Artikel 36
De jeugdrechtbank kan een minderjarige delictpleger toevertrouwen aan een afdeling binnen een gemeenschapsinstelling, ingericht voor personen die een reactie opgelegd krijgen met toepassing van dit decreet, voor een gesloten begeleiding van drie, zes of negen maanden als vermeld in artikel 29, § 2, eerste lid, 7°. De voorwaarden, vermeld in artikel 26, §2, eerste lid, 2° en 3°, en tweede lid, zijn van overeenkomstige toepassing.
Ten aanzien van een minderjarige delictpleger die tussen twaalf en veertien jaar oud is op het ogenblik van de feiten, kan de sanctie, vermeld in het eerste lid, worden uitgesproken onder de voorwaarden, vermeld in artikel 26, §3, eerste lid, 2° en 3°, en tweede lid.
Artikel 27, §3, is van overeenkomstige toepassing.
De jeugdrechtbank bepaalt de duur van de gesloten begeleiding in haar vonnis.
Wanneer de minderjarige delictpleger tijdens de voorbereidende rechtspleging reeds een maatregel gesloten oriëntatie opgelegd kreeg, al dan niet gevolgd door een maatregel van gesloten begeleiding, kunnen elementen uit het afgeleverde oriëntatieverslag in overweging worden genomen om de duur, vermeld in het vorige lid, te bepalen.