§ flandrepo
33 regels · van kracht sinds 13 aug 2026

Artikel 9

Om zijn missie waar te maken, vervult de Vlaamse Nutsregulator de volgende informerende taken:

  1. 1°elektriciteit en aardgas:
  2. a)het informeren van de marktactoren en de afnemers van elektriciteit en aardgas over de werking van de elektriciteits- en aardgasmarkt;
  3. b)het informeren van de afnemers van elektriciteit en aardgas over de prijzen en voorwaarden die de leveranciers hanteren, met inbegrip van het aanbieden of laten aanbieden van een objectieve vergelijking van die prijzen en voorwaarden;
  4. c)het opstellen en publiceren van statistieken en gegevens over de elektriciteits- en gasmarkt;
  5. d)het jaarlijks voor 30 november per leverancier in het Vlaamse Gewest publiceren van de gewogen gemiddelde kost per groenestroom- of warmte- krachtcertificaat dat gedurende de laatste inleveringsperiode werd ingeleverd voor de certificatenverplichtingen, vermeld in respectievelijk artikel 7.1.10 en artikel 7.1.11 van het Energiedecreet van 8 mei 2009, waarbij de Vlaamse Nutsregulator:
  6. 1)bij de berekeningen van de gewogen gemiddelde kost voor de ingeleverde certificaten die verhandeld werden, de handelsprijs gebruikt die de leveranciers kenbaar moeten maken aan de Vlaamse Nutsregulator;
  7. 2)bij de berekeningen van de gewogen gemiddelde kost voor de ingeleverde certificaten die op grond van artikel 7.1.1 en artikel 7.1.2 van het Energiedecreet van 8 mei 2009 aan de leverancier in zijn hoedanigheid van producent zijn toegekend, de onrendabele top hanteert die is berekend voor de technologie en datum van indienstneming van de installatie waarvoor het certificaat is toegekend. Bij gebrek aan een onrendabele top wordt gebruikgemaakt van een geschatte onrendabele top;
  8. e)het jaarlijks voor 30 november per leverancier in het Vlaamse Gewest publiceren:
  9. 1)van het aantal certificaten waarover een leverancier beschikt;
  10. 2)van het aantal certificaten dat gedurende de laatste inleveringsperiode is ingeleverd voor de certificatenverplichtingen, vermeld in respectievelijk artikel 7.1.10 en artikel 7.1.11 van het Energiedecreet van 8 mei 2009;
  11. f)het jaarlijks voor 30 november publiceren van een rapport over de door elke leverancier gemaakte en doorgerekende kosten om te voldoen aan de verplichting, vermeld in artikel 7.1.10 en 7.1.11 van het Energiedecreet van 8 mei 2009, waarbij de Vlaamse Nutsregulator per elektriciteitsleverancier de gewogen gemiddelde kost per certificaat, berekend volgens punt d) voor de vorige inleveringsperiode, vergelijkt met de doorgerekende kost per certificaat voor die inleveringsperiode, zoals door de elektriciteitsleverancier gerapporteerd in het kader van de V-test voor het gemiddelde huishoudelijke klantenprofiel;
  12. g)het jaarlijks voor 30 november publiceren van een studie die is opgesteld in samenwerking met de federale energieregulator, en eventueel de andere gewestelijke energieregulatoren, over de verschillende componenten van de energiekost die minstens een benchmark met de buurlanden bevat;
  13. h)het opstellen van een vijfjaarlijkse evaluatie van de activiteiten inzake databeheer op het distributienet door de elektriciteitsdistributienetbeheerders en de aardgasdistributienetbeheerders, met inbegrip van een studie over het aanbieden van de specifieke activiteiten en het opnemen van taken en verplichtingen met betrekking tot activiteiten inzake databeheer in de andere gewesten en in de buurlanden;
  14. i)het tweejaarlijks rapporteren aan de Vlaamse Regering over de naleving van de voorwaarden waaraan de elektriciteitsdistributienetbeheerders en aardgasdistributienetbeheerders zijn gebonden bij de uitoefening van hun activiteiten inzake databeheer op het elektriciteitsdistributienet en aardgasdistributienet, met inbegrip van de resultaten van de vijfjaarlijkse evaluatie;
  15. j)het jaarlijks rapporteren over de voornaamste ontwikkelingen op het vlak van dynamische prijscontracten en leveringscontracten met een vaste looptijd en een vaste prijs in het Vlaamse Gewest, met inbegrip van het aanbod op de markt en de effecten op de facturen van de consument en, specifiek, de prijsvolatiliteit ervan;
  16. k)het jaarlijks rapporteren over de mate waarin het decretale kader rond flexibiliteit en energiegemeenschappen en de verdere uitwerking ervan zorgt voor een flexibeler gebruik van het bestaande net en een versnelling van een duurzame energietransitie waarin de burger centraal staat. De aspecten die daarin worden opgenomen, worden verder door de Vlaamse Regering bepaald;
  17. l)het jaarlijks rapporteren over de financiële gezondheid van de Vlaamse elektriciteits- en aardgasmarkt en van de op die markt actieve leveranciers;
  18. 2°thermische energie:
  19. a)het informeren van de marktactoren en de warmte- of koudeafnemers over de werking van de warmte- of koudenetten;
  20. b)het informeren van de warmte- of koudeafnemers over de prijzen en voorwaarden die de warmte- of koudeleveranciers hanteren, met inbegrip van het eventueel aanbieden of laten aanbieden van een objectieve vergelijking van die prijzen en voorwaarden;
  21. c)het opstellen en publiceren van statistieken en gegevens over de werking van de warmte- of koudenetten;
  22. d)het jaarlijks voor 30 november publiceren van een studie die is opgesteld in samenwerking met de federale energieregulator, en eventueel de andere gewestelijke energieregulatoren, over de verschillende componenten van de energiekost die minstens een benchmark met de buurlanden bevat;
  23. e)het jaarlijks rapporteren over de financiële gezondheid van de Vlaamse energiemarkt en van de op die markt actieve leveranciers;
  24. 3°water:
  25. a)het informeren van de belanghebbenden over de organisatie van de watervoorziening en de sanering;
  26. b)het informeren van de belanghebbenden over onder meer de kostenstructuur, de boekhouding, de prestaties en de efficiëntie van de exploitanten van een openbaar of privaat waterdistributienetwerk;
  27. c)het jaarlijks aan de Vlaamse Regering rapporteren over onder meer:
  28. 1)de toepassing van de openbaredienstverplichtingen, vermeld in artikel 2.5.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018;
  29. 2)het algemeen waterverkoopreglement, vermeld in artikel 2.5.3.1, §1, van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018;
  30. d)het informeren van de belanghebbenden over de kostenstructuur en financiële draagkracht van de partijen die verantwoordelijk zijn voor de invulling van de saneringsplicht, vermeld in artikel 2.1.2, 12°, van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018;
  31. e)het informeren van de belanghebbenden over de zekerheid en de betrouwbaarheid van de openbare en private waterdistributienetwerken, alsook de kwaliteit van de dienstverlening van de exploitanten van openbare en private waterdistributienetwerken en de klachten van de abonnees daarover, onder meer bij de uitvoering van herstellingen en onderhoud en op het vlak van de kosten en de tijd die gepaard gaan met de uitvoering van aftakkingen en herstellingen;
  32. 4°koolstofdioxide: het rapporteren van de ontwikkeling van de lokale clusters, het vervoernetwerk, de terminals voor vloeibaarmaking, de directe leidingen en de gesloten industriële netten voor koolstofdioxide als bedoeld in het decreet van 29 maart 2024 over het vervoer van koolstofdioxide via pijpleidingen in het Vlaamse Gewest.
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd