Artikel 146
§ 1. Als de Zorgkassencommissie bij de uitoefening van de controles, vermeld in artikel 145, een andere inschatting maakt van de afhankelijkheid van de gebruiker, past het woonzorgcentrum de afhankelijkheid van de gebruiker aan in functie van het resultaat van die controle.
§ 2. De Vlaamse Regering kan een procedure uitwerken waarbij de tegemoetkomingen, vermeld in artikel 145, § 1, tweede lid, in hoofde van het woonzorgcentrum worden verminderd als wordt vastgesteld dat het evaluatie-instrument, vermeld in artikel 145, § 2, op problematische of significante wijze verkeerd wordt toegepast.
De Vlaamse Regering bepaalt voor de toepassing van het eerste lid:
- 1°op basis van welke elementen kan worden beslist tot een vermindering;
- 2°wat wordt verstaan onder een op problematische of significante wijze verkeerde toepassing van het evaluatie-instrument als vermeld in het eerste lid;
- 3°de vermindering van de tegemoetkomingen;
- 4°de termijn van de vermindering, vermeld in punt 3°, en hoe die wordt bepaald;
- 5°wie belast wordt met de uitvoering van de vermindering.
Bij de vermindering, vermeld in het eerste lid, wordt rekening gehouden met de financiële weerslag die volgt uit een verkeerde inschatting van de fysieke en psychische afhankelijkheid van de gebruiker, en met een multiplicator die er voor moet zorgen dat de vermindering van de tegemoetkomingen groter is dan het berekende of geschatte financiële voordeel dat voortvloeit uit de verkeerde toepassing van het evaluatie-instrument.
De vermindering van de tegemoetkomingen, vermeld in het eerste lid, mag op geen enkele wijze door het woonzorgcentrum worden teruggevorderd van de gebruiker.
§ 3. Aan de woonzorgcentra die het evaluatie-instrument, vermeld in artikel 145, § 2, op een significante wijze verkeerd toepassen, of die de resultaten van de toepassing van het evaluatie-instrument, vermeld in artikel 145, § 2, systematisch foutief meedelen aan het agentschap, kan het agentschap een administratieve boete opleggen.
De Vlaamse Regering bepaalt voor de toepassing van het eerste lid:
- 1°wat wordt verstaan onder een op significante wijze verkeerde toepassing van het evaluatie-instrument en een systematisch foutieve mededeling van de resultaten van de toepassing van het evaluatie-instrument als vermeld in het eerste lid;
- 2°de administratieve boete, die minstens 500 euro en maximaal 5000 euro bedraagt.
Als binnen de termijn van drie jaar vanaf de datum waarop aan het woonzorgcentrum een administratieve boete is opgelegd, de betreffende zorgvoorziening opnieuw een gelijkaardige inbreuk begaat als de inbreuk die tot de toepassing van een administratieve boete heeft geleid, wordt het bedrag van de voorheen opgelegde boete telkens verdrievoudigd.
De administratieve geldboete wordt opgelegd door het agentschap.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de oplegging en de betaling van de administratieve geldboete. Ze wijst de ambtenaren aan die de administratieve geldboete kunnen opleggen.
De administratieve geldboete, verhoogd met de invorderingskosten, kan bij dwangbevel worden ingevorderd. Het dwangbevel wordt geviseerd en uitvoerbaar verklaard door de ambtenaar die de Vlaamse Regering daarvoor aanwijst. Het dwangbevel wordt betekend bij gerechtsdeurwaardersexploot met bevel tot betaling.
De bepalingen van deel V van het Gerechtelijk Wetboek zijn van toepassing op het dwangbevel.
De vordering tot voldoening van de administratieve geldboete verjaart na verloop van vijf jaar, vanaf de dag waarop ze is ontstaan. De verjaring wordt gestuit conform artikel 2244 tot en met 2250 van het oud Burgerlijk Wetboek.
§ 4. Het woonzorgcentrum kan tegen de beslissing tot vermindering van tegemoetkomingen conform paragraaf 2 en tegen de beslissing van het agentschap tot oplegging van een administratieve boete conform paragraaf 3, beroep aantekenen bij de arbeidsrechtbank. Die vordering wordt, op straffe van niet-ontvankelijkheid, ingediend binnen een termijn van drie maanden vanaf de datum van de ontvangst van de bestreden beslissing.
Het agentschap kan een beroep doen op het betrokken team van de Zorgkassencommissie in het kader van het verweer voor de arbeidsrechtbank.