Tot wijziging van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006, het Mestdecreet van 22 december 2006 en het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen, wat betreft het opheffen van administratieve beroepsmogelijkheden #755
Gemerged Vlaamse Regering voegde 31 artikels samen in bodemdecreet-van-27-oktober-2006mestdecreetdecreet-2011-12-23-1021295 · 29 april 2021 Alle checks geslaagd
Dit stuk wijzigt geen artikels rechtstreeks. Hieronder de tekst uit de PDF.
verzendcode: LEE
1 juni 2021 (2020-2021)
Verslag
namens de Commissie voor Leefmilieu,
Natuur, Ruimtelijke Ordening en Energie
uitgebracht door Inez De Coninck
over het ontwerp van decreet
tot wijziging van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006,
het Mestdecreet van 22 december 2006
en het decreet van 23 december 2011
betreffende het duurzaam beheer
van materiaalkringlopen en afvalstoffen,
wat betreft het opheffen
van administratieve beroepsmogelijkheden
ingediend op
— 1011 Brussel — 02 552 11 11 — www.vlaamsparlement.be
Samenstelling van de Commissie voor Leefmilieu, Natuur, Ruimtelijke Ordening en Energie:
Voorzitter: Gwenny De Vroe.
Vaste leden:
Piet De Bruyn, Inez De Coninck, Andries Gryffroy, Freya Perdaens, Wilfried Vandaele;
Bart Claes, Leo Pieters, Sam Van Rooy;
Tinne Rombouts, Koen Van den Heuvel;
Steven Coenegrachts, Gwenny De Vroe;
Mieke Schauvliege;
Bruno Tobback.
Plaatsvervangers:
Annick De Ridder, Marius Meremans, Joris Nachtergaele, Axel Ronse, Nadia Sminate;
Carmen Ryheul, Stefaan Sintobin, Wim Verheyden;
Robrecht Bothuyne, Lode Ceyssens;
Bart Tommelein, Bart Van Hulle;
Johan Danen, Chris Steenwegen;
Hannes Anaf.
Toegevoegde leden:
Jos D’Haese.
Documenten in het dossier:
: Ontwerp van decreet
– Nr. 2: Amendement
INHOUD
1. Toelichting door de minister ............................................................... 4
2. Bespreking ...................................................................................... 5
3. Stemming ....................................................................................... 5
Tekst aangenomen door de commissie....................................................... 6
De Commissie voor Leefmilieu, Natuur, Ruimtelijke Ordening en Energie besprak
op dinsdag 25 mei 2021 het ontwerp van decreet tot wijziging van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006, het Mestdecreet van 22 december 2006 en het decreet
van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen
en afvalstoffen, wat betreft het opheffen van administratieve beroepsmogelijkheden (Parl.St. Vl.Parl. 2020-21, nr. 755/1).
(Deze vergadering werd als videoconferentie georganiseerd.)
1. Toelichting door de minister
Minister Zuhal Demir zegt dat het ontwerp van decreet past in de passage van
het regeerakkoord over het vereenvoudigen, verbeteren en versnellen van administratieve procedures. In het Bodem-, het Materialen- en het Mestdecreet staan
verschillende administratieve beroepsprocedures. Vaak zijn ze tijdrovend, hebben
ze een maatschappelijke kostprijs, betekenen ze dubbel werk, creëren ze rechtsonzekerheid en hebben ze weinig meerwaarde. Met dit ontwerp van decreet stelt
de minister voor enkele administratieve beroepen af te schaffen.
Voor het Bodemdecreet zijn dat beroepen tegen de beslissingen van de Openbare
Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij (OVAM) over de aanduiding als saneringsplichtige, over de vrijstelling van saneringsplicht, over de aard en ernst van de verontreiniging. Vaak gaat het om een marginale toetsing waar de minister toestemming
voor gegeven heeft en over aspecten waar de OVAM zich al over uitgesproken
heeft, bijvoorbeeld de bronbepaling door een milieudeskundige. De administratie
heeft op dat vlak ook een enorme achterstand.
In het Materialendecreet wordt het administratieve beroep tegen de OVAM-beslissing dat een afvalstof al dan niet als materiaal mag worden gebruikt, geschrapt.
Dat is een zeer technische beoordeling of de stof aan de technische kwalificaties
voor hergebruik voldoet. In het Mestdecreet sneuvelt het administratieve beroep
tegen beslissing van de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) over de nutriëntenemissierechten. Het gaat om de beslissing of er bij een overdracht een correcte
berekening van het verminderde aantal nutriëntenemissierechten werd toegepast,
waarvan er slechts een tiental dossiers per jaar zijn.
Ook tegen de beslissing van de VLM over de erkenning tot mestvoerder zal geen
administratief beroep meer mogelijk zijn. Eigenlijk is dat nu een dubbele administratieve beoordeling, dus een dubbele taak voor de administratie.
Het administratieve beroep tegen een beslissing van de OVAM om een bodemsaneringsproject conform te verklaren, wordt behouden. De toelating voor de uitvoering van een saneringsproject geldt immers eveneens als omgevingsvergunning
voor de saneringswerken. Bij deze aanvragen is een aanplakking en een openbaar onderzoek verplicht. Wegens de potentiële impact op de leefomgeving van de
omwonenden wordt inspraak georganiseerd. Een afschaffing van dit administratieve beroep zou omwonenden een waarborg ontnemen om hun leefomgeving te
beschermen. Het zou ook in strijd zijn met de strenge rechtspraak van het Grondwettelijk Hof over het standstillbeginsel.
De administratieve beroepen die wel worden afgeschaft, dienen in principe niet tot
waarborg van de leefomgeving van omwonenden. Doorgaans worden die beroepen
enkel ingesteld ter verdediging van eigen belangen, bijvoorbeeld om onder een
saneringsverplichting uit te komen. In de memorie van toelichting is mee op vraag
van de Raad van State omstandig gemotiveerd dat de afschaffing van deze beroepen niet strijdig is met het standstillbeginsel. Op advies van de Raad van State
wordt, om de effecten van het wegvallen van de administratieve beroepsmogelijkheid te compenseren, het hoorrecht versterkt. De OVAM en de VLM mogen dus
geen beslissingen nemen zonder de betrokkenen voorafgaand te hebben gehoord.
Die verplichting zal ook gelden als een negatieve beslissing wordt genomen, bijvoorbeeld als het beroep tot vrijstelling van een saneringsplicht wordt afgewezen
door OVAM. Hierdoor wordt de garantie op een kwaliteitsvolle en goed gemotiveerde beslissing versterkt.
2. Bespreking
Mieke Schauvliege beaamt dat de minister rekening gehouden heeft met bepaalde
opmerkingen van de Raad van State, de Strategische Adviesraad voor Landbouw
en Visserij en de Minaraad. Naast het hoorrecht vragen zij echter ook een evaluatie van dat hoorrecht, om na te gaan of de rechten van de partijen …