Artikel 4
§ 1. Eenieder die tot aangifte verplicht is overeenkomstig artikel 23 van het Mestdecreet van 22 december 2006, of eenieder die steun wenst te verkrijgen ter uitvoering van de sectorale landbouwwetgeving van de Europese Unie, wordt op unieke wijze als landbouwer geïdentificeerd in het GBCS.
De Vlaamse Regering kan bepalen dat ook andere personen dan degenen, omschreven in het eerste lid, onderworpen worden aan een identificatie- en registratieplicht in het GBCS.
§ 2. Om als landbouwer te worden geïdentificeerd in het GBCS, beheert men, met behoud van de toepassing van artikel 62 van verordening (EU) 2021/2116 zijn bedrijf op autonome wijze zodat elke verwarring op het vlak van beheer, uitvoering van landbouwactiviteiten, productiemiddelen of het gebruik ervan, tussen twee of meer landbouwers uitgesloten is.
§ 3. Het op autonome wijze beheren van een bedrijf houdt in dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- 1°de landbouwer baat noch als natuurlijke persoon noch als rechtspersoon, hetzij afzonderlijk hetzij als lid van een groepering, twee of meer bedrijven uit;
- 2°de landbouwer heeft zijn productiemiddelen in exclusief gebruik en beheert ze exclusief;
- 3°de sanitair verantwoordelijke op het bedrijf is hetzij de landbouwer, hetzij iemand die deel uitmaakt van de landbouwer als bedoeld in artikel 1, 7°. In afwijking hiervan is het, voor een beslag dat betrekking heeft op verschillende landbouwers, voldoende dat de sanitair verantwoordelijke hetzij één van de landbouwers is die het beslag deelt, hetzij deel uitmaakt van één van de landbouwers als bedoeld in artikel 1, 7°, die het beslag deelt;
- 4°bedrijven waarvoor tussen de overeenkomstige beslagen een afwijking bestaat, worden als één bedrijf beschouwd;
- 5°de landbouwers die over dieren van dezelfde diersoort beschikken, en van wie de dieren tot een zelfde beslag behoren:
- a)houden naast het bedrijfsregister van het beslag een apart register bij dat aangeeft welk dier bij welke landbouwer hoort;
- b)actualiseren voor elk rund de relatie tussen rund en exploitatie op permanente en conforme wijze;
- 6°de fiscale boekhouding van een landbouwer mag geen betrekking hebben op de landbouwactiviteiten van verschillende bedrijven.
§ 4. De Vlaamse Regering kan de nadere regels bepalen met betrekking tot de voorwaarden vermeld in § 1, eerste lid, § 2, en § 3, zoals het exclusief gebruik en het exclusief beheer van de productiemiddelen en de wijze waarop een identificatie wordt aangevraagd en verleend, en kan bepalen in welke gevallen een registratie wordt gewijzigd of een nieuwe registratie kan worden aangevraagd.