Houdende wijziging van het decreet van 7 juli 2017 houdende de subsidiëring en erkenning van het sociaal-cultureel volwassenenwerk #153
De instructies van dit stuk toegepast op de wet zoals die gold op 18 nov 2019. De officiële tekst blijft het document van het Parlement.
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (tekst niet eenduidig gevonden in het genoemde deel). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (plaats van invoeging niet gevonden). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 1 | Het advies van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 22, §4, houdt rekening met de volgende richtlijnen voor het adviseren over de toekenning van de subsidie-enveloppe voor de nieuwe beleidsperiode: | ||
| 2 | 1° de subsidie-enveloppe is gelijk aan of hoger dan de subsidie-enveloppe van de vorige beleidsperiode voor de sociaal-culturele volwassenenorganisaties: | ||
| 3 | a) met een positieve evaluatie zonder aanbevelingen van de visitatiecommissie, vermeld in artikel 23, §3, tweede lid, 1°, en een positief subsidieadvies of een positief subsidieadvies met aandachtspunten van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 22, §4, tweede lid, 1° of 2°; | ||
| 4 | b) met een positieve evaluatie met aanbevelingen van de visitatiecommissie, vermeld in artikel 23, §3, tweede lid, 2°, en een positief subsidieadvies van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 22, §4, tweede lid, 1°; | ||
| 5 | 2° de subsidie-enveloppe is lager dan, gelijk aan of hoger dan de subsidie-enveloppe van de vorige beleidsperiode voor de sociaal-culturele volwassenenorganisaties met een positieve evaluatie met aanbevelingen van de visitatiecommissie, vermeld in artikel 23, §3, tweede lid, 2°, en een positief subsidieadvies met aandachtspunten van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 22, §4, tweede lid, 2°; | ||
| 6 | 3° de subsidie-enveloppe is lager dan of gelijk aan de subsidie-enveloppe van de vorige beleidsperiode voor de sociaal-culturele volwassenenorganisaties: | ||
| 7 | a) met een positieve evaluatie zonder aanbevelingen van de visitatiecommissie, vermeld in artikel 23, §3, tweede lid, 1°, en een negatief subsidieadvies van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 22, §4, tweede lid, 3°; | ||
| 8 | b) met een negatieve evaluatie met aanbevelingen van de visitatiecommissie, vermeld in artikel 23, §3, tweede lid, 3°, en een positief subsidieadvies of een positief subsidieadvies met aandachtspunten van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 22, §4, tweede lid, 1° of 2°; | ||
| 9 | 4° de subsidie-enveloppe is lager dan de subsidie-enveloppe van de vorige beleidsperiode of de subsidiëring wordt stopgezet voor de sociaal-culturele volwassenenorganisaties: | ||
| 10 | a) met een positieve evaluatie met aanbevelingen van de visitatiecommissie, vermeld in artikel 23, §3, tweede lid, 2°, en een negatief subsidieadvies van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 22, §4, tweede lid, 3°; | ||
| 11 | b) met een negatieve evaluatie met aanbevelingen van de visitatiecommissie, vermeld in artikel 23, §3, tweede lid, 3°, en een negatief subsidieadvies van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 22, §4, tweede lid, 3°. |
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (het deel om aan te vullen niet gevonden). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (dit nummer bestaat al). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 1 | De visitatiecommissies brengen een bezoek ter plaatse in het derde jaar van de lopende beleidsperiode en evalueren de werking van elke gesubsidieerde sociaal-culturele volwassenenorganisatie op basis van het beleidsplan, het voortgangsrapport, de begrotingen, de financiële verslagen, algemene informatie en gegevens met betrekking tot de werking en de beoordelingselementen, vermeld in artikel 10. | 1 | De visitatiecommissies brengen een bezoek ter plaatse in het derde jaar van de lopende beleidsperiode en evalueren de werking van gesubsidieerde sociaalculturele volwassenenorganisaties op basis van het beleidsplan, het voortgangsrapport, de begrotingen, de financiële verslagen, algemene informatie en gegevens met betrekking tot de werking en de beoordelingselementen, vermeld in artikel 10. |
| 2 | De Vlaamse Regering bepaalt, na advies van de Adviescommissie Sociaal- Cultureel Volwassenwerk, vermeld in artikel 16, de indicatoren op basis waarvan de administratie de lijst opmaakt van de gesubsidieerde sociaalculturele volwassenenorganisaties die niet worden geëvalueerd door de visitatiecommissies in de lopende beleidsperiode. | ||
| 3 | Het visitatieverslag, vermeld in artikel 22, §1, is voor de sociaal-culturele volwassenenorganisaties die niet worden geëvalueerd door de visitatiecommissies in de lopende beleidsperiode, het visitatieverslag van hun laatste evaluatie. | ||
| 2 | De visitatiecommissie deelt haar bevindingen mee aan de sociaal-culturele volwassenenorganisatie in de vorm van een voorlopig visitatieverslag, uiterlijk vijfendertig dagen nadat de visitatie heeft plaatsgevonden. | 4 | De visitatiecommissie deelt haar bevindingen mee aan de sociaal-culturele volwassenenorganisatie in de vorm van een voorlopig visitatieverslag, uiterlijk vijfendertig dagen nadat de visitatie heeft plaatsgevonden. |
| 3 | De sociaal-culturele volwassenenorganisatie heeft achtentwintig dagen om te reageren op het voorlopig visitatieverslag. | 5 | De sociaal-culturele volwassenenorganisatie heeft achtentwintig dagen om te reageren op het voorlopig visitatieverslag. |
| 6 | 2° op basis van de beoordelingselementen, vermeld in artikel 10. | 6 | 2° op basis van de beoordelingselementen, vermeld in artikel 10. |
| 7 | § 3. De beoordelingselementen, vermeld in artikel 10, worden door de Vlaamse Regering uitgewerkt in beoordelingscriteria. | 7 | § 3. De beoordelingselementen, vermeld in artikel 10, worden door de Vlaamse Regering uitgewerkt in beoordelingscriteria. |
| 8 | Bij de uitwerking van de beoordelingscriteria, vermeld in het eerste lid, wordt voor het beoordelingselement, vermeld in artikel 10, eerste lid, 1°, ook het beoordelingscriterium toegevoegd waarbij de organisatie haar ambities expliciteert voor de komende beleidsperiode en daarbij aangeeft wat ze onderneemt om te vermijden dat ze zich louter terugplooit op etnisch-culturele afkomst. | ||
| 8 | De beoordelingscommissie beoordeelt op basis van de beoordelingselementen en formuleert per beoordelingselement een eindresultaat "voldoet", "voldoet ten dele" of "onvoldoende". | 9 | De beoordelingscommissie beoordeelt op basis van de beoordelingselementen en formuleert per beoordelingselement een eindresultaat "voldoet", "voldoet ten dele" of "onvoldoende". |
| 9 | Wanneer de organisatie per beoordelingselement voor alle onderliggende beoordelingscriteria een "voldoet" behaalt, is het eindresultaat van het beoordelingselement "voldoet". | 10 | Wanneer de organisatie per beoordelingselement voor alle onderliggende beoordelingscriteria een "voldoet" behaalt, is het eindresultaat van het beoordelingselement "voldoet". |
| 16 | 3° een negatief subsidieadvies. | 17 | 3° een negatief subsidieadvies. |
| 17 | § 5. De sociaal-culturele volwassenenorganisatie krijgt een positief subsidieadvies, vermeld in paragraaf 4, tweede lid, 1°, wanneer voor alle beoordelingselementen, vermeld in artikel 10 een "voldoet" of een "voldoet ten dele" wordt behaald. | 18 | § 5. De sociaal-culturele volwassenenorganisatie krijgt een positief subsidieadvies, vermeld in paragraaf 4, tweede lid, 1°, wanneer voor alle beoordelingselementen, vermeld in artikel 10 een "voldoet" of een "voldoet ten dele" wordt behaald. |
| 18 | De sociaal-culturele volwassenenorganisatie krijgt een positief subsidieadvies met aandachtspunten, vermeld in paragraaf 4, tweede lid, 2°, wanneer voor elk van de vier beoordelingselementen, vermeld in artikel 11, een "voldoet" of een "voldoet ten dele" wordt behaald en op minstens vier andere beoordelingselementen, vermeld in artikel 10, een "voldoet" of een "voldoet ten dele" wordt behaald. | 19 | De sociaal-culturele volwassenenorganisatie krijgt een positief subsidieadvies met aandachtspunten als vermeld in paragraaf 4, tweede lid, 2°, als ze voor elk van de vijf beoordelingselementen, vermeld in artikel 11, een “voldoet” of een “voldoet ten dele” heeft behaald en op minstens drie andere beoordelingselementen, vermeld in artikel 10, een “voldoet” of een “voldoet ten dele” heeft behaald. |
| 19 | De sociaal-culturele volwassenenorganisatie krijgt een negatief subsidieadvies, vermeld in paragraaf 4, tweede lid, 3°, wanneer voor één van de beoordelingselementen, vermeld in artikel 11, een "onvoldoende" wordt behaald of wanneer voor minstens vijf andere beoordelingselementen, vermeld in artikel 10, een "onvoldoende" wordt behaald. | 20 | De sociaal-culturele volwassenenorganisatie krijgt een negatief subsidieadvies, vermeld in paragraaf 4, tweede lid, 3°, wanneer voor één van de beoordelingselementen, vermeld in artikel 11, een "onvoldoende" wordt behaald of wanneer voor minstens vijf andere beoordelingselementen, vermeld in artikel 10, een "onvoldoende" wordt behaald. |
| 20 | De sociaal-culturele volwassenenorganisatie die bij de evaluatie, vermeld in artikel 23, voor alle beoordelingselementen, vermeld in artikel 11, een "voldoet" behaalde, behoudt dit eindresultaat bij de beoordeling. | 21 | De sociaal-culturele volwassenenorganisatie die bij de evaluatie, vermeld in artikel 23, voor alle beoordelingselementen, vermeld in artikel 11, een "voldoet" behaalde, behoudt dit eindresultaat bij de beoordeling. |
| 13 | 3° een negatieve evaluatie met aanbevelingen. | 13 | 3° een negatieve evaluatie met aanbevelingen. |
| 14 | § 4. De sociaal-culturele volwassenenorganisatie krijgt een positieve evaluatie zonder aanbevelingen, vermeld in paragraaf 3, tweede lid, 1°, wanneer voor alle beoordelingselementen, vermeld in artikel 10, een "voldoet" of een "voldoet ten dele" wordt behaald. | 14 | § 4. De sociaal-culturele volwassenenorganisatie krijgt een positieve evaluatie zonder aanbevelingen, vermeld in paragraaf 3, tweede lid, 1°, wanneer voor alle beoordelingselementen, vermeld in artikel 10, een "voldoet" of een "voldoet ten dele" wordt behaald. |
| 15 | De sociaal-culturele volwassenenorganisatie krijgt een positieve evaluatie met aanbevelingen, vermeld in paragraaf 3, tweede lid, 2°, wanneer voor elk van de vier beoordelingselementen, vermeld in artikel 11, een "voldoet" of een "voldoet ten dele" wordt behaald en op minstens vier andere beoordelingselementen, vermeld in artikel 10, een "voldoet" of een "voldoet ten dele" wordt behaald. | 15 | De sociaal-culturele volwassenenorganisatie krijgt een positieve evaluatie met aanbevelingen als vermeld in paragraaf 3, tweede lid, 2°, als ze voor elk van de vijf beoordelingselementen, vermeld in artikel 11, een “voldoet” of een “voldoet ten dele” heeft behaald en op minstens drie van de andere beoordelingselementen, vermeld in artikel 10, een “voldoet” of een “voldoet ten dele” heeft behaald. |
| 16 | De sociaal-culturele volwassenenorganisatie krijgt een negatieve evaluatie met aanbevelingen, vermeld in paragraaf 3, tweede lid, 3°, wanneer voor één van de beoordelingselementen, vermeld in artikel 11 een "onvoldoende" wordt behaald of wanneer voor minstens vijf andere beoordelingselementen, vermeld in artikel 10, een "onvoldoende" wordt behaald. | 16 | De sociaal-culturele volwassenenorganisatie krijgt een negatieve evaluatie met aanbevelingen, vermeld in paragraaf 3, tweede lid, 3°, wanneer voor één van de beoordelingselementen, vermeld in artikel 11 een "onvoldoende" wordt behaald of wanneer voor minstens vijf andere beoordelingselementen, vermeld in artikel 10, een "onvoldoende" wordt behaald. |
We konden deze wijziging niet met zekerheid op de huidige tekst toepassen (tekst niet eenduidig gevonden in het genoemde deel). Na de merge toont de Codex de nieuwe tekst.
| 1 | De Vlaamse Regering beslist over de subsidie-enveloppe per sociaal-culturele volwassenenorganisatie voor de volgende beleidsperiode, op basis van het advies van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 22, § 4. |
| 2 | § 2. De jaarlijkse subsidie-enveloppe bedraagt per sociaal-culturele volwassenenorganisatie, vermeld in artikel 29, een equivalent van zoveel maal 1,7 euro als er inwoners zijn in de betrokken regio of regio's en minimaal 600.000 euro. De berekening gebeurt op basis van de meest recente bevolkingscijfers die beschikbaar zijn in het jaar waarin de beslissing over de subsidie-enveloppe wordt genomen. | 2 | § 2. De jaarlijkse subsidie-enveloppe bedraagt per sociaal-culturele volwassenenorganisatie, vermeld in artikel 29, een equivalent van zoveel maal 1,7 euro als er inwoners zijn in de betrokken regio of regio's en minimaal 600.000 euro. De berekening gebeurt op basis van de meest recente bevolkingscijfers die beschikbaar zijn in het jaar waarin de beslissing over de subsidie-enveloppe wordt genomen. |
| 3 | In afwijking van het eerste lid, geldt voor de sociaal-culturele volwassenenorganisatie, bevoegd voor het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad, vermeld in artikel 29, tweede lid, 1°, dat voor de berekening 30 procent van de inwoners van het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad in aanmerking wordt genomen. | 3 | In afwijking van het eerste lid, geldt voor de sociaal-culturele volwassenenorganisatie, bevoegd voor het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad, vermeld in artikel 29, tweede lid, 1°, dat voor de berekening 30 procent van de inwoners van het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad in aanmerking wordt genomen. |
| 4 | § 3. Aan sociaal-culturele volwassenenorganisaties, vermeld in artikel 29, met een positief oordeel van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 42, § 3, tweede lid, 1° of 2°, kent de Vlaamse Regering voor de nieuwe beleidsperiode een subsidie-enveloppe toe, zoals bepaald in § 2. | 4 | § 3. Aan sociaal-culturele volwassenenorganisaties, vermeld in artikel 29, met een positief oordeel van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 42, § 3, tweede lid, 1° of 2°, kent de Vlaamse Regering voor de nieuwe beleidsperiode een subsidie-enveloppe toe, zoals bepaald in § 2, als ze het positief oordeel van de beoordelingscommissie volgt. |
| 5 | § 4. Aan sociaal-culturele volwassenenorganisaties, vermeld in artikel 29, met een negatief oordeel van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 42, § 3, tweede lid, 3°, die na het verstrijken van de maximale remediëringstermijn van twaalf maanden, een positief advies krijgen van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 44, § 2, tweede lid, kan de Vlaamse Regering voor de nieuwe beleidsperiode een subsidie-enveloppe toekennen zoals bepaald in § 2. | 5 | § 4. Aan sociaal-culturele volwassenenorganisaties, vermeld in artikel 29, met een negatief oordeel van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 42, § 3, tweede lid, 3°, die na het verstrijken van de maximale remediëringstermijn van twaalf maanden, een positief advies krijgen van de beoordelingscommissie, vermeld in artikel 44, § 2, tweede lid, kan de Vlaamse Regering voor de nieuwe beleidsperiode een subsidie-enveloppe toekennen zoals bepaald in § 2. |
| 6 | De subsidie-enveloppe van de sociaal-culturele volwassenenorganisaties, vermeld in het eerste lid, is het eerste jaar van de nieuwe beleidsperiode gelijk aan de subsidie-enveloppe van het laatste jaar van de voorbije beleidsperiode. | 6 | De subsidie-enveloppe van de sociaal-culturele volwassenenorganisaties, vermeld in het eerste lid, is het eerste jaar van de nieuwe beleidsperiode gelijk aan de subsidie-enveloppe van het laatste jaar van de voorbije beleidsperiode. |
| 5 | a) kerngegevens en cijfers over de financiën voor het tweede en derde jaar van de lopende beleidsperiode; | 5 | a) kerngegevens en cijfers over de financiën voor het tweede en derde jaar van de lopende beleidsperiode; |
| 6 | b) kerngegevens en cijfers over het personeel voor het derde en vierde jaar van de lopende beleidsperiode; | 6 | b) kerngegevens en cijfers over het personeel voor het derde en vierde jaar van de lopende beleidsperiode; |
| 7 | c) kerngegevens en cijfers over de werking voor het derde en vierde jaar van de lopende beleidsperiode; | 7 | c) kerngegevens en cijfers over de werking voor het derde en vierde jaar van de lopende beleidsperiode, die onder meer betrekking hebben op de omvang van het draagvlak en de maatschappelijke relevantie; |
| 8 | 4° een zelfevaluatie van de werking van de voorbije jaren van de lopende beleidsperiode; | 8 | 4° een zelfevaluatie van de werking van de voorbije jaren van de lopende beleidsperiode; |
| 9 | 5° een managementsamenvatting. | 9 | 5° een managementsamenvatting. |