Artikel 26ter
Als de persoon, vermeld in artikel 26bis, §1, eerste lid, beslist om de aanvraag van redelijke aanpassingen, vermeld in artikel 26bis, §1, eerste lid, volledig of gedeeltelijk in te willigen, voert hij die beslissing zo spoedig mogelijk uit, uiterlijk binnen zestig dagen vanaf de dag waarop de voormelde beslissing is genomen.
Als de persoon, vermeld in artikel 26bis, §1, eerste lid, oordeelt dat hij meer tijd nodig heeft om zijn beslissing uit te voeren, kan hij de termijn, vermeld in het eerste lid, verlengen met dertig dagen. De aanvrager van redelijke aanpassingen als vermeld in artikel 19, wordt binnen de termijn, vermeld in het eerste lid, op de hoogte gebracht van een dergelijke verlenging en van de reden of redenen daarvoor.