Naar aanleiding van een forensisch auditrapport over een gemeente of een openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn als vermeld in artikel 222, tweede lid, belast de Vlaamse Regering de provinciegouverneur ermee om de gemeente of het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn te begeleiden bij de uitvoering van een remediëringstraject. Met het oog op het versterken van de globale integriteitsaanpak verleent de gouverneur in het kader van het remediëringstraject ondersteuning op maat van de gemeente of het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn.
Artikel 221 tot en met 223en de bepalingen van titel 4 zijn van toepassing op de autonome gemeentebedrijven, met uitzondering van artikel 249, § 3 en § 4, artikel 256, artikel 260, derde lid, artikel 262, § 1, tweede lid, artikel 264, tweede lid, en hoofdstuk 3 en 4, en met dien verstande dat de volgende woorden worden gelezen als volgt:
1
Artikel 221 tot en met 223, artikel 224/1 en de bepalingen van titel 4 zijn van toepassing op de autonome gemeentebedrijven, met uitzondering van artikel 249, § 3 en § 4, artikel 256, artikel 260, derde lid, artikel 262, § 1, tweede lid, artikel 264, tweede lid, en hoofdstuk 3 en 4, en met dien verstande dat de volgende woorden worden gelezen als volgt:
2
1° "de gemeente" als "het autonoom gemeentebedrijf";
2
1° "de gemeente" als "het autonoom gemeentebedrijf";
3
2° "de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn" als "het autonoom gemeentebedrijf";
3
2° "de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn" als "het autonoom gemeentebedrijf";
6
5° "de gemeenteraad" , "de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn" en "de gemeenteraad of de raad voor maatschappelijk welzijn" als "de raad van bestuur";
6
5° "de gemeenteraad" , "de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn" en "de gemeenteraad of de raad voor maatschappelijk welzijn" als "de raad van bestuur";
7
6° "raadsleden" als "leden van de raad van bestuur";
7
6° "raadsleden" als "leden van de raad van bestuur";
8
7° "het college van burgemeester en schepenen" als "de raad van bestuur".
8
7° "het college van burgemeester en schepenen" als "de raad van bestuur";
9
8° “een gemeente of een openbaar centrum voor maatschappelijk wel-zijn” als “een autonoom gemeentebedrijf”;
10
9° “de gemeente of het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn” als “het autonoom gemeentebedrijf”.”
9
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere voorwaarden voor de toepassing van de bepalingen van het eerste lid op de autonome gemeentebedrijven.
11
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere voorwaarden voor de toepassing van de bepalingen van het eerste lid op de autonome gemeentebedrijven.
Artikel 221 tot en met 223 zijn van toepassing op de welzijnsvereniging met dien verstande dat "in elke gemeente en in elk openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn" gelezen wordt als "in elke welzijnsvereniging".
1
Artikel 221 tot en met 223 en artikel 224/1 zijn van toepassing op de welzijnsvereniging met dien verstande dat "in elke gemeente en in elk openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn" gelezen wordt als "in elke welzijnsvereniging", "een gemeente of een openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn” gelezen wordt als “een welzijnsvereniging” en “de gemeente of het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn” gelezen wordt als “de welzijnsvereniging”.