§ flandrepo

Over de bovenlokale cultuurwerking #1888

Gemerged Vlaamse Regering voegde 9 artikels samen in participatiedecreetdecreet-2012-07-06 · 20 november 2023 Alle checks geslaagd
Verslag
28 februari 2024 · 54 blz.
1888/5 Officiële PDF
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
22 februari 2024 (2023-2024) Verslag namens de Commissie voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media uitgebracht door Cathy Coudyser en Filip Brusselmans over het ontwerp van decreet over de bovenlokale cultuurwerking ingediend op verzendcode: CUL Documenten in het dossier: : Ontwerp van decreet – Nr. 2 t.e.m. 4: Amendementen — 1011 Brussel — 02 552 11 11 — www.vlaamsparlement.be Samenstelling van de Commissie voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media: Voorzitter: Meyrem Almaci. Vaste leden: Cathy Coudyser, Marius Meremans, Freya Perdaens, Wilfried Vandaele, Manuela Van Werde; Filip Brusselmans, Johan Deckmyn, Klaas Slootmans; Karin Brouwers, Orry Van de Wauwer; Steven Coenegrachts, Stephanie D’Hose; Meyrem Almaci, Jeremie Vaneeckhout; Hannes Anaf. Plaatsvervangers: Andries Gryffroy, Kathleen Krekels, Philippe Muyters, Kris Van Dijck, Karl Vanlouwe; Immanuel De Reuse, Jan Laeremans, Ilse Malfroot; Maaike De Rudder, Tinne Rombouts; Bob Savenberg, Bart Tommelein; Björn Rzoska, Tine Van den Brande; Katia Segers. Toegevoegde leden: Onno Vandewalle. INHOUD I. Algemene bespreking .............................................................................. 4 1. Toelichting ...................................................................................4 1.1. Doelstellingen en subsidie-instrumenten...................................4 1.2. Motivering ............................................................................7 1.3. Slotoverwegingen ..................................................................9 2. Bespreking ................................................................................. 10 2.1. Filip Brusselmans ................................................................ 10 2.2. Katia Segers ....................................................................... 10 2.3. Marius Meremans ................................................................ 11 2.4. Orry Van de Wauwer ............................................................ 11 2.5. Meyrem Almaci ................................................................... 12 2.6. Antwoordenronde ................................................................ 14 II. Artikelsgewijze bespreking en stemming .................................................. 18 III. Eindstemming ...................................................................................... 28 Gebruikte afkortingen ...............................................................................29 Tekst aangenomen door de commissie.........................................................30 Op donderdag 14 december 2023, donderdag 18 januari 2024 en donderdag 25 januari 2024 behandelde de Commissie voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media het ontwerp van decreet over de bovenlokale cultuurwerking. Op donderdag 14 december 2023 lichtte Jan Jambon, minister-president van de Vlaamse Regering en Vlaams minister van Buitenlandse Zaken, Cultuur, Digitalisering en Facilitair Management, het ontwerp van decreet toe. Op donderdag 18 januari 2024 hield de commissie een hoorzitting over het ontwerp van decreet. Hiervan wordt een apart commissieverslag uitgebracht (Parl.St. Vl.Parl. 2023-24, nr. 1888/6). Op donderdag 25 januari 2024 zette de commissie de algemene bespreking voort, en hield ze de artikelsgewijze bespreking en stemming en de eindstemming over het ontwerp van decreet. I. Algemene bespreking 1. Toelichting 1.1. Doelstellingen en subsidie-instrumenten Minister-president Jan Jambon situeert het voorliggende ontwerp van decreet als een optimalisatie van het Bovenlokaal Cultuurdecreet van 15 juni 2018. Dat decreet bracht een antwoord op de afslanking van de provincies op het vlak van de persoonsgebonden bevoegdheden. Het ontwerp van decreet bevat daarnaast ook subsidielijnen uit het decreet betreffende het lokaal cultuurbeleid en uit het Participatiedecreet. In de optimalisatie en heroriëntering van de twee decreten worden ze nu geïntegreerd in het voorliggende ontwerp van decreet over de bovenlokale cultuurwerking. Net als het huidige decreet beoogt het ontwerp van decreet de uitbouw, stimulering en optimalisatie van een kwaliteitsvolle, duurzame, diverse en geïntegreerde bovenlokale cultuurwerking en de participatie daarin. Het ontwerp van decreet vertrekt daarvoor, net als het vorige Bovenlokaal Cultuurdecreet, van vijf krachtlijnen of principes: – culturele sectoren en disciplines die een bovenlokale meerwaarde bieden, ondersteunen en stimuleren tot transversaal samenwerken; – het verbindende karakter van het bovenlokale veld tussen het lokale cultuurbeleid en het Vlaamse niveau erkennen en versterken; – aandacht voor regionale verschillen; – bij het bovenlokale cultuurwerk samenwerkingen met andere beleidsvelden stimuleren in een cultureel ecosysteem; – aandacht voor innovatie en vernieuwende voorbeeldwerkingen. Om de doelstellingen te realiseren omvat dit ontwerp van decreet acht subsidieinstrumenten, die de minister-president vervolgens toelicht. Ten eerste gaat het om projectsubsidies voor kleine bovenlokale cultuurprojecten met een maximale looptijd van één jaar. Dat is een nieuwe laagdrempelige subsidielijn voor kleine projecten die relevant zijn voor het werkingsgebied van een IGS met een bovenlokale cultuurwerking of voor het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. Een aanvrager van een klein bovenlokaal cultuurproject moet gevestigd zijn in het werkingsgebied van een IGS met een bovenlokale cultuurwerking of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. Deze beleidskeuze gaat uit van de doelstelling en ambitie dat de IGS’en met een bovenlokale cultuurwerking op termijn gebiedsdekkend zullen worden. IGS’en met een bovenlokale cultuurwerking en de VGC krijgen de opdracht om kleine bovenlokale cultuurprojecten waarvan de aanvrager op hun grondgebied is gevestigd, inhoudelijk te beoordelen. Door hun terreinkennis en voeling met de eigenheden en noden van de regio zijn ze immers het best geplaatst voor de inhoudelijke beoordeling van deze kleine projecten. De …
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd