§ flandrepo
8 regels · van kracht sinds 1 jan 2025 nieuwe versie vanaf 1 jan 2029

Artikel 10

§1. Ieder persoon die een dier houdt, verzorgt of te verzorgen heeft, neemt de nodige maatregelen om het dier te voorzien van aangepaste voeding, verzorging, huisvesting en beschutting die in overeenstemming zijn met zijn aard, zijn fysiologische en ethologische behoeften, zijn gezondheidstoestand en zijn graad van ontwikkeling, aanpassing of domesticatie.

§2. Elk dier beschikt over voldoende ruimte en bewegingsvrijheid, in overeenstemming met zijn fysiologische en ethologische behoeften.

Een dier wordt niet gewoonlijk of constant vastgemaakt of opgesloten. Als een dier in afwijking hiervan wel gewoonlijk of constant wordt vastgemaakt of opgesloten, krijgt het voldoende ruimte en bewegingsvrijheid, in overeen-stemming met zijn fysiologische en ethologische behoeften. In geen geval wordt de bewegingsvrijheid van het dier zodanig beperkt dat het aan vermijdbare pijnen, lijden of letsels wordt blootgesteld.

§3. Ieder persoon die een dier houdt, verzorgt of te verzorgen heeft, zorgt ervoor dat de dieren die buiten gehouden worden over natuurlijke of kunstmatige beschutting beschikken.

De Vlaamse Regering kan de modaliteiten hiervan bepalen en kan in uitzonderingen hierop voorzien.

§4. Paardachtigen die buiten worden gehouden en die niet kunnen worden opgestald, beschikken over een natuurlijke beschutting of een schuilhok.

§5. De verlichting, de temperatuur, de luchtvochtigheidsgraad, de verluchting, de luchtcirculatie en de overige milieuvoorwaarden van het verblijf van het dier stemmen overeen met de fysiologische en ethologische behoeften van het dier.

§6. Onder voorbehoud van de bepalingen van hoofdstuk 9 kan de Vlaamse Regering voor het houden van specifieke soorten en categorieën van dieren bijkomende regels uitvaardigen.

Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd