§ flandrepo

Decreet over de weginfrastructuur en het wegenbeleid en de waterinfrastructuur en het waterbeleid

Vlaamse Regering #1986 Staatsblad 26 april 2024 NUMAC 2024003984
13 artikels gewijzigd
+3 −0 decreet-2013-05-03/art. 2
1In dit decreet wordt verstaan onder :1In dit decreet wordt verstaan onder :
21° algemeen reglement op de politie van het wegverkeer : het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg en de daaruit volgende toepassingsbesluiten;21° algemeen reglement op de politie van het wegverkeer : het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg en de daaruit volgende toepassingsbesluiten;
31°/1 emissiearm voertuig: een zwaar bedrijfsvoertuig dat geen emissievrij zwaar bedrijfsvoertuig is, vermeld in artikel 3, punt 12, van verordening (EU) 2019/1242 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 tot vaststelling van CO2­emissienormen voor nieuwe zware bedrijfsvoertuigen en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 595/2009 en (EU) 2018/956 van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 96/53/EG van de Raad;
41°/2 emissievrij voertuig: een emissievrij zwaar bedrijfsvoertuig als vermeld in artikel 3, punt 11, van verordening (EU) 2019/1242 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 tot vaststelling van CO2-emissienormen voor nieuwe zware bedrijfsvoertuigen en tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 595/2009 en (EU) 2018/956 van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 96/53/EG van de Raad;
51°/3 milieuvriendelijk uitzonderlijk vervoer: het vervoer van deelbare ladingen verricht met een emissievrij of emissiearm voertuig of een combinatie van voertuigen getrokken door een emissievrij of emissiearm voertuig waarvan de afmetingen, de eigen massa, de massa onder de assen of de massa in beladen toestand, door zijn constructie of samenstelling, de maxima overschrijden die zijn bepaald in het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en in het technisch reglement;
32° onderneming : natuurlijke persoon of rechtspersoon die overeenkomstig artikel 1384 van het Burgerlijk Wetboek burgerrechtelijk aansprakelijk is voor de overtreder;62° onderneming : natuurlijke persoon of rechtspersoon die overeenkomstig artikel 1384 van het Burgerlijk Wetboek burgerrechtelijk aansprakelijk is voor de overtreder;
43° overtreder : natuurlijke persoon of rechtspersoon die een inbreuk pleegt op dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan;73° overtreder : natuurlijke persoon of rechtspersoon die een inbreuk pleegt op dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan;
+6 −0 decreet-2013-05-03/art. 13/7 nieuw
1Het milieuvriendelijk uitzonderlijk vervoer is alleen mogelijk in het kader van een door de Vlaamse Regering opgezet pilootproject en onder de volgende voorwaarden:
21° de voertuigen of combinaties van voertuigen voldoen aan de volgende voorwaarden:
3a) de lengte van de sleep bedraagt niet meer dan 22 meter;
4b) de hoogte van het voertuig bedraagt niet meer dan 4,30 meter;
5c) de voertuigen en de combinaties van voertuigen voldoen, op het vlak van massa’s, aan de bepalingen van het technisch reglement;
62° er wordt, in de vergunningsaanvraag, aangetoond dat het laadvolume van het voertuig of de sleep niet hoger is dan het laadvolume van een vergelijkbaar klassiek aangedreven voertuig of een vergelijkbare klassiek aangedreven combinatie.
+6 −0 decreet-2013-05-03/art. 13/8 nieuw
1De Vlaamse Regering bepaalt de volgende aspecten van het pilootproject, vermeld in artikel 13/7:
21° de start­ en einddatum;
32° de toegelaten voertuigen of voertuigcombinaties;
43° de technische voorwaarden van de voertuigen en combinaties van voertuigen;
54° de aard van de lading die vervoerd mag worden.
6De Vlaamse Regering kan het maximum aantal vergunningen bepalen dat in het kader van het pilootproject kan worden uitgereikt.
+2 −0 decreet-2013-05-03/art. 13/9 nieuw
1De Vlaamse Regering kan in het kader van het pilootproject, vermeld in artikel 13/7, het milieuvriendelijk uitzonderlijk vervoer beperken tot de trajecten of gebieden die ze bepaalt.
2De Vlaamse Regering kan in het kader van het pilootproject, vermeld in artikel 13/7, het milieuvriendelijk uitzonderlijk vervoer verbieden op bepaalde tijdstippen, plaatsen of in bepaalde omstandigheden, of het onderwerpen aan bepaalde voorwaarden.
+4 −0 decreet-2013-05-03/art. 13/10 nieuw
1Met het oog op het uitreiken van een vergunning in het kader van het pilootproject, vermeld in artikel 13/7, bepaalt de Vlaamse Regering de volgende elementen:
21° de inhoud van de vergunning. De vergunning vermeldt minstens de maatregelen om schade aan de verkeersinfrastructuur te voorkomen en om het milieuvriendelijk uitzonderlijk vervoer veilig te laten verlopen;
32° de procedure voor de aanvraag en de afgifte van de vergunning.
4De Vlaamse Regering kan voor het uitreiken van de vergunning, vermeld in het eerste lid, en het gebruik van de verkeersinfrastructuur voor milieuvriendelijk uitzonderlijk vervoer een vergoeding bepalen.
+1 −0 decreet-2013-05-03/art. 13/11 nieuw
1In het kader van het pilootproject, vermeld in artikel 13/7, kan de Vlaamse Regering bepalen dat de dienst van de Vlaamse administratie die ze aanwijst op de hoogte gebracht wordt van het tijdstip en de gevolgde reisweg en de voertuigen van het milieuvriendelijk uitzonderlijk vervoer. De Vlaamse Regering bepaalt in dat geval ook de wijze waarop dat gebeurt en de eventuele uitzonderingen.
+1 −0 decreet-2013-05-03/art. 13/12 nieuw
1Het pilootproject, vermeld in artikel 13/7, wordt geëvalueerd. De Vlaamse Regering bepaalt de frequentie van evaluatie en de procedure voor de evaluatie van het project.
+1 −1 decreet-2013-05-03/art. 17
1§ 1. Voor inbreuken op dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan kunnen de door de Vlaamse Regering aangewezen wegeninspecteurs-controleurs en de Vlaamse Regering in graad van beroep een administratieve geldboete opleggen overeenkomstig de hierna bepaalde regels.1§ 1. Voor inbreuken op dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan kunnen de door de Vlaamse Regering aangewezen wegeninspecteurs-controleurs en de Vlaamse Regering in graad van beroep een administratieve geldboete opleggen overeenkomstig de hierna bepaalde regels.
2§ 2. Het tarief van de administratieve geldboete is gelijk aan de minimumgeldboete, vermeld in artikel 14, verhoogd met de opdeciemen.2§ 2. Het tarief van de administratieve geldboete is gelijk aan de minimumgeldboete, vermeld in artikel 14, verhoogd met de opdeciemen.
3In afwijking van het eerste lid kan de Vlaamse Regering, voor specifieke inbreuken, het tarief van de administratieve geldboete bepalen op een bedrag dat hoger ligt dan de minimumgeldboete, vermeld in artikel 14, verhoogd met de opdeciemen, zonder evenwel de maximumgeldboete, vermeld in artikel 14, verhoogd met de opdeciemen, te overschrijden.3In afwijking van het eerste lid is het tarief van de administratieve geldboete voor de inbreuken die de Vlaamse Regering bepaalt, gelijk aan een bedrag dat de Vlaamse Regering bepaalt, verhoogd met de opdeciemen. Het voormelde bedrag ligt hoger dan de minimumgeldboete, vermeld in artikel 14, en is hoogstens gelijk is aan de maximumgeldboete, vermeld in artikel 14.
4Als een overtreder binnen de positieve referentieperiode opnieuw een inbreuk op dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan pleegt, kan de administratieve geldboete bepaald worden op het dubbel van de administratieve geldboete, vermeld in het eerste of het tweede lid.4Als een overtreder binnen de positieve referentieperiode opnieuw een inbreuk op dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan pleegt, kan de administratieve geldboete bepaald worden op het dubbel van de administratieve geldboete, vermeld in het eerste of het tweede lid.
5In het derde lid wordt verstaan onder positieve referentieperiode : de periode van drie jaar die volgt op de datum waarop een definitieve administratieve geldboete of een definitieve strafrechtelijke sanctie is opgelegd wegens een inbreuk op dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan.5In het derde lid wordt verstaan onder positieve referentieperiode : de periode van drie jaar die volgt op de datum waarop een definitieve administratieve geldboete of een definitieve strafrechtelijke sanctie is opgelegd wegens een inbreuk op dit decreet of de uitvoeringsbesluiten ervan.
+5 −3 decreet-2022-01-21/art. 80
1De volgende categorieën van vaartuigen zijn van de betaling van scheepvaartrechten of andere retributies als vermeld in artikel 79 vrijgesteld:1§1. De volgende categorieën van vaartuigen zijn van de betaling van scheepvaartrechten of andere retributies als vermeld in artikel 79 vrijgesteld:
21° vaartuigen die bestemd zijn voor openbaar personenvervoer te water, zoals veren waarmee door of in opdracht van een overheid veerdiensten worden aangeboden;21° vaartuigen die bestemd zijn voor openbaar personenvervoer te water, zoals veren waarmee door of in opdracht van een overheid veerdiensten worden aangeboden;
32° schepen die zich voor de vervulling van openbare diensten door of in opdracht van een overheid verplaatsen;32° schepen die zich voor de vervulling van openbare diensten door of in opdracht van een overheid verplaatsen;
54° ijsbrekers, wanneer zij worden ingezet om ijsvorming te bestrijden;54° ijsbrekers, wanneer zij worden ingezet om ijsvorming te bestrijden;
65° schepen die bij vloed of wanneer het nodig is het water geheel of gedeeltelijk af te laten worden verhaald naar plaatsen waar ze de vrije loop van het water niet kunnen hinderen, en die later, wanneer de oorzaak van verplaatsing opgehouden heeft, naar hun eerste ligplaats terugkeren;65° schepen die bij vloed of wanneer het nodig is het water geheel of gedeeltelijk af te laten worden verhaald naar plaatsen waar ze de vrije loop van het water niet kunnen hinderen, en die later, wanneer de oorzaak van verplaatsing opgehouden heeft, naar hun eerste ligplaats terugkeren;
76° schepen gebruikt voor de uitvoering van werkzaamheden van onderhoud of verbetering der waterwegen door of in opdracht van de waterwegbeheerder, of voor vervoer verband houdende met deze werkzaamheden, voor zover die schepen zich met het oog op de uitvoering van de opdracht verplaatsen.76° schepen gebruikt voor de uitvoering van werkzaamheden van onderhoud of verbetering der waterwegen door of in opdracht van de waterwegbeheerder, of voor vervoer verband houdende met deze werkzaamheden, voor zover die schepen zich met het oog op de uitvoering van de opdracht verplaatsen;
87° bijboten terwijl ze worden ingezet voor het aan en van boord brengen van personen en goederen, en bij redding, berging en werkzaamheden.
8Met uitzondering van de categorieën van vaartuigen, vermeld in punt 1° en 3° van het eerste lid, moet een schip dat in een van de hierboven vermelde uitzonderingsgevallen verkeert, zich bij het binnenvaren in het bevoegdheidsgebied van een waterwegbeheerder of bij de afvaart binnen het bevoegdheidsgebied melden bij de waterwegbeheerder, die het kosteloos een vaarvergunning verleent.9Met uitzondering van de categorieën van vaartuigen, vermeld in het eerste lid, 1°, 3° en 7°, moet een schip dat in een van de hierboven vermelde uitzonderingsgevallen verkeert, zich bij het binnenvaren in het bevoegdheidsgebied van een waterwegbeheerder of bij de afvaart binnen het bevoegdheidsgebied melden bij de waterwegbeheerder, die het kosteloos een vaarvergunning verleent.
10§2. Woonvaartuigen die beschikken over een geldige vergunning of concessie om een ligplaats in te nemen, als ze zich op hun ligplaats bevinden, of als ze gesleept worden naar een andere locatie, zijn vrijgesteld van de betaling van de retributie, vermeld in artikel 79, om een waterwegenvergunning te verkrijgen.
+2 −0 decreet-2022-01-21/art. 133
32° de organisator van een activiteit of evenement als vermeld in artikel 29 die niet beschikt over een toelating van de beheerder van het jaagpad;32° de organisator van een activiteit of evenement als vermeld in artikel 29 die niet beschikt over een toelating van de beheerder van het jaagpad;
43° degene die zich schuldig maakt aan een overtreding van artikel 34;43° degene die zich schuldig maakt aan een overtreding van artikel 34;
53°/1 degene die zich schuldig maakt aan een overtreding van artikel 39;
63°/2 degene die zich schuldig maakt aan de miskenning van een tijdelijk verbod of een tijdelijke beperking als vermeld in artikel 41.
54° degene die zich schuldig maakt aan een overtreding van artikel 46;74° degene die zich schuldig maakt aan een overtreding van artikel 46;
65° de eigenaar of de exploitant van een schip dat de binnenwateren bevaart zonder aan de krachtens artikel 47 opgelegde verplichting te hebben voldaan;85° de eigenaar of de exploitant van een schip dat de binnenwateren bevaart zonder aan de krachtens artikel 47 opgelegde verplichting te hebben voldaan;
+1 −1 decreet-2022-01-21/art. 198
1In afwijking van artikel 196, treden artikel 42, 166 en 167 in werking op 1 januari 2024.1In afwijking van artikel 196, treden artikel 42, 166 en 167 in werking op 1 januari 2026.
+1 −0 decreet-2004-04-02/art. 5
258° quinquies het toezicht op de naleving en de bestuurlijke handhaving van de regels van politie over het verkeer op de waterwegen;258° quinquies het toezicht op de naleving en de bestuurlijke handhaving van de regels van politie over het verkeer op de waterwegen;
268° sexies het uitvoeren van de voorschriften voor de waterwegen en havens met betrekking tot het vervoer van gevaarlijke goederen over de binnenwateren, met uitzondering van de voorschriften voor het vervoer van radioactieve stoffen, explosieven en dierlijke stoffen die een gevaar vormen voor de bevolking. De vennootschap is ook belast met het toezicht op de naleving en de bestuurlijke handhaving van die voorschriften;268° sexies het uitvoeren van de voorschriften voor de waterwegen en havens met betrekking tot het vervoer van gevaarlijke goederen over de binnenwateren, met uitzondering van de voorschriften voor het vervoer van radioactieve stoffen, explosieven en dierlijke stoffen die een gevaar vormen voor de bevolking. De vennootschap is ook belast met het toezicht op de naleving en de bestuurlijke handhaving van die voorschriften;
278° septies het optreden als de vervolgingsinstantie en beboetingsinstantie, vermeld in artikel 135, eerste lid, van het Scheepvaartdecreet van 21 januari 2022;
279° alle andere soortgelijke werkzaamheden die aan de vennootschap worden opgedragen door de Vlaamse regering.289° alle andere soortgelijke werkzaamheden die aan de vennootschap worden opgedragen door de Vlaamse regering.
28De taken, vermeld in het tweede lid, 2°, 3° en 4°, kunnen ook worden uitgeoefend op, onder of over onroerende goederen die behoren tot het openbare en het private domein van de federale overheid, het Vlaamse Gewest, de Vlaamse Gemeenschap, de provincies, de gemeenten, de havenbedrijven en de instellingen die eronder ressorteren, met toestemming van de eigenaar. Die toestemming wordt met een aangetekende brief gevraagd.29De taken, vermeld in het tweede lid, 2°, 3° en 4°, kunnen ook worden uitgeoefend op, onder of over onroerende goederen die behoren tot het openbare en het private domein van de federale overheid, het Vlaamse Gewest, de Vlaamse Gemeenschap, de provincies, de gemeenten, de havenbedrijven en de instellingen die eronder ressorteren, met toestemming van de eigenaar. Die toestemming wordt met een aangetekende brief gevraagd.
+2 −1 decreet-2004-04-02/art. 5bis
1Met behoud van de toepassing van artikel 5, § 3, oefent de vennootschap haar bevoegdheden uit op de volgende manier:1Met behoud van de toepassing van artikel 5, § 3, oefent de vennootschap haar bevoegdheden uit op de volgende manier:
21° voor het doel, vermeld in artikel 5, § 1, eerste lid: binnen de grenzen, vastgelegd in het besluit van de Vlaamse Regering en de bijgevoegde plannen, vermeld in artikel 5, § 1, eerste lid;21° voor het doel, vermeld in artikel 5, § 1, eerste lid: binnen de grenzen, vastgelegd in het besluit van de Vlaamse Regering en de bijgevoegde plannen, vermeld in artikel 5, § 1, eerste lid;
32° voor het doel, vermeld in artikel 5, § 1, derde lid, en de taken, vermeld in artikel 5, § 6: binnen het Vlaamse Gewest.32° voor het doel, vermeld in artikel 5, § 1, derde lid, en de taken, vermeld in artikel 5, § 6: binnen het Vlaamse Gewest;
43° voor de taken, vermeld in artikel 5, §2, tweede lid, 8°septies, binnen het ambtsgebied, vermeld in artikel 5, §1, eerste lid, en binnen het Belgische gedeelte van het gebied bepaald in artikel 3 van het verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Vlaams Gewest inzake het gemeenschappelijk nautisch beheer in het Scheldegebied, ondertekend in Middelburg op 21 december 2005, en de IJzermonding tot aan de landzijde van de basislijn.
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd