§ flandrepo

Bij de begroting 2025 #121

Gemerged Vlaamse Regering voegde 46 artikels samen in decreet-2002-07-05decreet-2007-06-15decreet-2009-02-20 · 8 november 2024 35 checks vragen aandacht
Verslag
13 december 2024 · 5 blz.
121/12 Officiële PDF
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
Documenten in het dossier: : Ontwerp van programmadecreet – Nr. 2 t.e.m. 6: Amendementen – Nr. 7 t.e.m. 11: Verslagen verzendcode: OND ingediend op 10 december 2024 (2024-2025) Verslag namens de Commissie voor Onderwijs uitgebracht door Koen Daniëls, Jan Laeremans en Loes Vandromme over het ontwerp van programmadecreet bij de begroting 2025 Hoofdstuk 3. Onderwijs en Vorming Hoofdstuk 8. Inwerkingtreding Samenstelling van de Commissie voor Onderwijs: Voorzitter: Bart Claes. Vaste leden: Koen Daniëls, Karolien Grosemans, Tom Seurs, Griet Vanryckegem; Roosmarijn Beckers, Bart Claes, Mercina Claesen, Jan Laeremans; Hannelore Goeman, Frederik Sioen; Loes Vandromme, Peter Van Rompuy; Stephanie D'Hose; Line De Witte; Kim Buyst. Plaatsvervangers: Arnout Coel, Manu Diericx, Freya Perdaens, Nadia Sminate; Michiel Awouters, Filip Brusselmans, Dominiek Lootens-Stael, Kristof Slagmulder; Nawal Maghroud, Katia Segers; An Christiaens, Brecht Warnez; Gwendolyn Rutten; Ilona Vandenberghe; Fourat Ben Chikha. Toegevoegde leden: M'Hamed Kasmi. Op 21 en 28 november en 5 december 2024 besprak de Commissie voor Onderwijs het ontwerp van programmadecreet bij de begroting 2025. Het ontwerp van programmadecreet werd samen behandeld met het ontwerp van decreet houdende de uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2025 (Parl.St. Vl.Parl. 2024-25, nr. 15/1) en de beleidsnota Onderwijs en Vorming 2024-2029 (Parl.St. Vl.Parl. 2024-25, nr. 126/1). I. Toelichting door minister Zuhal Demir In het programmadecreet staan voor Onderwijs en Vorming vijf afdelingen, schetst minister Zuhal Demir. Het meest in het oog springt de eenmalige bijkomende investeringstoelage van 20 miljoen euro voor de Hogere Zeevaartschool in het kader van het lopende renovatie- en nieuwbouwproject. Daarnaast zorgt de minister ervoor dat de indexering van de investeringsmiddelen van de Hogere Zeevaartschool op dezelfde manier gebeurt als voor de andere hogescholen en de universiteiten. Concreet betekent dat dat men van de gezondheidsindex overstapt naar de ABEX-index. Het volwassenenonderwijs kan opnieuw rekenen op aanvullende middelen voor de asielproblematiek. In het kader van de huursubsidies voor tijdelijke modulaire units verhoogt de minister het decretaal gemachtigde maximale jaarlijkse subsidiebedrag om verbintenissen aan te gaan voor huursubsidies tot 2 miljoen euro. De reden hiervoor is het grote succes van het programma en de mogelijkheid om flexibel in te spelen op nieuwe vragen. Wat betreft het werkingsbudget voor de onderwijsinternaten zorgt de minister met een technische aanpassing voor meer rechtszekerheid. Per ingevulde bijkomende verblijfsdag is in 7,22 euro voorzien. Dat bedrag staat alleen in de memorie van toelichting bij het decreet. Het wordt nu in het decreet zelf ingeschreven. II. Bespreking 1. Tussenkomsten van de leden 1.1. Stephanie D’Hose De investeringsmiddelen voor de Hogere Zeevaartschool zullen worden geïndexeerd volgens de ABEX-index, schetst Stephanie D’Hose. Zal die index in de toekomst ook worden gebruikt in het leerplichtonderwijs? Het plafond voor huursubsidies bij dringende capaciteitsproblematiek wordt opgetrokken. Dat is een duur lapmiddel voor een groter probleem. De overheid betaalt twee keer: met huursubsidies en met het wegwerken van de wachtlijsten. Kan de minister genoeg inspanningen leveren om het infrastructuurprobleem in het onderwijs duurzaam op te lossen? De maatregel geldt enkel voor het gesubsidieerd onderwijs. Hoe garandeert de minister de gelijke behandeling met het gemeenschapsonderwijs? Artikel 6 handelt over de bijkomende middelen voor de Hogere Zeevaartschool. Stephanie D’Hose vindt het grappig dat de Vlaamse Regering de middelen van een belangrijke tweetalige opleiding gevoelig optrekt. In het verleden kreeg de school al 10 miljoen euro subsidies. 1,4 miljoen euro ging naar klimaatmiddelen. In het programmadecreet wordt 20 miljoen euro ingeschreven en daarnaast is er een door de overheid gewaarborgde lening van 15 miljoen euro. Wat zal de totale kost van het project bedragen voor de Vlaamse overheid? Zal de minister meer middelen geven als het budget voor de verbouwingen wordt overschreden? Is de minister bereid om andere gewaarborgde leningen toe te kennen om andere infrastructuurproblemen in het hoger onderwijs aan te pakken? Wat met het leerplichtonderwijs en de gelijke behandeling van het gesubsidieerde en het officiële onderwijs? Alleen het gesubsidieerde onderwijs kan leningen aangaan. Is de minister van plan om daarin een wijziging te overwegen? Artikel 7 en 8 over de financiering van de internaten gaan in tegen het model van financiering van het kleuter- en leerplichtonderwijs. Hoe evalueert de minister dat? Wordt ook dat financieringsmodel herbekeken? Wat zal de minister doen als de enveloppefinanciering niet volstaat om de decretaal vastgelegde 7,22 euro per kind aan te houden? Artikel 44 betreft de indexering van de werkingsmiddelen. De minister doet een inspanning en grijpt in op de index van het gewoon en buitengewoon secundair onderwijs en het deeltijds kunstonderwijs. De overheid moet principieel haar engagementen nakomen en keuzes maken over waar ze zal tussenkomen. Is de minister het daarmee eens? Zal ze binnen de regering afspraken maken over een volledige indexering van de werkingsmiddelen en de uitzonderingssituatie van de niet-indexering doorbreken? III. Antwoord van minister Zuhal Demir Er komt op korte termijn een evaluatie van het werkingsbudget voor de onderwijsinternaten, met – in overleg met minister Caroline Gennez – bijzondere aandacht voor kinderen met welzijnsproblematieken die door de jeugdrechter worden doorverwezen, geeft minister Zuhal Demir mee. IV. Stemming Hoofdstuk 3. Onderwijs en Vorming Afdeling 1 Artikel 3 wordt aangenomen met 8 stemmen tegen 3 bij 4 onthoudingen. Afdeling 2 Artikel 4 wordt aangenomen met 12 stemmen tegen 3. Afdeling 3 Artikel 5 wordt aangenomen met 12 stemmen tegen 3. Afdeling 4 Artikel 6 wordt …
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd