§ flandrepo
  1. +0 −15 art. 14 opgeheven
    1§ 1. De agenten van de federale en de lokale politie, en de personen die door de Vlaamse Regering daartoe worden gemachtigd, kunnen na voorafgaande schriftelijke ingebrekestelling en nadat de betrokkene het recht heeft gekregen om gehoord te worden, de onmiddellijke stopzetting bevelen van de exploitatie van het toeristische logies in het Vlaamse Gewest dat niet voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 4, eerste lid, 1° tot en met 8° en 10°.
    2De personen, vermeld in het eerste lid, mogen, binnen de uitvoering van hun opdracht, elk onderzoek en elke controle uitvoeren. Ze mogen eender wie ondervragen over alles wat nuttig is om te weten bij de uitvoering van hun opdracht. Ze kunnen, zonder zich te verplaatsen, alle inlichtingen en documenten opvragen, met inbegrip van informatiedragers die gegevens bevatten die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun opdracht en die ze nuttig achten om zich ervan te vergewissen dat de voorwaarden, vermeld in artikel 4, eerste lid, 1° tot en met 8° en 10°, worden nageleefd.
    3De personen, vermeld in het eerste lid, zijn ertoe gemachtigd om alle maatregelen te nemen, met inbegrip van verzegeling en inbeslagname van materiaal en materieel, om het bevel tot stopzetting te kunnen toepassen.
    4Bij het bevel tot stopzetting is artikel 10, tweede, derde, vierde en negende lid, van overeenkomstige toepassing.
    5De stopzetting wordt opgelegd door middel van een schriftelijk bevel tot onmiddellijke stopzetting van de exploitatie. De personen, vermeld in het eerste lid, brengen het voormelde bevel op een voor het publiek zichtbare plaats aan.
    6§ 2. De vaststellingen tot stopzetting van de exploitatie worden vastgelegd in een proces-verbaal dat conform artikel 10 wordt opgesteld. Een afschrift van dat proces-verbaal wordt binnen een termijn van vijftien kalenderdagen met een aangetekende brief, per fax of elektronisch, als dat een ontvangstbewijs van de geadresseerde oplevert, bezorgd aan:
    71° de overtreder;
    82° de eigenaar van het toeristische logies als dat een andere persoon is dan de overtreder;
    93° de burgemeester van de gemeente waar het toeristische logies ligt;
    104° Toerisme Vlaanderen.
    11De termijn van vijftien kalenderdagen, vermeld in het eerste lid, wordt als volgt berekend:
    121° de termijn van vijftien kalenderdagen neemt een aanvang de eerste kalenderdag na het opstellen van het proces-verbaal;
    132° de vervaldag is in de termijn begrepen;
    143° wanneer de vervaldag een zaterdag, zondag of wettelijke feestdag is, dan wordt deze verplaatst naar de eerstvolgende werkdag.
    15§ 3. In geval van betwisting kan met een procedure, zoals in kort geding, de opheffing van de maatregel gevorderd worden. De vordering wordt gebracht voor de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg in het rechtsgebied waarin het toeristische logies ligt. Deel IV, boek II, titel VI, van het Gerechtelijk Wetboek is van toepassing op de inleiding en de behandeling van de vordering.
  2. +2 −2 art. 14
    1§ 1. De agenten van de federale en de lokale politie, en de personen die door de Vlaamse Regering daartoe worden gemachtigd, kunnen na voorafgaande schriftelijke ingebrekestelling en nadat de betrokkene het recht heeft gekregen om gehoord te worden, de onmiddellijke stopzetting bevelen van de exploitatie van het toeristische logies in het Vlaamse Gewest dat niet voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 4, 1° tot en met 7° .1§ 1. De agenten van de federale en de lokale politie, en de personen die door de Vlaamse Regering daartoe worden gemachtigd, kunnen na voorafgaande schriftelijke ingebrekestelling en nadat de betrokkene het recht heeft gekregen om gehoord te worden, de onmiddellijke stopzetting bevelen van de exploitatie van het toeristische logies in het Vlaamse Gewest dat niet voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 4, eerste lid, 1° tot en met 8° en 10°.
    2De personen, vermeld in het eerste lid, mogen, binnen de uitvoering van hun opdracht, elk onderzoek en elke controle uitvoeren. Ze mogen eender wie ondervragen over alles wat nuttig is om te weten bij de uitvoering van hun opdracht. Ze kunnen, zonder zich te verplaatsen, alle inlichtingen en documenten opvragen, met inbegrip van informatiedragers die gegevens bevatten die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun opdracht en die ze nuttig achten om zich ervan te vergewissen dat de voorwaarden, vermeld in artikel 4, 1° tot en met 7° , worden nageleefd.2De personen, vermeld in het eerste lid, mogen, binnen de uitvoering van hun opdracht, elk onderzoek en elke controle uitvoeren. Ze mogen eender wie ondervragen over alles wat nuttig is om te weten bij de uitvoering van hun opdracht. Ze kunnen, zonder zich te verplaatsen, alle inlichtingen en documenten opvragen, met inbegrip van informatiedragers die gegevens bevatten die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun opdracht en die ze nuttig achten om zich ervan te vergewissen dat de voorwaarden, vermeld in artikel 4, eerste lid, 1° tot en met 8° en 10°, worden nageleefd.
    3De personen, vermeld in het eerste lid, zijn ertoe gemachtigd om alle maatregelen te nemen, met inbegrip van verzegeling en inbeslagname van materiaal en materieel, om het bevel tot stopzetting te kunnen toepassen.3De personen, vermeld in het eerste lid, zijn ertoe gemachtigd om alle maatregelen te nemen, met inbegrip van verzegeling en inbeslagname van materiaal en materieel, om het bevel tot stopzetting te kunnen toepassen.
    4Bij het bevel tot stopzetting is artikel 10, tweede, derde, vierde en negende lid, van overeenkomstige toepassing.4Bij het bevel tot stopzetting is artikel 10, tweede, derde, vierde en negende lid, van overeenkomstige toepassing.
  3. +15 −0 art. 14 nieuw
    1§ 1. De agenten van de federale en de lokale politie, en de personen die door de Vlaamse Regering daartoe worden gemachtigd, kunnen na voorafgaande schriftelijke ingebrekestelling en nadat de betrokkene het recht heeft gekregen om gehoord te worden, de onmiddellijke stopzetting bevelen van de exploitatie van het toeristische logies in het Vlaamse Gewest dat niet voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 4, 1° tot en met 7°.
    2De personen, vermeld in het eerste lid, mogen, binnen de uitvoering van hun opdracht, elk onderzoek en elke controle uitvoeren. Ze mogen eender wie ondervragen over alles wat nuttig is om te weten bij de uitvoering van hun opdracht. Ze kunnen, zonder zich te verplaatsen, alle inlichtingen en documenten opvragen, met inbegrip van informatiedragers die gegevens bevatten die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun opdracht en die ze nuttig achten om zich ervan te vergewissen dat de voorwaarden, vermeld in artikel 4, 1° tot en met 7°, worden nageleefd.
    3De personen, vermeld in het eerste lid, zijn ertoe gemachtigd om alle maatregelen te nemen, met inbegrip van verzegeling en inbeslagname van materiaal en materieel, om het bevel tot stopzetting te kunnen toepassen.
    4Bij het bevel tot stopzetting is artikel 10, tweede, derde, vierde en negende lid, van overeenkomstige toepassing.
    5De stopzetting wordt opgelegd door middel van een schriftelijk bevel tot onmiddellijke stopzetting van de exploitatie. De personen, vermeld in het eerste lid, brengen het voormelde bevel op een voor het publiek zichtbare plaats aan.
    6§ 2. De vaststellingen tot stopzetting van de exploitatie worden vastgelegd in een proces-verbaal dat conform artikel 10 wordt opgesteld. Een afschrift van dat proces-verbaal wordt binnen een termijn van vijftien kalenderdagen met een aangetekende brief, per fax of elektronisch, als dat een ontvangstbewijs van de geadresseerde oplevert, bezorgd aan:
    71° de overtreder;
    82° de eigenaar van het toeristische logies als dat een andere persoon is dan de overtreder;
    93° de burgemeester van de gemeente waar het toeristische logies ligt;
    104° Toerisme Vlaanderen.
    11De termijn van vijftien kalenderdagen, vermeld in het eerste lid, wordt als volgt berekend:
    121° de termijn van vijftien kalenderdagen neemt een aanvang de eerste kalenderdag na het opstellen van het proces-verbaal;
    132° de vervaldag is in de termijn begrepen;
    143° wanneer de vervaldag een zaterdag, zondag of wettelijke feestdag is, dan wordt deze verplaatst naar de eerstvolgende werkdag.
    15§ 3. In geval van betwisting kan met een procedure, zoals in kort geding, de opheffing van de maatregel gevorderd worden. De vordering wordt gebracht voor de voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg in het rechtsgebied waarin het toeristische logies ligt. Deel IV, boek II, titel VI, van het Gerechtelijk Wetboek is van toepassing op de inleiding en de behandeling van de vordering.
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd