Artikel 118
§1. De volgende personen worden gestraft met een straf van niveau 1:
- 1°degene die artikel 15 schendt;
- 2°degene die artikel 17 of 140 schendt;
- 3°degene die artikel 24 schendt;
- 4°degene die artikel 25 schendt;
- 5°degene die artikel 26, eerste lid, schendt, behalve als artikel 53, §1, 8°, van het decreet van 16 juni 2006 betreffende de begeleiding van de scheepvaart op de maritieme toegangswegen en de organisatie van het Maritiem Red-dings- en Coördinatiecentrum voor het betrokken feit al in een straf voorziet;
- 6°degene die artikel 27 schendt;
- 7°degene die artikel 35 schendt;
- 8°degene die artikel 49 tot en met 52 schendt;
- 9°degene die artikel 56 tot en met 60, met inbegrip van de besluiten die ter uitvoering van die artikelen genomen zijn, schendt;
- 10°degene die de opdracht van De Vlaamse Waterweg en deskundigen, uitgeoefend conform artikel 56 tot en met 60, en de besluiten die ter uitvoe-ring van die artikelen zijn genomen, heeft belemmerd. Dat geldt ook als de belemmering door de gezagvoerder, de officieren of door personen van Belgische nationaliteit buiten België is gepleegd;
- 11°degene die, in strijd met artikel 61, niet beschikt over het vereiste kwalificatiecertificaat, de vereiste vergunning of het gelijkwaardige getuig-schrift, of die documenten niet bij zich heeft of ter inzage beschikbaar heeft;
- 12°degene die activiteiten verricht waarvoor die overeenkomstig artikel 61 moet beschikken over een kwalificatiecertificaat, een vergunning of een gelijk-waardig getuigschrift, terwijl die zich ervan bewust is te lijden aan een van de gebreken of een van de kwalen die door de Vlaamse Regering ter uitvoering van artikel 64 zijn bepaald;
- 13°degene die op een andere manier de bepalingen van de besluiten die genomen zijn ter uitvoering van artikel 61 tot 64, heeft geschonden;
- 14°degene die artikel 64 schendt;
- 15°degene die de besluiten schendt die ter uitvoering van artikel 67 zijn genomen, en degene die de voorwaarden schendt die zijn verbonden aan de individuele toestemming, vermeld in artikel 68;
- 16°degene die artikel 69 schendt;
- 17°degene die de aanwijzingen en bevelen, vermeld in artikel 115, niet opvolgt;
- 18°degene die de besluiten schendt die zijn genomen met toepassing van artikel 147;
- 19°degene die zich schuldig maakt aan smaad ten aanzien van een toezichthou-der als vermeld in artikel 8, §2, eerste lid, van het Kaderdecreet Vlaamse Handhaving van 14 juli 2023, die bevoegd is voor de handhaving van dit decreet, bij de regelmatige inzet van toezichtrechten.
In afwijking van artikel 36, negende lid, en artikel 38, negende lid, van het Strafwetboek bedraagt de maximale geldboete altijd 100.000 euro voor de misdrijven, vermeld in het eerste lid.
De straffen, vermeld in het eerste lid, of de straffen, vermeld in artikel 104 van het Kaderdecreet Vlaamse Handhaving van 14 juli 2023, kunnen voor de schendingen, vermeld in het eerste lid, 9° en 10°, en het belemmeren van het toezichtrecht, vermeld in artikel 116, ten aanzien van de gezagvoerder verminderd worden tot een vierde van de straffen waarmee de eigenaar of de exploitant van het schip gestraft kan worden, als bewezen is dat de gezagvoerder van de eigenaar of de exploitant het schriftelijke of mondelinge bevel heeft gekregen om te handelen in strijd met artikel 56 tot en met 60, artikel 116, of de uitvoeringsbesluiten ervan.
§2. Voor de misdrijven, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, kan een alternatieve bestuurlijke geldboete worden opgelegd van minimaal 50 euro en maximaal 100.000 euro.