Tot wijziging van het Bestuursdecreet van 7 december 2018, wat betreft de rechtspositie van de regeringscommissarissen #2008
Gemerged Vlaamse Regering wijzigt geen gevolgde wet · 7 februari 2024 1 checks vragen aandacht
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
Documenten in het dossier:
: Ontwerp van decreet
: Verslag van het verzoekschrift
verzendcode: FIN
ingediend op 18 maart 2024 (2023-2024)
Verslag
namens de Commissie voor Algemeen Beleid,
Financiën, Begroting en Justitie
uitgebracht door Thijs Verbeurgt
over het ontwerp van decreet
tot wijziging
van het Bestuursdecreet van 7 december 2018,
wat betreft de rechtspositie
van de regeringscommissarissen
Samenstelling van de Commissie voor Algemeen Beleid, Financiën, Begroting en Justitie:
Voorzitter: Steven Vandeput.
Vaste leden:
Arnout Coel, Maaike De Vreese, Andries Gryffroy, Philippe Muyters, Steven Vandeput;
Adeline Blancquaert, Anke Van dermeersch, Wim Verheyden;
Koen Van den Heuvel, Peter Van Rompuy;
Willem-Frederik Schiltz, Maurits Vande Reyde;
Celia Groothedde, Björn Rzoska;
Ludwig Vandenhove.
Plaatsvervangers:
Veerle Geerinckx, Sarah Smeyers, Jeroen Tiebout, Wilfried Vandaele, Paul Van Miert;
Filip Brusselmans, Yves Buysse, Johan Deckmyn;
Stijn De Roo, Sofie Mertens;
Marino Keulen, Bart Somers;
Mieke Schauvliege, Jeremie Vaneeckhout;
Thijs Verbeurgt.
Toegevoegde leden:
Jos D'Haese.
INHOUD
I. Toelichting door minister-president Jan Jambon ....................................... 4
II. Inhoud van het verzoekschrift ............................................................... 6
III. Procedurele tussenkomst van commissievoorzitter Steven Vandeput ............. 7
IV. Reactie van minister-president Jan Jambon op de inhoud van het
verzoekschrift ...................................................................................... 7
1. Verzoek 1 van het verzoekschrift .................................................... 7
2. Verzoek 2 van het verzoekschrift .................................................... 8
3. Verzoek 3 van het verzoekschrift .................................................... 8
4. Verzoek 4 van het verzoekschrift .................................................... 8
V. Bespreking .......................................................................................... 9
1. Tussenkomst van Björn Rzoska ...................................................... 9
2. Tussenkomst van Maurits Vande Reyde ......................................... 10
3. Tussenkomst van Philippe Muyters ................................................ 10
4. Repliek van minister-president Jan Jambon .................................... 11
VI. Stemming ......................................................................................... 11
VII. Beslissing over het verzoekschrift ........................................................ 11
1. Beslissing .................................................................................. 11
2. De conclusies van de commissie over het verzoekschrift .................. 12
2.1. Verzoek 1 van het verzoekschrift .......................................... 12
2.2. Verzoek 2 van het verzoekschrift .......................................... 12
2.3. Verzoek 3 van het verzoekschrift .......................................... 13
2.4. Verzoek 4 van het verzoekschrift .......................................... 13
Op 12 maart 2024 besprak de Commissie voor Algemeen Beleid, Financiën, Begroting en Justitie het ontwerp van decreet tot wijziging van het Bestuursdecreet van
7 december 2018, wat betreft de rechtspositie van de regeringscommissarissen
(Parl.St. Vl.Parl. 2023-24, nr. 2008/1) en in samenhang daarmee het verzoekschrift nr. 31 (2023-24) tot evaluatie en/of aanpassing van een (ontwerp van)
decreet tot wijziging van het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
I. Toelichting door minister-president Jan Jambon
Minister-president Jan Jambon licht het ontwerp toe.
Voor de regeringscommissarissen die aangewezen zijn bij de extern verzelfstandigde agentschappen van de Vlaamse administratie en bij sommige Vlaamse openbare instellingen wordt de rechtspositie geregeld in het Bestuursdecreet van 7
december 2018.
Daarin wordt bepaald dat het mandaat van regeringscommissaris kan beëindigd
worden na ontslag (artikel III.55) en van rechtswege beëindigd wordt bij overlijden
of als de regeringscommissaris in de loop van zijn mandaat een onverenigbaar
ambt of mandaat aanvaardt (artikel III.51, tweede lid).
De ontslagregeling van artikel III.55 is gebaseerd op de noodzakelijkheid van een
vertrouwensrelatie tussen de regeringscommissaris en de Vlaamse Regering. Het
is immers de opdracht van een regeringscommissaris om de Vlaamse Regering
informatie te verstrekken en om, namens de Vlaamse Regering, controle uit te
voeren op de wettelijkheid en het algemeen belang bij de werking van een overheidsinstantie die niet rechtstreeks onder hiërarchisch gezag van de minister staat.
Daarom wordt bepaald dat de Vlaamse Regering het mandaat op elk moment kan
beëindigen als die vertrouwensrelatie verbroken wordt.
Maar uit de rechtspraak van de Raad van State blijkt dat, juist omdat er geen wettelijke criteria zijn en de Vlaamse Regering dus over een ruime discretionaire bevoegdheid beschikt bij de beëindiging van het mandaat, telkens de precieze feiten
moeten worden aangegeven die ten grondslag liggen aan de vertrouwensbreuk.
Bovendien moet volgens de Raad van State het ontslag van een regeringscommissaris in overeenstemming zijn met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur,
in het bijzonder de hoorplicht, en moet de beslissing gemotiveerd worden, overeenkomstig de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van
de bestuurshandelingen.
Ontslag kan dus volgens deze doctrine van de Raad van State alleen als er sprake
is van feiten die een vertrouwensbreuk veroorzaakten.
Het is evenwel de bedoeling dat het mandaat van regeringscommissaris ook ad nutum en zonder dat er sprake is van enige tekortkoming van de regeringscommissaris
in kwestie, kan beëindigd worden bij de aanstelling van nieuwe bestuurders.
Met het ontwerp van decreet wordt het mandaat van de regeringscommissarissen
die aangewezen zijn bij de overheidsinstanties, vermeld in artikel III.48 van het …