoogte zijn van het feit dat hun onrechtstreekse onderaannemer een of meer illegaal verblijvende onderdanen van derde landen tewerkstelt;192° een opdrachtgever of een hoofdaannemer en intermediaire aannemer, in het kader van een keten van onderaannemers, als hun onrechtstreekse onderaannemer een inbreuk als vermeld in artikel 12/1, §1, en 12/2 van de voormelde wet en artikel 22, 1°, van het decreet van 15 oktober 2021 over de uitoefening van zelfstandige beroepsactiviteiten door buitenlandse onderdanen en de uitvoeringsbesluiten ervan, pleegt, als ze, voorafgaand aan de door hen gepleegde inbreuk, op de hoogte zijn van het feit dat hun onrechtstreekse onderaannemer een of meer illegaal verblijvende onderdanen van derde landen tewerkstelt;
203° de opdrachtgever, buiten het kader van een onderaanneming, als zijn aannemer een van de inbreuken, vermeld in artikel 12/2 van de voormelde wet , pleegt, als de opdrachtgever, voorafgaand aan de door hem gepleegde inbreuk, op de hoogte is van het feit dat zijn aannemer een of meer illegaal verblijvende onderdanen van derde landen tewerkstelt;203° de opdrachtgever-natuurlijke persoon die een beroep doet op een aannemer voor uitsluitend privédoeleinden, buiten het kader van een onderaanneming, als zijn aannemer een van de inbreuken, vermeld in artikel 12/1, §1, en 12/2 van de voormelde wet en artikel 22, 1°, van het decreet van 15 oktober 2021 over de uitoefening van zelfstandige beroepsactiviteiten door buitenlandse onderdanen en de uitvoeringsbesluiten ervan, pleegt, als de opdrachtgever-natuurlijke persoon die een beroep doet op een aannemer voor uitsluitend privédoeleinden, voorafgaand aan de door hem gepleegde inbreuk, op de hoogte is van het feit dat zijn aannemer een of meer illegaal verblijvende onderdanen van derde landen tewerkstelt;
214° de opdrachtgever, binnen het kader van een onderaanneming, als de na zijn aannemer rechtstreeks of onrechtstreeks komende onderaannemer een inbreuk als vermeld in artikel 12/2 van de voormelde wet, pleegt, als de opdrachtgever, voorafgaand aan de door hem gepleegde inbreuk, op de hoogte is van het feit dat de na zijn aannemer rechtstreeks of onrechtstreeks komende onderaannemer een of meer illegaal verblijvende onderdanen van derde landen tewerkstelt.
214° ...
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd