Artikel IV.23
De begroting bestaat uit 4 deelbegrotingen:
- 1°een begrote resultatenrekening, inhoudende een raming van alle opbrengsten en kosten van de hogeschool en derhalve het resultaat van de begrotingsperiode met een afzondelijke afdeling voor studentenvoorzieningen;
- 2°een begroting van de geplande investeringen en de geplande financieringswijzen van deze investeringen voor de begrotingsperiode met een afzondelijke afdeling voor studentenvoorzieningen;
- 3°een liquiditeitenbegroting, inhoudende een raming van alle inkomsten en uitgaven van de hogeschool en derhalve van de wijziging van het liquiditeitensaldo voor de begrotingsperiode;
- 4°een geprojecteerde balans, bestaande uit een raming van alle activa en passiva, na de resultatenverwerking van de periode, op de einddatum van de begrotingsperiode.
De deelbegrotingen moeten een sluitend geheel vormen.
De Vlaamse Regering kan de bijkomende regels voor de vormgeving van de begroting en meerjarenbegroting bepalen. Deze regels slaan op onder meer de omschrijving van de diverse afdelingen en rubrieken van de deelbegrotingen en de procedure tot wijziging van de begroting.