Tot instemming met het samenwerkingsakkoord van 19 december 2022 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest, het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest, de Franse Gemeenschap en de Duitstalige Gemeenschap betreffende het gebruik van de herstel- en veerkrachtfaciliteit #1564
Gemerged Vlaamse Regering wijzigt geen gevolgde wet · 27 januari 2023 1 checks vragen aandacht
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
Documenten in het dossier:
: Ontwerp van decreet
verzendcode: FIN
ingediend op 3 maart 2023 (2022-2023)
Verslag
namens de Commissie voor Algemeen Beleid,
Financiën, Begroting en Justitie
uitgebracht door Arnout Coel
over het ontwerp van decreet
tot instemming
met het samenwerkingsakkoord van 19 december 2022
tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap,
het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest,
het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest,
de Franse Gemeenschap
en de Duitstalige Gemeenschap
betreffende het gebruik
van de herstel- en veerkrachtfaciliteit
Samenstelling van de Commissie voor Algemeen Beleid, Financiën, Begroting en Justitie:
Voorzitter: Steven Vandeput.
Vaste leden:
Arnout Coel, Maaike De Vreese, Andries Gryffroy, Philippe Muyters, Steven Vandeput;
Adeline Blancquaert, Anke Van dermeersch, Wim Verheyden;
Koen Van den Heuvel, Peter Van Rompuy;
Willem-Frederik Schiltz, Maurits Vande Reyde;
Celia Groothedde, Björn Rzoska;
Ludwig Vandenhove.
Plaatsvervangers:
Veerle Geerinckx, Sarah Smeyers, Jeroen Tiebout, Wilfried Vandaele, Paul Van Miert;
Filip Brusselmans, Yves Buysse, Johan Deckmyn;
Stijn De Roo, Sofie Mertens;
Marino Keulen, Gwendolyn Rutten;
Mieke Schauvliege, Jeremie Vaneeckhout;
Thijs Verbeurgt.
Toegevoegde leden:
Jos D’Haese.
Op dinsdag 28 februari 2023 besprak de Commissie voor Algemeen Beleid, Financiën,
Begroting en Justitie in aanwezigheid van minister Matthias Diependaele, Vlaams
minister van Financiën en Begroting, Wonen en Onroerend Erfgoed, het ontwerp
van decreet tot instemming met het samenwerkingsakkoord van 19 december
2022 tussen de Federale Staat, de Vlaamse Gemeenschap, het Vlaamse Gewest, het
Waalse Gewest, het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest, de Franse Gemeenschap en
de Duitstalige Gemeenschap betreffende het gebruik van de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
1. Inleiding door minister Matthias Diependaele
In het kader van de Europese Faciliteit voor Herstel en Veerkracht, opgezet bij de
RRF-verordening (RRF: Recovery and Resilience Facility) van 12 februari 2021, zal
België mits het behalen van mijlpalen en streefdoelen in verschillende betalingsschijven de som van 4,524 miljard euro aan subsidies ontvangen vanuit Europa.
Via een samenwerkingsakkoord moeten volgende zaken geregeld worden: de wijze
van betaling van de Europese subsidies, de verdeling ervan tussen de verschillende
entiteiten, en wat als een bepaalde entiteit zijn mijlpalen en/of streefdoelen niet
tijdig heeft behaald, wat gevolgen inhoudt voor de uitbetaling van Europese subsidies.
Het samenwerkingsakkoord bepaalt verder dat iedere entiteit verantwoordelijk is
voor de uitvoering van de mijlpalen en streefdoelen die onder haar bevoegdheid
vallen, en dat zij ook in de controle en audit van haar projecten moet voorzien
zoals bepaald in de RRF-verordening.
2. Debat
2.1. Tussenkomst van Anke Van dermeersch
Er wordt voorgesteld om een ontwerp van decreet tot instemming met het samenwerkingsakkoord van 19 december 2022 betreffende het gebruik van de herstelen veerkrachtfaciliteit post factum goed te keuren. In die zin is een verdere discussie irrelevant want het Vlaams Parlement kan het akkoord alleen goedkeuren
of afkeuren.
De gehanteerde procedure is correct maar het neemt niet weg dat, formeel gezien,
afbreuk wordt gedaan aan de bevoegdheid van het Vlaams Parlement. Het Vlaams
Belang zou graag voorafgaandelijk aan het afsluiten van het samenwerkingsakkoord
over de inhoud ervan hebben gedebatteerd en indien nodig geamendeerd. In voorkomend geval zou de kans groter geweest zijn dat het akkoord niet tweemaal in
het nadeel van Vlaanderen zou zijn.
Het voorliggende samenwerkingsakkoord is voor Vlaanderen mogelijks nadelig,
wat ondertussen ook blijkt uit de huidige opschorting door de Europese Commissie
van de uitbetaling van de eerste schijf van de bijdrage van de Europese Commissie in
het Belgische Herstel- en Veerkrachtplan, omwille van de gebreken aan het Belgische
saneringsbeleid.
Om de beloofde financiering te bekomen dient ook Vlaanderen aan te tonen dat de
beoogde mijlpalen en doelstellingen van zijn projecten en hervormingen binnen
het Belgische Herstel- en Veerkrachtplan worden behaald en dit moet aangetoond
worden via een onafhankelijke auditautoriteit waartoe in Vlaanderen de Vlaamse
Auditautoriteit werd opgericht. Dat lijkt de spreker goed geregeld.
Belangrijk is artikel 5 waar wordt bepaald dat de partijen zich trachten te houden aan
het in de operationele regelingen vastgestelde tijdschema voor betalingsaanvragen.
Dit is wel een vrijblijvende verbintenis. Wanneer een partij in gebreke blijft, waardoor
er geen betalingsaanvraag kan worden ingediend, is er geen sanctie voorzien. Het
Vlaams Belang had hier graag een sanctie zien ingeschreven.
Doordat geen betalingsaanvraag kan worden ingediend is er een vertraging in de
uitbetalingen en dienen de andere, niet in gebreke blijvende, deelentiteiten over
te gaan tot langere en hogere prefinancieringen, dus bijkomende uitgaven.
Artikel 7 bepaalt dan dat de aan België toegekende, Europese financiële bijdrage,
tussen de partijen wordt verdeeld op basis van een beslissing van het Overlegcomité.
Maar over welke beslissing van het Overlegcomité gaat het hier?
Uit het antwoord van minister Matthias Diependaele op een schriftelijke vraag weet
men dat de Europese Commissie heeft beslist dat de herberekening van de middelen
leidt tot een bedrag voor België van 4,524 miljard euro (Schriftelijke vragen Vl.Parl.
2022-23, nr. 116).
In zijn antwoord verklaarde de minister dat de afgesproken verdeelsleutel (bij toekenning van het initiële bedrag van 5,925 miljard euro) was bepaald op 38,06%,
en dat de verdeelsleutel op het Overlegcomité niet opnieuw werd besproken. Gaat
de Vlaamse Regering dan definitief akkoord met een verdeling van 38,06% voor
Vlaanderen? Blijkbaar wel.
Nu bepaalt artikel 10 dat, indien de Europese Commissie vaststelt dat slechts een
deel van de mijlpalen en streefdoelen op bevredigende wijze is gerealiseerd, en er
derhalve een deel van de …