§ flandrepo
  1. 1 september 2026 Decreet over het onderwijs XXXVI #844 2026005886
    +5 −4 art. 18
    7De Vlaamse Regering bepaalt welke beroepskwalificatie met welke studierichting behaald kan worden.7De Vlaamse Regering bepaalt welke beroepskwalificatie met welke studierichting behaald kan worden.
    8In afwijking van het eerste lid kan de studierichting beiaardier, vermeld in punt 1°, enkel georganiseerd worden in de Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen.8In afwijking van het eerste lid kan de studierichting beiaardier, vermeld in punt 1°, enkel georganiseerd worden in de Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen.
    9De Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen kan alleen een langlopende studierichting beiaardier en een kortlopende studierichting specialisatie: optie beiaardier als vermeld in artikel 19, §2, tweede lid, van dit decreet en artikel 3, §1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 4 mei 2018 betreffende het opleidingsaanbod, de structuur, organisatie en financiering van de Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen organiseren.
    9§ 2. De onderwijsdoelen van de eerste, de tweede en de derde graad zijn voor die studierichtingen gemeenschappelijk.10§ 2. De onderwijsdoelen van de eerste, de tweede en de derde graad zijn voor die studierichtingen gemeenschappelijk.
    10De onderwijsdoelen van de vierde graad zijn verschillend voor ieder van die studierichtingen.11De onderwijsdoelen van de vierde graad zijn verschillend voor ieder van die studierichtingen.
    11§ 3. De som van de studieomvang van de leerjaren van de eerste graad bedraagt ten minste twee wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van twee leerjaren.12§ 3. De som van de studieomvang van de leerjaren van de eerste graad bedraagt ten minste twee wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van twee leerjaren.
    12Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de tweede graad voor jongeren ten minste twaalf wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van vier leerjaren.13Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de tweede graad voor jongeren ten minste twaalf wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van vier leerjaren.
    13Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de tweede graad voor volwassenen ten minste negen wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van drie leerjaren. 14Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de tweede graad voor volwassenen ten minste negen wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van drie leerjaren. De som van de studieomvang van de leerjaren van de tweede graad voor volwassenen in de studierichting beiaardier bedraagt ten minste veertien lestijden, gespreid over een traject van vier leerjaren.
    14Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de derde graad ten minste negen wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van drie of vier leerjaren. 15Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de derde graad ten minste negen wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van drie of vier leerjaren. De som van de studieomvang van de leerjaren van de derde graad in de studierichting beiaardier bedraagt ten minste twaalf lestijden, gespreid over een traject van drie of vier leerjaren.
    15Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de vierde graad ten minste zes wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van drie leerjaren. 16Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de vierde graad ten minste zes wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van drie leerjaren. De som van de studieomvang van de leerjaren van de vierde graad in de studierichting beiaardier bedraagt ten minste vijftien lestijden, gespreid over een traject van drie leerjaren.
    16De Vlaamse Regering bepaalt de studieomvang en de trajecten van de tweede, derde en vierde graad van de studierichting beiaardier.
    17§4. In afwijking van paragraaf 3 kan de Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen de studierichtingen organiseren in intensievere lessenpakketten op een kortere termijn dan een leerjaar in het lineaire traject. In dat geval is de totale studieomvang dezelfde als die van een leerjaar in het lineaire traject.
  2. 1 september 2020 Decreet over het onderwijs XXX #328 2020042552
    +4 −3 art. 18
    1§ 1. In het domein muziek kan een academie langlopende studierichtingen aanbieden die toeleiden tot de volgende beroepskwalificaties zoals bepaald door de socioculturele sector :1§ 1. In het domein muziek kan een academie de volgende langlopende studierichtingen aanbieden die leiden tot een beroepskwalificatie zoals bepaald door de socioculturele sector :
    21° beiaardier;21° beiaardier;
    32° creërend muzikant;32° creërend muzikant;
    54° dj;54° dj;
    65° vertolkend muzikant.65° vertolkend muzikant.
    7De Vlaamse Regering bepaalt welke beroepskwalificatie met welke studierichting behaald kan worden.
    7In afwijking van het eerste lid kan de studierichting beiaardier, vermeld in punt 1°, enkel georganiseerd worden in de Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen.8In afwijking van het eerste lid kan de studierichting beiaardier, vermeld in punt 1°, enkel georganiseerd worden in de Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen.
    8§ 2. De einddoelen van de eerste, de tweede en de derde graad zijn voor die studierichtingen gemeenschappelijk.9§ 2. De onderwijsdoelen van de eerste, de tweede en de derde graad zijn voor die studierichtingen gemeenschappelijk.
    9De einddoelen van de vierde graad zijn verschillend voor ieder van die studierichtingen.10De onderwijsdoelen van de vierde graad zijn verschillend voor ieder van die studierichtingen.
    10§ 3. De som van de studieomvang van de leerjaren van de eerste graad bedraagt ten minste twee wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van twee leerjaren.11§ 3. De som van de studieomvang van de leerjaren van de eerste graad bedraagt ten minste twee wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van twee leerjaren.
    11Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de tweede graad voor jongeren ten minste twaalf wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van vier leerjaren.12Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de tweede graad voor jongeren ten minste twaalf wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van vier leerjaren.
  3. +15 −0 art. 18 nieuw
    1§ 1. In het domein muziek kan een academie langlopende studierichtingen aanbieden die toeleiden tot de volgende beroepskwalificaties zoals bepaald door de socioculturele sector :
    21° beiaardier;
    32° creërend muzikant;
    43° dirigent;
    54° dj;
    65° vertolkend muzikant.
    7In afwijking van het eerste lid kan de studierichting beiaardier, vermeld in punt 1°, enkel georganiseerd worden in de Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen.
    8§ 2. De einddoelen van de eerste, de tweede en de derde graad zijn voor die studierichtingen gemeenschappelijk.
    9De einddoelen van de vierde graad zijn verschillend voor ieder van die studierichtingen.
    10§ 3. De som van de studieomvang van de leerjaren van de eerste graad bedraagt ten minste twee wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van twee leerjaren.
    11Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de tweede graad voor jongeren ten minste twaalf wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van vier leerjaren.
    12Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de tweede graad voor volwassenen ten minste negen wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van drie leerjaren.
    13Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de derde graad ten minste negen wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van drie of vier leerjaren.
    14Met uitzondering van de studierichting beiaardier bedraagt de som van de studieomvang van de leerjaren van de vierde graad ten minste zes wekelijkse lestijden, gespreid over een traject van drie leerjaren.
    15De Vlaamse Regering bepaalt de studieomvang en de trajecten van de tweede, derde en vierde graad van de studierichting beiaardier.
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd