§ flandrepo

Decreet houdende wijziging van het decreet van 27 maart 2009 betreffende radio-omroep en televisie met betrekking tot de landelijke en regionale radio-omroeporganisaties en de technische eindapparatuur voor FM-radio-ontvangst van radio-omroeporganisaties

Vlaamse Regering #593 Staatsblad 4 maart 2021 NUMAC 2021030406
21 artikels gewijzigd
+1 −1 decreet-2009-03-27-1017858/art. 127
1Lineaire radio-omroeporganisaties behoren tot een van de volgende categorieën :1Lineaire radio-omroeporganisaties behoren tot een van de volgende categorieën :
21° landelijke radio-omroeporganisaties;21° landelijke radio-omroeporganisaties;
32° regionale radio-omroeporganisaties;
32° ...;
42°/1 netwerkradio-omroeporganisaties;42°/1 netwerkradio-omroeporganisaties;
53° lokale radio-omroeporganisaties;53° lokale radio-omroeporganisaties;
+1 −1 decreet-2009-03-27-1017858/art. 128
2De volgende radio-omroeporganisaties komen in aanmerking voor de erkenning, vermeld in het eerste lid :2De volgende radio-omroeporganisaties komen in aanmerking voor de erkenning, vermeld in het eerste lid :
31° landelijke radio-omroeporganisaties;31° landelijke radio-omroeporganisaties;
42° regionale radio-omroeporganisaties;
42° ...;
52°/1 netwerkradio-omroeporganisaties;52°/1 netwerkradio-omroeporganisaties;
63° lokale radio-omroeporganisaties.63° lokale radio-omroeporganisaties.
+2 −2 decreet-2009-03-27-1017858/art. 132
1De landelijke, regionale, netwerk-en lokale radio-omroeporganisaties worden erkend door de Vlaamse Regering.1De landelijke, netwerk-en lokale radio-omroeporganisaties worden erkend door de Vlaamse Regering.
2De landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties beschikken over een of meer FM- frequenties.2De landelijke, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties beschikken over een of meer FM- frequenties.
+7 −7 decreet-2009-03-27-1017858/art. 133
1§ 1. Landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties zenden binnen het aan hen toegewezen zendgebied in FM uit.1§ 1. Landelijke, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties zenden binnen het aan hen toegewezen zendgebied in FM uit.
2De omroepprogramma's van landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties kunnen worden doorgegeven via de kabelomroepnetwerken, via etheromroepnetwerken, via satellietomroepnetwerken of via het internet.2De omroepprogramma's van landelijke, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties kunnen worden doorgegeven via de kabelomroepnetwerken, via etheromroepnetwerken, via satellietomroepnetwerken of via het internet.
3De landelijke en regionale radio-omroeporganisaties die hun omroepprogramma's niet op eigen initiatief doorgeven via etheromroepnetwerken die bestemd zijn voor het aanbod van vrij te ontvangen radio-omroepprogramma's, zijn verplicht dit te doen uiterlijk op 1 september 2018.3De landelijke radio-omroeporganisaties geven hun omroepprogramma's door via etheromroepnetwerken die bestemd zijn om vrij te ontvangen radio-om- roepprogramma's aan te bieden.
4De netwerkradio-omroeporganisaties geven uiterlijk op 1 september 2019 hun omroepprogramma's door via etheromroepnetwerken die bestemd zijn voor het aanbod van vrij te ontvangen radio-omroepprogramma's.4De netwerkradio-omroeporganisaties geven uiterlijk op 1 september 2019 hun omroepprogramma's door via etheromroepnetwerken die bestemd zijn voor het aanbod van vrij te ontvangen radio-omroepprogramma's.
5De uitzending van de radio-omroepprogramma's van de landelijke en regionale radio-omroeporganisaties in FM zal worden stopgezet.5De uitzending van de radio-omroepprogramma's van de landelijke radio-omroeporganisaties in FM zal worden stopgezet.
6De Vlaamse Regering bepaalt de datum van die afschaffing van de FM-uitzendingen en de modaliteiten ervan. Die datum is afhankelijk van een tweejaarlijks monitoringsrapport waarin de evolutie van de groei van het totale digitale radio luisteren, de DAB+-progressie en de resultaten van sectorgedragen overleg worden nagegaan.6De Vlaamse Regering bepaalt de datum van die afschaffing van de FM-uitzendingen en de modaliteiten ervan. Die datum is afhankelijk van een tweejaarlijks monitoringsrapport waarin de evolutie van de groei van het totale digitale radio luisteren, de DAB+-progressie en de resultaten van sectorgedragen overleg worden nagegaan.
7§ 2. De Vlaamse Regering stelt het FM-frequentieplan op, keurt het goed en bepaalt hoeveel landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties kunnen worden erkend. Op basis van die frequentieplannen verleent de Vlaamse Regering de erkenningen. Het voornemen om wijzigingen aan het FM-frequentieplan, aan de erkenningen en aan de voorwaarden en procedures met betrekking tot het verwerven of verlengen van frequentiegebruiksrechten zoals bepaald in deze afdeling aan te brengen, wordt in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt. Belanghebbenden, met inbegrip van gebruikers en consumenten, kunnen voorafgaand aan de beslissing over deze wijzigingen, hun standpunt over die wijzigingen bekendmaken gedurende een raadplegingsprocedure die minimaal vier weken duurt en die wordt georganiseerd op de wijze en door de bevoegde dienst die de Vlaamse Regering aanwijst.7§ 2. De Vlaamse Regering stelt het FM-frequentieplan op, keurt het goed en bepaalt hoeveel landelijke, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties kunnen worden erkend. Op basis van die frequentieplannen verleent de Vlaamse Regering de erkenningen. Het voornemen om wijzigingen aan het FM-frequentieplan, aan de erkenningen en aan de voorwaarden en procedures met betrekking tot het verwerven of verlengen van frequentiegebruiksrechten zoals bepaald in deze afdeling aan te brengen, wordt in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt. Belanghebbenden, met inbegrip van gebruikers en consumenten, kunnen voorafgaand aan de beslissing over deze wijzigingen, hun standpunt over die wijzigingen bekendmaken gedurende een raadplegingsprocedure die minimaal vier weken duurt en die wordt georganiseerd op de wijze en door de bevoegde dienst die de Vlaamse Regering aanwijst.
8De Vlaamse Regulator voor de Media verleent de FM-zendvergunningen aan de erkende landelijke, regionale, netwerk- of lokale radio-omroeporganisaties.8De Vlaamse Regulator voor de Media verleent de FM-zendvergunningen aan de erkende landelijke, netwerk- of lokale radio-omroeporganisaties.
9De Vlaamse Regulator voor de Media kan de erkende landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties, met het oog op een optimalisering van het verzorgingsgebied, verplichten om hun FM-zendinstallatie te verplaatsen of om een gemeenschappelijke zendinstallatie te gebruiken.9De Vlaamse Regulator voor de Media kan de erkende landelijke, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties, met het oog op een optimalisering van het verzorgingsgebied, verplichten om hun FM-zendinstallatie te verplaatsen of om een gemeenschappelijke zendinstallatie te gebruiken.
+10 −3 decreet-2009-03-27-1017858/art. 134
1§ 1. De erkenningen en zendvergunningen van de op datum van inwerkingtreding van dit artikel bestaande landelijke radio-omroeporganisaties en landelijke radio-omroeporganisaties van rechtswege vervallen op 31 december 2022.
2Nieuwe erkenningen voor de landelijke radio-omroeporganisaties worden met ingang van 1 januari 2023 verleend voor vijf jaar. Deze erkenningen kunnen worden verlengd met een periode van maximaal drie jaar. Een verzoek tot verlenging wordt ingediend conform artikel 219, uiterlijk één jaar voor de lopende erkenningstermijn verstreken is.
3Als de Vlaamse Regering besluit om de erkenning niet te verlengen of te verlengen voor een kortere duur dan drie jaar brengt ze de aanvrager uiterlijk zes maanden voor de erkenningstermijn verstreken is, op de hoogte met een aangetekende brief die gericht is aan de maatschappelijke zetel. De beslissing om de verlenging al dan niet toe te staan en de duur van de mogelijke verlenging worden gemotiveerd op grond van de afschaffing van de FM-uitzendingen, vermeld in artikel 133, § 1, vijfde en zesde lid. Als de datum van de afschaffing van de FM-uitzendingen in de periode van de mogelijke verlenging van de erkenning valt, kan de erkenningstermijn ingekort worden tot minder dan drie jaar overeenkomstig de datum van de afschaffing van de FM-uitzendingen. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere voorwaarden en modaliteiten.
1De erkenningen voor landelijke, regionale, netwerk-en lokale radio-omroeporganisaties worden verleend voor negen jaar, met ingang van de datum die in het erkenningsbesluit is opgenomen.4§ 2. De erkenningen voor de netwerkradio-omroeporganisaties en de lokale radio-omroeporganisaties die verkregen zijn in de periode tussen 1 januari 2018 en 31 december 2019, zijn verleend voor negen jaar met ingang van de datum die in het erkenningsbesluit is opgenomen.
5§ 3. Bij de stopzetting van de activiteiten van een landelijke, netwerk- of lokale radio- omroeporganisatie vervallen de erkenning en de zendvergunning van rechtswege.
6Voor het frequentiepakket van de landelijke, netwerk- of lokale radio-omroeporganisatie, waarvan de erkenning en de zendvergunning van rechtswege is vervallen, kunnen opnieuw erkenningen worden toegekend conform de bepalingen van deze afdeling. In dat geval worden ze alleen toegekend voor de resterende duur van de initiële erkenningsperiode.
7§ 4. Als de datum van de afschaffing van de FM-uitzendingen die de Vlaamse Regering bepaalt conform artikel 133, § 1, zesde lid, valt voor de resterende duur van de initiële erkenningsperiode verstreken is, wordt de erkenning in afwijking van paragraaf 3, tweede lid, tweede zin, alleen toegekend tot de datum van deze afschaffing.
8Als de datum van de afschaffing van de FM-uitzendingen die de Vlaamse Regering bepaalt, bepaald wordt voor afloop van de initiële erkenningstermijn maar uiterlijk drie jaar na afloop van de initiële erkenningstermijn, vermeld in paragraaf 3, tweede lid, of het eerste lid, valt, kan de Vlaamse Regering de verleende erkenning verlengen tot dat tijdstip. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere voorwaarden en modaliteiten.
9§ 5. De Vlaamse Regering kan in afwijking van paragraaf 3 en 4 beslissen om vrijgekomen FM-frequenties te herverdelen onder bestaande erkenningen om de ontvangst van die erkenningen te optimaliseren, zolang de beslissing tot afschaffing van FM-uitzendingen conform artikel 133, § 1, zesde lid, niet genomen is. Als de datum van de afschaffing van FM-uitzendingen bepaald is, kan de Vlaamse Regering beslissen de frequenties niet te herverdelen of niet opnieuw uit te reiken. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere voorwaarden en modaliteiten.
2Als de landelijke, regionale, netwerk- of lokale radio-omroeporganisatie één jaar na de datum van ingang van de erkenning nog niet uitzendt , kan de erkenning door de Vlaamse Regulator voor de Media ambtshalve worden ingetrokken. Bij definitieve stopzetting van de activiteiten van de landelijke, regionale, netwerk- of lokale radio-omroeporganisatie vervallen de erkenning en de zendvergunning van rechtswege. De Vlaamse Regering bepaalt daarover de nadere modaliteiten.10§ 6. Als de landelijke, netwerk- of lokale radio-omroeporganisatie één jaar na de ingangsdatum van de erkenning nog niet uitzendt via minstens de helft van de toegekende frequenties, kan de Vlaamse Regulator voor de Media de erkenning ambtshalve intrekken.
3Met behoud van de toepassing van de andere bepalingen van dit decreet worden erkenningen als landelijke, regionale, netwerk- of lokale radio-omroep die verkregen zijn voor een frequentie die tijdens een lopende erkenningsperiode vrijgekomen is, alleen toegekend voor de resterende duur van de initiële erkenningsperiode.
+3 −3 decreet-2009-03-27-1017858/art. 134/1
1Het uitzenden van radioprogramma's, ongeacht de duur of het tijdstip, door een landelijke, regionale, netwerk- of lokale radio-omroeporganisatie, die identiek zijn aan radioprogramma's van de radio-omroep van de Vlaamse Gemeenschap of van andere landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties is verboden. Elke andere vorm van gestructureerde eenvormigheid in het programmabeleid is ook verboden.1Het uitzenden van radioprogramma's, ongeacht de duur of het tijdstip, door een landelijke, netwerk- of lokale radio-omroeporganisatie, die identiek zijn aan radioprogramma's van de radio-omroep van de Vlaamse Gemeenschap of van andere landelijke, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties is verboden. Elke andere vorm van gestructureerde eenvormigheid in het programmabeleid is ook verboden.
2In afwijking van het eerste lid kunnen landelijke, regionale, netwerk- of lokale radio-omroeporganisaties met de radio-omroep van de Vlaamse Gemeenschap of met andere landelijke, regionale, netwerk- of lokale radio-omroeporganisaties samenwerken om eenmalige grote acties op te zetten, zoals caritatieve acties, of bij uitzonderlijke evenementen of belangrijke gebeurtenissen. Het uitzenden van identieke radioprogramma's en gestructureerde eenvormigheid in het programmabeleid zijn dan toegestaan.2In afwijking van het eerste lid kunnen landelijke, netwerk- of lokale radio-omroeporganisaties met de radio-omroep van de Vlaamse Gemeenschap of met andere landelijke, netwerk- of lokale radio-omroeporganisaties samenwerken om eenmalige grote acties op te zetten, zoals caritatieve acties, of bij uitzonderlijke evenementen of belangrijke gebeurtenissen. Het uitzenden van identieke radioprogramma's en gestructureerde eenvormigheid in het programmabeleid zijn dan toegestaan.
3Met behoud van het eerste lid is het de landelijke, regionale, netwerk- en lokale omroeporganisaties toegestaan in hetzelfde omroepprogramma ontkoppelde radio-reclame te brengen.3Met behoud van het eerste lid is het de landelijke, netwerk- en lokale omroeporganisaties toegestaan in hetzelfde omroepprogramma ontkoppelde radio-reclame te brengen.
+2 −2 decreet-2009-03-27-1017858/art. 135
1De zendinstallaties van de landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties liggen in het Nederlandse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad en in het verzorgingsgebied van de landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisatie. De verplaatsing van de zendinstallaties is toegestaan als die inpasbaar is in het frequentieplan en nadat de aanpassing van de zendvergunning is goedgekeurd door de Vlaamse Regulator voor de Media.1De zendinstallaties van de landelijke, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties liggen in het Nederlandse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad en in het verzorgingsgebied van de landelijke, netwerk- en lokale radio-omroeporganisatie. De verplaatsing van de zendinstallaties is toegestaan als die inpasbaar is in het frequentieplan en nadat de aanpassing van de zendvergunning is goedgekeurd door de Vlaamse Regulator voor de Media.
2De landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties gebruiken een technische uitrusting die conform de wettelijke en decretale voorschriften is, en ze houden zich aan de bepalingen van de zendvergunning. Ze aanvaarden het onderzoek naar de werking ter plaatse door de aangestelde ambtenaren.2De landelijke, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties gebruiken een technische uitrusting die conform de wettelijke en decretale voorschriften is, en ze houden zich aan de bepalingen van de zendvergunning. Ze aanvaarden het onderzoek naar de werking ter plaatse door de aangestelde ambtenaren.
+3 −2 decreet-2009-03-27-1017858/art. 138
7d) in de programmaopbouw moet een Nederlands-talig muziekaanbod gegarandeerd worden. De Vlaamse Regering kan daartoe aanvullende bepalingen vastleggen in een besluit.7d) in de programmaopbouw moet een Nederlands-talig muziekaanbod gegarandeerd worden. De Vlaamse Regering kan daartoe aanvullende bepalingen vastleggen in een besluit.
8§ 2. De Vlaamse Regering legt aanvullende kwalificatiecriteria op en kent aan elk van die criteria een weging toe.8§ 2. De Vlaamse Regering legt aanvullende kwalificatiecriteria op en kent aan elk van die criteria een weging toe.
9De aanvullende kwalificatiecriteria, vermeld in het eerste lid, hebben betrekking op :9De aanvullende kwalificatiecriteria, vermeld in het eerste lid, hebben ten minste betrekking op :
101° de concrete invulling van het programma-aanbod en het zendschema, in het bijzonder de verscheidenheid in de programmering;101° de concrete invulling van het programma-aanbod en het zendschema, in het bijzonder de verscheidenheid in de programmering;
112° de media-ervaring;112° de media-ervaring;
123° het financiële plan;123° het financiële plan;
134° het businessplan;134° het businessplan;
145° de technische (zend)infrastructuur.145° de technische (zend)infrastructuur;
156° de verwezenlijkingen, plannen, intenties, en engagementen rond digitale radio-uitzendingen via DAB+ en andere vormen van digitale radio.
+0 −2 decreet-2009-03-27-1017858/art. 140 opgeheven
1De regionale radio-omroeporganisaties hebben tot taak een verscheidenheid van programma's te brengen, inzonderheid inzake informatie uit de regio, culturele, sportieve en andere evenementen uit de regio en ontspanning, met de bedoeling binnen hun verzorgingsgebied de communicatie onder de bevolking te bevorderen en bij te dragen tot de algemene sociale en culturele ontwikkeling van de regio. Ze zenden uit voor maximaal één provincie.
2De regionale radio-omroeporganisaties kunnen met de regionale lineaire televisieomroeporganisaties alleen samenwerken op het vlak van het maken van programma's, informatiegaring en reclamewerving.
+0 −13 decreet-2009-03-27-1017858/art. 141 opgeheven
1§ 1. Om erkend te worden en te blijven, moeten de regionale radio-omroeporganisaties aan het volgende voldoen :
21° de voorwaarden, vermeld in artikelen 129, 130, 131en 135;
32° de volgende voorwaarden :
4a) de regionale radio-omroeporganisaties worden opgericht in de vorm van een rechtspersoon. Het maatschappelijke doel van de rechtspersoon bestaat in het verzorgen van radioprogramma's. De regionale radio-omroeporganisaties kunnen alle activiteiten verrichten die rechtstreeks of onrechtstreeks bijdragen tot de verwezenlijking van hun maatschappelijke doel. De leden van de raad van bestuur bekleden geen politiek mandaat en zijn geen beheerder of bestuurder van de openbare omroeporganisatie of van een andere rechtspersoon die een landelijke of regionale radio-omroeporganisatie beheert;
5b) de rechtspersoon, vermeld in punt a), exploiteert niet meer dan twee particuliere regionale radio-omroeporganisaties. Rechtstreekse of onrechtstreekse bindingen tussen regionale of landelijke radio-omroeporganisaties leiden er niet toe dat een onderneming of rechtspersoon zeggenschap uitoefent of kan uitoefenen over meer dan twee regionale of landelijke radio-omroeporganisaties;
6c) de regionale radio-omroeporganisaties zenden minstens vier journaals per dag uit die een verscheidenheid aan onderwerpen uit de regio bevatten. Journaals en informatieve programma's worden verzorgd door een eigen redactie. Voor de journaals is een hoofdredacteur verantwoordelijk. De regionale radio-omroeporganisaties kunnen voor het nationale en internationale nieuws een beroep doen op een redactie die door haar redactiestatuut voldoende waarborgen biedt inzake journalistieke deontologie, onpartijdigheid en redactionele onafhankelijkheid.
7§ 2. De Vlaamse Regering legt aanvullende kwalificatiecriteria op en kent aan elk van die criteria een weging toe.
8De aanvullende kwalificatiecriteria, vermeld in het eerste lid, hebben betrekking op :
91° de concrete invulling van het programma-aanbod en het zendschema, in het bijzonder de verscheidenheid in de programmering;
102° de media-ervaring, in het bijzonder de radio-ervaring die aanwezig is bij de participanten in de rechtspersoon;
113° het financiële plan;
124° het businessplan;
135° de technische (zend)infrastructuur.
+0 −3 decreet-2009-03-27-1017858/art. 142 opgeheven
1§ 1. De regionale radio-omroeporganisaties houden zich, nadat ze een erkenning hebben gekregen en voor de volledige duur van de erkenning, aan de door hen ingediende offerte, aan de basisvoorwaarden en aan de aanvullende kwalificatiecriteria, vermeld in artikel 141, in overeenstemming waarmee de Vlaamse Regering de erkenning heeft uitgereikt.
2§ 2. De regionale radio-omroeporganisaties die, nadat ze de erkenning hebben verkregen, wijzigingen willen aanbrengen in de gegevens, vermeld in de door hen ingediende offerte, waardoor wordt afgeweken van de basisvoorwaarden en van de aanvullende kwalificatiecriteria, vermeld in artikel 141, in het bijzonder wat de algemene programmering betreft, brengen de Vlaamse Regulator voor de Media daarvan op de hoogte. Die kennisgeving wordt conform artikel 219 gedaan.
3Wijzigingen die betrekking hebben op de informatieve programma's, de statuten of de aandeelhoudersstructuur, worden aan de Vlaamse Regering ter goedkeuring voorgelegd. Bij de beoordeling van die wijzigingen houdt de Vlaamse Regering inzonderheid rekening met het in stand houden van het pluralisme en van de diversiteit in het radiolandschap.
+0 −5 decreet-2009-03-27-1017858/art. 143 opgeheven
1De regionale radio-omroeporganisaties kunnen onafhankelijk of binnen een samenwerkingsverband met andere regionale radio-omroeporganisaties opereren.
2Een samenwerkingsverband dat bestaat uit alle regionale radio-omroeporganisaties en opgericht is in de vorm van een rechtspersoon die voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 138, § 1, is van rechtswege een landelijke radio-omroeporganisatie.
3Vanaf de datum van erkenning door de Vlaamse Regering als landelijke radio-omroeporganisatie zijn de bepalingen van onderafdeling II op het samenwerkingsverband van toepassing.
4In afwijking van artikel 134, eerste lid, vervalt de erkenning van de regionale radio-omroeporganisaties die deelnemen aan dat samenwerkingsverband, vanaf de datum van erkenning door de Vlaamse Regering van het samenwerkingsverband als landelijke radio-omroeporganisatie.
5In afwachting van een nieuwe zendvergunning, uitgereikt door de Vlaamse Regulator voor de Media, en in afwijking van artikel 193, § 1, tweede lid, dragen de regionale radio-omroeporganisaties in kwestie hun zendvergunning over aan het samenwerkingsverband dat erkend is als landelijke radio-omroeporganisatie.
+1 −1 decreet-2009-03-27-1017858/art. 143/2
32° de volgende basisvoorwaarden:32° de volgende basisvoorwaarden:
4a) de netwerkradio-omroeporganisaties worden opgericht in de vorm van een rechtspersoon. Het maatschappelijke doel van de rechtspersoon bestaat in het verzorgen van radioprogramma's. De netwerkradio-omroeporganisaties kunnen alle activiteiten verrichten die rechtstreeks of onrechtstreeks bijdragen tot de verwezenlijking van hun maatschappelijke doel als die activiteiten samenvallen of verband houden met de omroepactiviteiten.4a) de netwerkradio-omroeporganisaties worden opgericht in de vorm van een rechtspersoon. Het maatschappelijke doel van de rechtspersoon bestaat in het verzorgen van radioprogramma's. De netwerkradio-omroeporganisaties kunnen alle activiteiten verrichten die rechtstreeks of onrechtstreeks bijdragen tot de verwezenlijking van hun maatschappelijke doel als die activiteiten samenvallen of verband houden met de omroepactiviteiten.
5De leden van de raad van bestuur bekleden geen politiek mandaat en zijn geen beheerder of bestuurder van de openbare omroeporganisatie of een andere rechtspersoon die een landelijke, regionale, netwerk- of lokale radio-omroeporganisatie beheert.5De leden van de raad van bestuur bekleden geen politiek mandaat en zijn geen beheerder of bestuurder van de openbare omroeporganisatie of een andere rechtspersoon die een landelijke, netwerk- of lokale radio-omroeporganisatie beheert.
6Rechtstreekse of onrechtstreekse bindingen tussen netwerkradio-omroeporganisaties leiden er niet toe dat een onderneming of rechtspersoon zeggenschap uitoefent over meer dan twee netwerkradio-omroeporganisaties. Rechtstreekse of onrechtstreekse bindingen tussen netwerkradio-omroeporganisaties en landelijke radio-omroeporganisaties leiden er niet toe dat een onderneming of rechtspersoon zeggenschap uitoefent over meer dan één netwerkradio-omroeporganisatie en één landelijke radio-omroeporganisatie;6Rechtstreekse of onrechtstreekse bindingen tussen netwerkradio-omroeporganisaties leiden er niet toe dat een onderneming of rechtspersoon zeggenschap uitoefent over meer dan twee netwerkradio-omroeporganisaties. Rechtstreekse of onrechtstreekse bindingen tussen netwerkradio-omroeporganisaties en landelijke radio-omroeporganisaties leiden er niet toe dat een onderneming of rechtspersoon zeggenschap uitoefent over meer dan één netwerkradio-omroeporganisatie en één landelijke radio-omroeporganisatie;
7b) de netwerkradio-omroeporganisatie, vermeld in artikel 143/1, eerste lid, 1°, zendt minstens vier journaals per dag uit die een verscheidenheid aan onderwerpen bevatten. De netwerkradio-omroeporganisatie, vermeld in artikel 143/1, eerste lid, 1°, van dit decreet, die erkend wordt na 1 januari 2023, zendt een aanzienlijk deel van het aanbod uit via de invulling van het generalistische profiel of muziekaanbod. Een deel van dat muziekaanbod bestaat uit Nederlandstalige en Vlaamse muziekproducties;7b) de netwerkradio-omroeporganisatie, vermeld in artikel 143/1, eerste lid, 1°, zendt minstens vier journaals per dag uit die een verscheidenheid aan onderwerpen bevatten. De netwerkradio-omroeporganisatie, vermeld in artikel 143/1, eerste lid, 1°, van dit decreet, die erkend wordt na 1 januari 2023, zendt een aanzienlijk deel van het aanbod uit via de invulling van het generalistische profiel of muziekaanbod. Een deel van dat muziekaanbod bestaat uit Nederlandstalige en Vlaamse muziekproducties;
+1 −1 decreet-2009-03-27-1017858/art. 145
21° de voorwaarden, vermeld in artikel 129, 130, 131, 135 en 144;21° de voorwaarden, vermeld in artikel 129, 130, 131, 135 en 144;
32° de volgende basisvoorwaarden:32° de volgende basisvoorwaarden:
4a) de lokale radio-omroeporganisaties worden opgericht in de vorm van een rechtspersoon. Het maatschappelijke doel van de rechtspersoon bestaat hoofdzakelijk in het verzorgen van radioprogramma's. De lokale radio-omroeporganisaties kunnen alle activiteiten verrichten die rechtstreeks of onrechtstreeks aansluiten bij de verwezenlijking van hun maatschappelijke doel. Rechtstreekse of onrechtstreekse bindingen tussen lokale radio-omroeporganisaties zijn niet toegestaan en leiden er evenmin toe dat een onderneming of rechtspersoon zeggenschap uitoefent over meer dan één radio-omroeporganisatie. Rechtstreekse of onrechtstreekse bindingen tussen lokale radio-omroeporganisatie enerzijds en anderzijds een of meer landelijke, regionale of netwerkradio-omroeporganisaties zijn evenmin toegestaan en leiden er evenmin toe dat een onderneming of rechtspersoon zeggenschap uitoefent over die radio-omroeporganisaties. Een rechtspersoon die een lokale radio-omroeporganisatie voor lokaliteit Brussel exploiteert, kan ook de regionale televisieomroeporganisatie exploiteren die als verzorgingsgebied het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad heeft;4a) de lokale radio-omroeporganisaties worden opgericht in de vorm van een rechtspersoon. Het maatschappelijke doel van de rechtspersoon bestaat hoofdzakelijk in het verzorgen van radioprogramma's. De lokale radio-omroeporganisaties kunnen alle activiteiten verrichten die rechtstreeks of onrechtstreeks aansluiten bij de verwezenlijking van hun maatschappelijke doel. Rechtstreekse of onrechtstreekse bindingen tussen lokale radio-omroeporganisaties zijn niet toegestaan en leiden er evenmin toe dat een onderneming of rechtspersoon zeggenschap uitoefent over meer dan één radio-omroeporganisatie. Rechtstreekse of onrechtstreekse bindingen tussen lokale radio-omroeporganisatie enerzijds en anderzijds een of meer landelijke of netwerkradio-omroeporganisaties zijn evenmin toegestaan en leiden er evenmin toe dat een onderneming of rechtspersoon zeggenschap uitoefent over die radio-omroeporganisaties. Een rechtspersoon die een lokale radio-omroeporganisatie voor lokaliteit Brussel exploiteert, kan ook de regionale televisieomroeporganisatie exploiteren die als verzorgingsgebied het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad heeft;
5b) de rechtspersoon, vermeld in punt a), verzorgt niet meer dan twee radio-omroepprogramma's;5b) de rechtspersoon, vermeld in punt a), verzorgt niet meer dan twee radio-omroepprogramma's;
6c) de lokale radio-omroeporganisaties, vermeld in artikel 144, zenden een aanzienlijk deel van het aanbod uit met een specifiek muziekprofiel, een thematische invulling van het programma-aanbod of een specifiek doelgroepengericht programma-aanbod;6c) de lokale radio-omroeporganisaties, vermeld in artikel 144, zenden een aanzienlijk deel van het aanbod uit met een specifiek muziekprofiel, een thematische invulling van het programma-aanbod of een specifiek doelgroepengericht programma-aanbod;
+1 −1 decreet-2009-03-27-1017858/art. 149
7Voor elk afzonderlijk omroepprogramma wordt een nieuwe kennisgeving verricht.7Voor elk afzonderlijk omroepprogramma wordt een nieuwe kennisgeving verricht.
8Elke latere wijziging van die informatie, inzonderheid elke wijziging in de raad van beheer of de raad van bestuur van de omroeporganisatie, wordt zonder verwijl aan de Vlaamse Regulator voor de Media meegedeeld.8Elke latere wijziging van die informatie, inzonderheid elke wijziging in de raad van beheer of de raad van bestuur van de omroeporganisatie, wordt zonder verwijl aan de Vlaamse Regulator voor de Media meegedeeld.
9§ 3. De kennisgeving, vermeld in paragraaf 2, is niet vereist voor erkende landelijke, regionale, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties die hun programma's doorgeven of beschikbaar stellen via andere elektronische communicatienetwerken dan analoge terrestrische radio-omroepnetwerken.9§ 3. De kennisgeving, vermeld in paragraaf 2, is niet vereist voor erkende landelijke, netwerk- en lokale radio-omroeporganisaties die hun programma's doorgeven of beschikbaar stellen via andere elektronische communicatienetwerken dan analoge terrestrische radio-omroepnetwerken.
+1 −1 decreet-2009-03-27-1017858/art. 193
3§ 2. Met behoud van de toepassing van de bepalingen van paragraaf 4 mag de Vlaamse Regulator voor de Media uitsluitend een zendvergunning toekennen aan lineaire omroeporganisaties en aan etheromroepnetwerken. De Vlaamse Regulator voor de Media kan ook naar aanleiding van evenementen en voor experimenten in het teken van het uittesten van nieuwe technologieën een tijdelijke vergunning uitreiken voor de duur van het evenement.3§ 2. Met behoud van de toepassing van de bepalingen van paragraaf 4 mag de Vlaamse Regulator voor de Media uitsluitend een zendvergunning toekennen aan lineaire omroeporganisaties en aan etheromroepnetwerken. De Vlaamse Regulator voor de Media kan ook naar aanleiding van evenementen en voor experimenten in het teken van het uittesten van nieuwe technologieën een tijdelijke vergunning uitreiken voor de duur van het evenement.
4§ 3. De Vlaamse Regering bepaalt de voorwaarden en de procedure voor het aanvragen, het wijzigen, het schorsen, of het opheffen van de zendvergunningen.4§ 3. De Vlaamse Regering bepaalt de voorwaarden en de procedure voor het aanvragen, het wijzigen, het schorsen, of het opheffen van de zendvergunningen.
5De zendvergunning geldt voor de duur van de erkenning van de landelijke, regionale, netwerk- of lokale radio-omroeporganisatie of van het etheromroepnetwerk. Het opschorten of opheffen van die erkenning heeft het opschorten of het opheffen van de zendvergunning tot gevolg.5De zendvergunning geldt voor de duur van de erkenning van de landelijke, netwerk- of lokale radio-omroeporganisatie of van het etheromroepnetwerk. Het opschorten of opheffen van die erkenning heeft het opschorten of het opheffen van de zendvergunning tot gevolg.
6§ 4. De vergunningen, vermeld in paragraaf 1, zijn niet vereist voor de openbare omroeporganisatie van de Vlaamse Gemeenschap. De Vlaamse Regering stelt die omroep de frequenties ter beschikking die hij nodig heeft.6§ 4. De vergunningen, vermeld in paragraaf 1, zijn niet vereist voor de openbare omroeporganisatie van de Vlaamse Gemeenschap. De Vlaamse Regering stelt die omroep de frequenties ter beschikking die hij nodig heeft.
+2 −0 decreet-2009-03-27-1017858/art. 209/1
1Alle apparatuur die voor ontvangst van FM-radiosignalen van een radio-omroeporganisatie is bestemd en in Vlaanderen wordt verkocht moet digitale radiosignalen kunnen ontvangen. De verplichting, vermeld in de eerste zin van dit lid, geldt niet voor radioapparatuur die radioamateurs gebruiken, smartphones en tablets.
1Een autoradio-ontvanger die wordt ingebouwd in een nieuw voertuig van categorie M dat op de markt wordt aangeboden voor verkoop of verhuur, bevat een ontvanger die ten minste radiodiensten kan ontvangen en reproduceren die via digitale terrestrische radio-uitzendingen worden uitgezonden. Onder voertuig van categorie M wordt begrepen de voertuigen zoals omschreven in het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen.2Een autoradio-ontvanger die wordt ingebouwd in een nieuw voertuig van categorie M dat op de markt wordt aangeboden voor verkoop of verhuur, bevat een ontvanger die ten minste radiodiensten kan ontvangen en reproduceren die via digitale terrestrische radio-uitzendingen worden uitgezonden. Onder voertuig van categorie M wordt begrepen de voertuigen zoals omschreven in het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen.
3De Vlaamse Regering kan ook andere soorten FM-ontvangers met een specifieke functionaliteit, van een specifiek type, onder een specifieke prijsdrempel of waarvan de radio-ontvangst slechts bijkomstig is, vrijstellen van de in het eerste lid, eerste zin, vermelde verplichting wanneer die op de markt worden gebracht.
+1 −0 decreet-2009-03-27-1017858/art. 209/1 nieuw
1Een autoradio-ontvanger die wordt ingebouwd in een nieuw voertuig van categorie M dat op de markt wordt aangeboden voor verkoop of verhuur, bevat een ontvanger die ten minste radiodiensten kan ontvangen en reproduceren die via digitale terrestrische radio-uitzendingen worden uitgezonden. Onder voertuig van categorie M wordt begrepen de voertuigen zoals omschreven in het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen.
+2 −0 decreet-2009-03-27-1017858/art. 209/1
1Alle apparatuur die voor ontvangst van FM-radiosignalen van een radio-omroeporganisatie is bestemd en in Vlaanderen wordt verkocht moet digitale radiosignalen kunnen ontvangen. De verplichting, vermeld in de eerste zin van dit lid, geldt niet voor radioapparatuur die radioamateurs gebruiken, smartphones en tablets.
1Een autoradio-ontvanger die wordt ingebouwd in een nieuw voertuig van categorie M dat op de markt wordt aangeboden voor verkoop of verhuur, bevat een ontvanger die ten minste radiodiensten kan ontvangen en reproduceren die via digitale terrestrische radio-uitzendingen worden uitgezonden. Onder voertuig van categorie M wordt begrepen de voertuigen zoals omschreven in het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen.2Een autoradio-ontvanger die wordt ingebouwd in een nieuw voertuig van categorie M dat op de markt wordt aangeboden voor verkoop of verhuur, bevat een ontvanger die ten minste radiodiensten kan ontvangen en reproduceren die via digitale terrestrische radio-uitzendingen worden uitgezonden. Onder voertuig van categorie M wordt begrepen de voertuigen zoals omschreven in het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen.
3De Vlaamse Regering kan ook andere soorten FM-ontvangers met een specifieke functionaliteit, van een specifiek type, onder een specifieke prijsdrempel of waarvan de radio-ontvangst slechts bijkomstig is, vrijstellen van de in het eerste lid, eerste zin, vermelde verplichting wanneer die op de markt worden gebracht.
+1 −1 decreet-2009-03-27-1017858/art. 228
76° de schorsing of opheffing van de erkenning van de omroeporganisatie;76° de schorsing of opheffing van de erkenning van de omroeporganisatie;
87° de doorgifteschorsing, vermeld in artikel 40/1.87° de doorgifteschorsing, vermeld in artikel 40/1.
9In geval van het ongebruikt laten van de toegewezen zendmogelijkheden of het verkeerd gebruiken ervan, kan de algemene kamer de erkenning van een landelijke, regionale, netwerk- of lokale radio-omroeporganisatie of de vergunning voor een etheromroepnetwerk schorsen of opheffen.9In geval van het ongebruikt laten van de toegewezen zendmogelijkheden of het verkeerd gebruiken ervan, kan de algemene kamer de erkenning van een landelijke, netwerk- of lokale radio-omroeporganisatie of de vergunning voor een etheromroepnetwerk schorsen of opheffen.
+0 −3 decreet-2009-03-27-1017858/art. 242 opgeheven
1De beperking tot de resterende duur van de lopende erkenningsperiode, vermeld in artikel 134, geldt enkel voor erkenningen die worden uitgereikt na de datum van inwerkingtreding van dit decreet. Radio-omroeporganisaties die een erkenning en vergunning gekregen hebben voor de datum van inwerkingtreding van dit decreet, behouden hun erkenning en vergunning voor de duur die bepaald was op het moment van de uitreiking van de erkenning of vergunning.
2Alle erkenningen en vergunningen die voor de inwerkingtreding van dit decreet werden uitgereikt aan particuliere radio-omroeporganisaties, blijven gelden tot 31 december 2017. Erkenningen en vergunningen die aan particuliere radio-omroeporganisaties worden uitgereikt na de inwerkingtreding van dit decreet vervallen op 31 december 2017.
3Met ingang van 1 januari 2018 en in afwijking van het tweede lid vervallen de erkenningen en zendvergunningen van de landelijke radio-omroeporganisaties en van de landelijke radio-omroeporganisatie van rechtswege, vermeld in artikel 143, tweede lid, op 31 december 2021.
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd