Houdende instemming met de wijzigingen aan het protocol ter bestrijding van verzuring, eutrofiëring en ozon op leefniveau, met bijlagen, bij het verdrag van 1979 betreffende grensoverschrijdende luchtverontreiniging over lange afstand, gedaan op 4 mei 2012 te Genève #100
Gemerged Vlaamse Regering voegde 1 artikel samen in decreet-2004-05-07-1013218 · 10 juli 2019 Alle checks geslaagd
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
verzendcode: LEE
100 (2019) – Nr. 2
ingediend op 24 oktober 2019 (2019-2020)
Verslag
namens de Commissie voor Leefmilieu, Natuur, Ruimtelijke Ordening
en Energie
uitgebracht door Robrecht Bothuyne
over het ontwerp van decreet
houdende instemming met de wijzigingen
aan het protocol ter bestrijding van verzuring,
eutrofiëring en ozon op leefniveau,
met bijlagen, bij het verdrag van 1979
betreffende grensoverschrijdende luchtverontreiniging
over lange afstand, gedaan op 4 mei 2012 te Genève
2 100 (2019) – Nr. 2
Samenstelling van de Commissie voor Leefmilieu, Natuur, Ruimtelijke Ordening en Energie:
Voorzitter: Carina Van Cauter.
Vaste leden:
Piet De Bruyn, Inez De Coninck, Andries Gryffroy, Freya Perdaens, Wilfried Vandaele;
Bart Claes, Leo Pieters, Sam Van Rooy;
Tinne Rombouts, Koen Van den Heuvel;
Gwenny De Vroe, Carina Van Cauter;
Johan Danen, Mieke Schauvliege;
Bruno Tobback.
Plaatsvervangers:
Annick De Ridder, Marius Meremans, Joris Nachtergaele, Axel Ronse, Nadia Sminate;
Carmen Ryheul, Stefaan Sintobin, Wim Verheyden;
Robrecht Bothuyne, Lode Ceyssens;
Willem-Frederik Schiltz, Bart Tommelein;
Chris Steenwegen, Tine Van den Brande;
Hannes Anaf.
Toegevoegde leden:
Jos D'Haese.
Documenten in het dossier:
(2019)
(2019)
– Nr. 1: Ontwerp van decreet
– Nr. 1: Ontwerp van decreet
100 (2019) – Nr. 2 3
De Commissie voor Leefmilieu, Natuur, Ruimtelijke Ordening en Energie behandelde op 23 oktober 2019 het ontwerp van decreet houdende instemming met de
wijzigingen aan het protocol ter bestrijding van verzuring, eutrofiëring en ozon op
leefniveau, met bijlagen, bij het verdrag van 1979 betreffende grensoverschrijdende luchtverontreiniging over lange afstand, gedaan op 4 mei 2012 te Genève
(Parl.St. Vl.Parl. 2019, nr. 100/1). Dit ontwerp van instemmingsdecreet werd samen behandeld met het instemmingsdecreet over het samenwerkingsakkoord tussen de gewesten en de federale staat dat deze verdragswijziging intern-Belgisch
vertaalt, zijnde het ontwerp van decreet houdende instemming met het samenwerkingsakkoord van 7 september 2018 tussen de Federale Staat, het Vlaamse
Gewest, het Waalse Gewest en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest betreffende
de uitvoering van een aantal bepalingen van het protocol bij het verdrag van 1979
betreffende grensoverschrijdende luchtverontreiniging over lange afstand, ter bestrijding van verzuring, eutrofiëring en ozon op leefniveau, met bijlagen, ondertekend in Göteborg op 30 november 1999, zoals gewijzigd op 4 mei 2012 te Genève
(Parl.St. Vl.Parl. 2019, nr. 101/1).
1. Toelichting door de minister
Minister Zuhal Demir stelt dat het verdrag betreffende grensoverschrijdende luchtverontreiniging over lange afstand in 1979 werd afgesloten binnen de Economische
Commissie voor Europa van de Verenigde Naties (UNECE) als antwoord op ernstige
problemen veroorzaakt door grensoverschrijdende luchtvervuiling, zoals de verzuring van de Scandinavische meren.
Dit verdrag biedt nog steeds een belangrijk kader voor de internationale samenwerking ter bestrijding van de atmosferische vervuiling die zowel het leefmilieu als
de volksgezondheid bedreigt.
In 1999 werd het protocol van Göteborg ondertekend. Dat protocol pakt specifiek
de problemen van verzuring, vermesting en ozon op leefmilieu aan door bepalingen
op te nemen voor stikstofoxide, zwaveldioxide en vluchtige organische stoffen.
In 2012 werd een akkoord bereikt over de herziening van dit protocol. De belangrijkste inhoudelijke aanpassingen zijn de toevoeging van de polluent fijn stof en de
vaststelling van emissieplafonds geldig vanaf 2020.
De emissieplafonds in het geamendeerde protocol zijn vastgesteld op Belgisch
niveau. Deze moeten verdeeld worden over de gewesten. Door de Interministeriële
Conferentie Leefmilieu werd reeds in 2012 beslist dat dit zou gebeuren via een
samenwerkingsakkoord. Dat samenwerkingsakkoord wordt nu samen met het instemmingsdecreet ter goedkeuring voorgelegd.
Terwijl de gewestelijke engagementen hierin bestaan uit absolute emissieplafonds,
moet de federale overheid bijdragen aan het bereiken van die emissieplafonds door
een aantal concrete maatregelen uit te voeren die in het samenwerkingsakkoord
worden opgelijst.
Het samenwerkingsakkoord bevat ook bepalingen in het geval één of meerdere
gewesten hun emissieplafonds niet naleven en voor het bijhorende gebruik van de
voorziene flexibiliteitsmechanismen. Daarnaast worden een aantal afspraken verankerd rond bijvoorbeeld de rapportering van emissies, die ervoor moeten zorgen
dat de verplichtingen op Belgisch niveau worden nageleefd. Het betreft zaken die
nu al gebeuren.
4 100 (2019) – Nr. 2
2. Stemming
Ter stemming gelegd worden de artikelen 1 tot en met 6, en het ontwerp van
decreet als geheel, zonder verdere bespreking, unaniem aangenomen met 12
stemmen.
Carina VAN CAUTER,
voorzitter
Robrecht BOTHUYNE,
verslaggever