Over regiovorming en tot wijziging van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur #1446
Gemerged Vlaamse Regering voegde 1 artikel samen in decreet-2017-12-22-1029017 · 14 oktober 2022 Alle checks geslaagd
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks; de aanvaarde amendementen zitten in de volgende tekst van het voorstel. Hieronder de tekst uit de PDF.
Documenten in het dossier:
: Ontwerp van decreet
21 november 2022 (2022-2023)
Amendementen
op het ontwerp van decreet
over regiovorming
en tot wijziging van het decreet van 22 december 2017
over het lokaal bestuur
ingediend op
verzendcode: BIN
— 1011 Brussel — 02 552 11 11 — www.vlaamsparlement.be
AMENDEMENT Nr. 1
voorgesteld door Yves Buysse, Chris Janssens en Sam Van Rooy
Artikel 8
Dit artikel vervangen door wat volgt:
“Art. 8. De regiowerking wordt maandelijks ingeschreven op de agenda van de
gemeenteraad.”.
VERANTWOORDING
Met de voorgestelde wijziging wordt de gemeenteraad als hart van de lokale democratie versterkt. De
informatieverplichting omtrent de regiowerking wordt immers maandelijks verplicht geagendeerd op de
vergadering van de gemeenteraad. Hierdoor komt de informatie omtrent de regiowerking in essentie
toe aan de raadsleden ter versterking van hun controlerende taak ten opzichte van het college van burgemeester en schepenen. Door de maandelijkse informatieverplichting decretaal te verankeren wordt
de gemeenteraad principieel erkend als het opperste democratische orgaan op lokaal niveau.
AMENDEMENT Nr. 2
voorgesteld door Yves Buysse, Chris Janssens en Sam Van Rooy
Artikel 8/1 (nieuw)
Een artikel 8/1 invoegen, dat luidt als volgt:
“Art. 8/1. Aan artikel 29, §5, van het decreet van 22 december 2017 over het
lokaal bestuur wordt de zinsnede “, de regiowerking en de intergemeentelijke
samenwerkingsverbanden van de gemeente” toegevoegd.”.
VERANTWOORDING
De uitbreiding van het inzage- en bezoekrecht tot ook de regiowerking van de gemeente en de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden leidt tot een versterking van de controlerende bevoegdheid
van de gemeenteraadsleden. Zij zijn op die manier niet langer afhankelijk van de goodwill bij de aanvraag van stukken die ondanks het niet-lokale karakter toch indirect een impact hebben op het lokaal
bestuur waarvan zij als gemeenteraadslid deel uitmaken.
AMENDEMENT Nr. 3
voorgesteld door Bart Tommelein, Paul Van Miert, Koen Van den Heuvel,
Nadia Sminate, Brecht Warnez en Kris Van Dijck
Artikel 11
Dit artikel vervangen door wat volgt:
“Art. 11. In artikel 348 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen
aangebracht:
1° in het tweede lid wordt de zinsnede “de nieuwe gemeente en,” vervangen door
de zinsnede “de nieuwe gemeente,”;
2° aan het tweede lid wordt de zinsnede “en, als de samen te voegen gemeenten
niet tot dezelfde referentieregio behoren, de referentieregio waartoe de nieuwe
gemeente behoort” toegevoegd;
3° aan het tweede lid wordt de zin “Onder referentieregio wordt verstaan: een
referentieregio als vermeld in artikel 3, 4°, van het Regiodecreet van […]”
toegevoegd.”.
VERANTWOORDING
Met deze wijziging wordt een technische aanpassing aan de tekst van het ontworpen artikel 11 doorgevoerd. De omschrijving van het begrip ‘referentieregio’ wordt niet ingeschreven door tussen het
bestaande tweede en derde lid van artikel 348 van het decreet over het lokaal bestuur een nieuw lid
(dat het derde lid wordt) in te voegen. In plaats daarvan wordt de bepaling in kwestie toegevoegd aan
het bestaande tweede lid.
Dit heeft te maken met het eveneens in het Vlaams Parlement ingediende ontwerp van decreet tot wijziging van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur (Parl.St. Vl.Parl. 2022-23, 1445/1).
Dat ontwerp van decreet vervangt het huidige derde lid van artikel 348. De voorgestelde wijziging zorgt
ervoor dat er geen discussie kan zijn over de wetshistoriek van de artikelen.
AMENDEMENT Nr. 4
voorgesteld door Bart Tommelein, Paul Van Miert, Koen Van den Heuvel,
Nadia Sminate, Brecht Warnez en Kris Van Dijck
Artikel 32
In het eerste lid, op de derde en de zevende regel, de datum “1 januari
2023” vervangen door de datum “1 januari 2024”.
VERANTWOORDING
Deze wijziging is een gevolg van de invoering van een overgangsregeling voor de afschaffing van het
goedkeuringstoezicht en de invoering van het niet-bindend advies van de Vlaamse Regering (zie daarvoor het amendement op artikel 33).
Vermits artikel 32 in werking zal treden op 1 januari 2024, dient het startpunt van de in dat artikel
omschreven uitzonderingsregeling ook verzet te worden naar 1 januari 2024.
AMENDEMENT Nr. 5
voorgesteld door Bart Tommelein, Paul Van Miert, Koen Van den Heuvel,
Nadia Sminate, Brecht Warnez en Kris Van Dijck
Artikel 33
Dit artikel vervangen door wat volgt:
“Art. 33. De volgende artikelen treden in werking op 1 januari 2023:
1° artikel 1 tot en met 9;
2° artikel 11 tot en met 13;
3° artikel 30, 31 en 33.
De volgende artikelen treden in werking op 1 januari 2024:
1° artikel 10;
2° artikel 14 tot en met 28;
3° artikel 29 en 32.”.
VERANTWOORDING
Met deze wijziging wordt een overgangsregeling van 1 jaar ingeschreven voor de afschaffing van
het goedkeuringstoezicht op de oprichting en de statutenwijzigingen van intergemeentelijke samenwerkingsverbanden die voldoen aan de principes van regioconform samenwerken en op de oprichting
en de statutenwijzigingen van verenigingen en vennootschappen voor maatschappelijk welzijn.
In de plaats van het goedkeuringstoezicht komt een voorafgaand niet-bindend advies van de Vlaamse
Regering. Het goedkeuringstoezicht wordt uitgeoefend nadat het bevoegde orgaan van het samenwerkingsverband, de vereniging of de vennootschap een formele beslissing heeft genomen. Bij een
niet-bindend advies daarentegen is er nog geen formele beslissing. Er wordt namelijk een ontwerpbeslissing voor advies voorgelegd aan de Vlaamse Regering. Pas als het bevoegde orgaan van het
samenwerkingsverband, de vereniging of de vennootschap die adviesplicht heeft vervuld, kan het een
formele beslissing nemen.
Samenwerkingsvormen die het voornemen hebben om in de loop van 2023 een statutenwijziging door
te voeren, hebben in hun retroplanning rekening gehouden met het goedkeuringstoezicht en daarmee
samenhangende termijn (90 dagen vanaf verzending van het dossier naar de toezichthoudende overheid). Ze konden nog geen rekening houden met de …