- 1 april 2026 Decreet tot wijziging van diverse decreten, wat betreft de implementatie van het Kaderdecreet Vlaamse Handhaving van 14 juli 2023 #1960 2024005643
+0 −15 art. 14 opgeheven 1 § 1. De agenten van de federale en de lokale politie, en de personen die door de Vlaamse Regering daartoe worden gemachtigd, kunnen na voorafgaande schriftelijke ingebrekestelling en nadat de betrokkene het recht heeft gekregen om gehoord te worden, de onmiddellijke stopzetting bevelen van de exploitatie van het toeristische logies in het Vlaamse Gewest dat niet voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 4, eerste lid, 1° tot en met 8° en 10°. 2 De personen, vermeld in het eerste lid, mogen, binnen de uitvoering van hun opdracht, elk onderzoek en elke controle uitvoeren. Ze mogen eender wie ondervragen over alles wat nuttig is om te weten bij de uitvoering van hun opdracht. Ze kunnen, zonder zich te verplaatsen, alle inlichtingen en documenten opvragen, met inbegrip van informatiedragers die gegevens bevatten die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun opdracht en die ze nuttig achten om zich ervan te vergewissen dat de voorwaarden, vermeld in artikel 4, eerste lid, 1° tot en met 8° en 10°, worden nageleefd. 3 De personen, vermeld in het eerste lid, zijn ertoe gemachtigd om alle maatregelen te nemen, met inbegrip van verzegeling en inbeslagname van materiaal en materieel, om het bevel tot stopzetting te kunnen toepassen. 4 Bij het bevel tot stopzetting is artikel 10, tweede, derde, vierde en negende lid, van overeenkomstige toepassing. 5 De stopzetting wordt opgelegd door middel van een schriftelijk bevel tot onmiddellijke stopzetting van de exploitatie. De personen, vermeld in het eerste lid, brengen het voormelde bevel op een voor het publiek zichtbare plaats aan. 6 § 2. De vaststellingen tot stopzetting van de exploitatie worden vastgelegd in een proces-verbaal dat conform artikel 10 wordt opgesteld. Een afschrift van dat proces-verbaal wordt binnen een termijn van vijftien kalenderdagen met een aangetekende brief, per fax of elektronisch, als dat een ontvangstbewijs van de geadresseerde oplevert, bezorgd aan: 7 1° de overtreder; 8 2° de eigenaar van het toeristische logies als dat een andere persoon is dan de overtreder; 9 3° de burgemeester van de gemeente waar het toeristische logies ligt; 10 4° Toerisme Vlaanderen. 11 De termijn van vijftien kalenderdagen, vermeld in het eerste lid, wordt als volgt berekend: 12 1° de termijn van vijftien kalenderdagen neemt een aanvang de eerste kalenderdag na het opstellen van het proces-verbaal; 13 2° de vervaldag is in de termijn begrepen; 14 3° wanneer de vervaldag een zaterdag, zondag of wettelijke feestdag is, dan wordt deze verplaatst naar de eerstvolgende werkdag. 15 § 3. In geval van betwisting kan met een procedure, zoals in kort geding, de opheffing van de maatregel gevorderd worden. De vordering wordt gebracht voor de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg in het rechtsgebied waarin het toeristische logies ligt. Deel IV, boek II, titel VI, van het Gerechtelijk Wetboek is van toepassing op de inleiding en de behandeling van de vordering. - 1 januari 2023 Decreet tot wijziging van het decreet van 5 februari 2016 houdende het toeristische logies en tot opheffing van het decreet van 18 juli 2003 betreffende de verblijven en verenigingen die een werking uitoefenen in het kader van "Toerisme voor Allen" #1028 2022040486
+2 −2 art. 14 1 § 1. De agenten van de federale en de lokale politie, en de personen die door de Vlaamse Regering daartoe worden gemachtigd, kunnen na voorafgaande schriftelijke ingebrekestelling en nadat de betrokkene het recht heeft gekregen om gehoord te worden, de onmiddellijke stopzetting bevelen van de exploitatie van het toeristische logies in het Vlaamse Gewest dat niet voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 4, 1° tot en met 7° . 1 § 1. De agenten van de federale en de lokale politie, en de personen die door de Vlaamse Regering daartoe worden gemachtigd, kunnen na voorafgaande schriftelijke ingebrekestelling en nadat de betrokkene het recht heeft gekregen om gehoord te worden, de onmiddellijke stopzetting bevelen van de exploitatie van het toeristische logies in het Vlaamse Gewest dat niet voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 4, eerste lid, 1° tot en met 8° en 10°. 2 De personen, vermeld in het eerste lid, mogen, binnen de uitvoering van hun opdracht, elk onderzoek en elke controle uitvoeren. Ze mogen eender wie ondervragen over alles wat nuttig is om te weten bij de uitvoering van hun opdracht. Ze kunnen, zonder zich te verplaatsen, alle inlichtingen en documenten opvragen, met inbegrip van informatiedragers die gegevens bevatten die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun opdracht en die ze nuttig achten om zich ervan te vergewissen dat de voorwaarden, vermeld in artikel 4, 1° tot en met 7° , worden nageleefd. 2 De personen, vermeld in het eerste lid, mogen, binnen de uitvoering van hun opdracht, elk onderzoek en elke controle uitvoeren. Ze mogen eender wie ondervragen over alles wat nuttig is om te weten bij de uitvoering van hun opdracht. Ze kunnen, zonder zich te verplaatsen, alle inlichtingen en documenten opvragen, met inbegrip van informatiedragers die gegevens bevatten die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun opdracht en die ze nuttig achten om zich ervan te vergewissen dat de voorwaarden, vermeld in artikel 4, eerste lid, 1° tot en met 8° en 10°, worden nageleefd. 3 De personen, vermeld in het eerste lid, zijn ertoe gemachtigd om alle maatregelen te nemen, met inbegrip van verzegeling en inbeslagname van materiaal en materieel, om het bevel tot stopzetting te kunnen toepassen. 3 De personen, vermeld in het eerste lid, zijn ertoe gemachtigd om alle maatregelen te nemen, met inbegrip van verzegeling en inbeslagname van materiaal en materieel, om het bevel tot stopzetting te kunnen toepassen. 4 Bij het bevel tot stopzetting is artikel 10, tweede, derde, vierde en negende lid, van overeenkomstige toepassing. 4 Bij het bevel tot stopzetting is artikel 10, tweede, derde, vierde en negende lid, van overeenkomstige toepassing. -
+15 −0 art. 14 nieuw 1 § 1. De agenten van de federale en de lokale politie, en de personen die door de Vlaamse Regering daartoe worden gemachtigd, kunnen na voorafgaande schriftelijke ingebrekestelling en nadat de betrokkene het recht heeft gekregen om gehoord te worden, de onmiddellijke stopzetting bevelen van de exploitatie van het toeristische logies in het Vlaamse Gewest dat niet voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 4, 1° tot en met 7°. 2 De personen, vermeld in het eerste lid, mogen, binnen de uitvoering van hun opdracht, elk onderzoek en elke controle uitvoeren. Ze mogen eender wie ondervragen over alles wat nuttig is om te weten bij de uitvoering van hun opdracht. Ze kunnen, zonder zich te verplaatsen, alle inlichtingen en documenten opvragen, met inbegrip van informatiedragers die gegevens bevatten die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun opdracht en die ze nuttig achten om zich ervan te vergewissen dat de voorwaarden, vermeld in artikel 4, 1° tot en met 7°, worden nageleefd. 3 De personen, vermeld in het eerste lid, zijn ertoe gemachtigd om alle maatregelen te nemen, met inbegrip van verzegeling en inbeslagname van materiaal en materieel, om het bevel tot stopzetting te kunnen toepassen. 4 Bij het bevel tot stopzetting is artikel 10, tweede, derde, vierde en negende lid, van overeenkomstige toepassing. 5 De stopzetting wordt opgelegd door middel van een schriftelijk bevel tot onmiddellijke stopzetting van de exploitatie. De personen, vermeld in het eerste lid, brengen het voormelde bevel op een voor het publiek zichtbare plaats aan. 6 § 2. De vaststellingen tot stopzetting van de exploitatie worden vastgelegd in een proces-verbaal dat conform artikel 10 wordt opgesteld. Een afschrift van dat proces-verbaal wordt binnen een termijn van vijftien kalenderdagen met een aangetekende brief, per fax of elektronisch, als dat een ontvangstbewijs van de geadresseerde oplevert, bezorgd aan: 7 1° de overtreder; 8 2° de eigenaar van het toeristische logies als dat een andere persoon is dan de overtreder; 9 3° de burgemeester van de gemeente waar het toeristische logies ligt; 10 4° Toerisme Vlaanderen. 11 De termijn van vijftien kalenderdagen, vermeld in het eerste lid, wordt als volgt berekend: 12 1° de termijn van vijftien kalenderdagen neemt een aanvang de eerste kalenderdag na het opstellen van het proces-verbaal; 13 2° de vervaldag is in de termijn begrepen; 14 3° wanneer de vervaldag een zaterdag, zondag of wettelijke feestdag is, dan wordt deze verplaatst naar de eerstvolgende werkdag. 15 § 3. In geval van betwisting kan met een procedure, zoals in kort geding, de opheffing van de maatregel gevorderd worden. De vordering wordt gebracht voor de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg in het rechtsgebied waarin het toeristische logies ligt. Deel IV, boek II, titel VI, van het Gerechtelijk Wetboek is van toepassing op de inleiding en de behandeling van de vordering.