§ flandrepo

Betreffende het realisatiegerichte instrumentarium #194

Gemerged Vlaamse Regering voegde 43 artikels samen in decreet-1996-04-16decreet-1997-10-21decreet-2003-07-18 · 24 januari 2020 33 checks vragen aandacht
Amendementen
N-VAcd&vOpen Vld Wilfried Vandaele, Tinne Rombouts, Steven Coenegrachts, Inez De Coninck, Koen Van den Heuvel, Andries Gryffroy 14 oktober 2022 · 98 blz.
194/7 Officiële PDF
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks; de aanvaarde amendementen zitten in de volgende tekst van het voorstel. Hieronder de tekst uit de PDF.
Documenten in het dossier: : Ontwerp van decreet – Nr. 2: Verslag van de hoorzittingen – Nr. 3 en 4: Amendementen – Nr. 5: Advies van de Raad van State – Nr. 6: Advies van de Vlaamse Toezichtcommissie voor de verwerking van persoonsgegevens 10 oktober 2022 (2022-2023) Amendement op het ontwerp van decreet betreffende het realisatiegerichte instrumentarium ingediend op verzendcode: LEE — 1011 Brussel — 02 552 11 11 — www.vlaamsparlement.be AMENDEMENT Nr. 12 voorgesteld door Wilfried Vandaele, Tinne Rombouts, Steven Coenegrachts, Inez De Coninck, Koen Van den Heuvel en Andries Gryffroy De tekst van het ontwerp van decreet vervangen door wat volgt: “Titel 1. Inleidende bepalingen Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen Artikel 1. Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid. Art. 2. Dit decreet wordt aangehaald als: het Instrumentendecreet van […]. Art. 3. Voor de toepassing van dit decreet wordt verstaan onder: 1° administratieve overheid: elke instantie als vermeld in artikel I.3 van het Bestuursdecreet van 7 december 2018; 2° beveiligde zending: een aangetekende brief, een afgifte tegen ontvangstbewijs of elke andere door de Vlaamse Regering toegestane betekeningswijze waarbij de datum van kennisgeving met zekerheid kan worden vastgesteld; 3° beschermingsmaatregel: een maatregel die gericht is op het tegengaan van nadelige invloeden op de fysieke leefomgeving, waaronder het milieu, de natuur en het landschap, maar zonder dat het perceel van de betrokkene fysische wijzigingen ondergaat; 4° compenserende vergoeding: een eenmalige vergoeding die een administratieve overheid betaalt om de kapitaalschade bij de zakelijk gerechtigde en het inkomstenverlies bij de gebruiker door gebruiksbeperkingen te vergoeden; 5° Deposito- en Consignatiekas: het bestuur, vermeld in artikel 3 tot en met 4 van de wet van 11 juli 2018 op de Deposito- en Consignatiekas; 6° eigenaarsvergoeding: een compensatie voor een daling van de eigenaarswaarde als gevolg van een gebruiksbeperking die valt onder artikel 6, 1°, 2°, 3°, 5°, 7° en 8°; 7° gebruiker: de persoon die als eigenaar, vruchtgebruiker, erfpachter, opstalhouder of houder van een recht van gebruik of bewoning het onroerend goed exploiteert of de persoon die het onroerend goed huurt conform boek III, titel VIII, hoofdstuk II, van het oud Burgerlijk Wetboek of conform het Vlaams Woninghuurdecreet; 8° gebruikersvergoeding: een compensatie voor een daling van de gebruikswaarde door gederfde beroepsinkomsten als gevolg van een gebruiksbeperking die valt onder artikel 6, 4°, 5°, 6° en 8°; 9° gebruiksbeperking: een beperking op het gebruik van een onroerend goed als gevolg van bindende maatregelen in het algemeen belang die administratieve overheden hebben opgelegd op basis van de regelgeving, vermeld in artikel 6; 10° initiatiefnemer: de gewestelijke, provinciale of gemeentelijke administratieve overheid die verantwoordelijk is voor het besluit waarin de gebruiksbeperkingen worden opgelegd waardoor het recht op een compenserende vergoeding als vermeld in titel 2, hoofdstuk 1 tot en met 6, of de mogelijkheid om een koopplicht als vermeld in titel 3, hoofdstuk 1 tot en met 6, toe te passen, ontstaat; 11° instrument: een middel om een ruimtelijk project mogelijk te maken en te realiseren; 12° perceel: kadastraal perceel; 13° Vlaamse Grondenbank: de Vlaamse Grondenbank, opgericht bij het decreet van 16 juni 2006 betreffende het oprichten van de Vlaamse Grondenbank en houdende wijziging van diverse bepalingen; 14° zakelijk gerechtigde: de houder van een van de volgende zakelijke rechten: a) de volle of blote eigendom; b) het recht van opstal of van erfpacht; c) het vruchtgebruik. Hoofdstuk 2. Doelstelling Art. 4. Dit decreet beoogt een afgewogen en gemotiveerde inzet van realisatiegerichte en grondgebonden instrumenten met het oog op een optimaal gebruik van onroerende goederen binnen de doelstellingen van het omgevingsbeleid, vermeld in artikel 1.1.4 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en artikel 1.2.1 van het decreet van 5 mei 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid. Titel 2. Compenserende vergoedingen Hoofdstuk 1. Definities Art. 5. In deze titel wordt verstaan onder: 1° aanvrager: a) de zakelijk gerechtigde of zijn gelijkgestelde conform punt 2°, a), die een eigenaarsvergoeding vraagt; b) de gebruiker of zijn gelijkgestelde conform punt 2°, b), die een gebruikersvergoeding vraagt; 2° begunstigde: a) de begunstigde van de eigenaarsvergoeding is de zakelijk gerechtigde op het moment van de inwerkingtreding van de gebruiksbeperking, de echtgenoot of echtgenote of de wettelijk samenwonende partner van de zakelijk gerechtigde, en de erfopvolgers aan wie het recht op eigenaarsvergoeding is overgedragen of overgegaan door erfopvolging of testament; b) de begunstigde van de gebruikersvergoeding is de gebruiker op het moment van de inwerkingtreding van de gebruiksbeperking, de echtgenoot of echtgenote of de wettelijk samenwonende partner van de gebruiker, en de erfopvolgers aan wie het recht op gebruikersvergoeding is overgedragen of overgegaan door erfopvolging of testament; 3° landcommissie: een landcommissie als vermeld in artikel 2.2.1 van het decreet van 28 maart 2014 betreffende de landinrichting; 4° woonreservegebied: een gebied als vermeld in artikel 1.1.2, 19°, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening. Hoofdstuk 2. Doelstelling en toepassingsgebied Art. 6. Titel 2 van dit decreet heeft tot doel de volgende compenserende vergoedingen op het vlak van de procedure en de berekening van de vergoeding onderling af te stemmen, op basis van een uniform, transparant en billijk kader voor de begunstigde van de compenserende vergoeding en de initiatiefnemer: 1° de planschadevergoeding, vermeld in artikel 2.6.1, §1, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening; 2° de bestemmingswijzigingscompensatie, vermeld in boek 6, titel 2, van het decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid; 3° de compensatie ingevolge beschermingsvoorschriften, vermeld in …
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd