Artikel 69/1
§1. Het personeelslid, vermeld in artikel 70, §2, kan tot de administratieve afhandeling overgaan, tenzij de procureur des Konings binnen negentig dagen na de dag waarop die het proces-verbaal heeft ontvangen, meedeelt dat hij tot strafrechtelijke afhandeling zal overgaan. Het openbaar ministerie kan op dossierspecifiek gemotiveerd verzoek, binnen de termijn van negentig dagen, die termijn één keer met ten hoogste negentig dagen verlengen. In dat geval brengt het openbaar ministerie het personeelslid, vermeld in artikel 70, §2, hiervan onmiddellijk op de hoogte. Als de procureur des Konings niet binnen de termijn van negentig dagen, die eventueel wordt verlengd, aan het personeelslid, vermeld in artikel 70, §2, heeft meegedeeld dat hij tot strafrechtelijke afhandeling overgaat, vervalt de strafvordering.
De personeelsleden, vermeld in artikel 70, §2, kunnen een protocol afsluiten met het college van procureurs-generaal waarin de bezorging aan deze personeelsleden van de dossiers waarvoor tot administratieve afhandeling kan worden overgegaan, wordt geregeld. Indien een dergelijk protocol niet bestaat, kunnen de vermelde personeelsleden in de gevallen waarin tot administratieve afhandeling kan worden overgegaan, de procureur des Konings verzoeken het dossier te bezorgen.
§2. De personeelsleden, vermeld in artikel 70, §2, kunnen met het college van procureurs-generaal een protocol sluiten waarin wordt overeengekomen om bepaalde misdrijven in beginsel altijd administratief te vervolgen.
Het protocol, vermeld in het eerste lid, bevat al de volgende elementen:
- 1°de beschrijving van de misdrijven die in beginsel administratief worden vervolgd;
- 2°de eventuele bijkomende voorwaarden waaraan voldaan moet zijn om een misdrijf in beginsel administratief te kunnen vervolgen;
- 3°de kennisgeving van de misdrijven aan het openbaar ministerie;
- 4°de gevallen waarin en de voorwaarden waaronder het openbaar ministerie alsnog kan beslissen tot de strafrechtelijke afhandeling;
- 5°de geldigheidsduur van het protocol.
De Vlaamse Regering kan de nadere regels bepalen voor de maximale geldigheidsduur van het protocol, vermeld in het eerste lid.
De Vlaamse Regering keurt het protocol goed en maakt het bekend op de website van het departement.
Als in toepassing van het protocol wordt overgegaan tot administratieve afhandeling, vervalt de strafvordering.