§ flandrepo
19 regels · van kracht sinds 1 jan 2025

Artikel 55

§1. Voor de werkingsmiddelen binnen de begroting van de Vlaamse Gemeenschap die geen loongebonden uitgaven uitmaken en waarvan de evolutie gekoppeld is aan de schommelingen van een prijsindexcijfer, wordt de indexaanpassing in het begrotingsjaar 2025, 2028 en 2029 voor 50 procent verrekend. In de begrotingsjaren 2026 en 2027 wordt geen indexaanpassing verrekend. De voorgaande bepalingen doen geen afbreuk aan de gedeeltelijke verrekening of de niet-verrekening van indexaanpassingen in voorafgaande jaren. De in voorgaande bepaling bedoelde 50 procent geldt enkel voor de indexstijging ten opzichte van het voorgaande jaar.

Het eerste lid is niet van toepassing op:

  1. 1°de forfaitaire kostenvergoedingen, vermeld in artikel 16 van het decreet van 29 juni 2012 houdende de organisatie van pleegzorg;
  2. 2°de kostenvergoeding, vermeld in artikel 65, 1°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 22 november 2013 houdende de subsidies en de eraan gekoppelde voorwaarden voor de realisatie van specifieke dienstver-lening door gezinsopvang en groepsopvang van baby’s en peuters;
  3. 3°het zakgeld, vermeld in artikel 42 van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 april 2019 betreffende de erkenningsvoorwaarden en de subsidienormen voor voorzieningen in de jeugdhulp;
  4. 4°de tarieven voor zakgeld als vermeld in bijlage 3 bij het besluit van de Vlaamse Regering van 5 april 2019 betreffende de erkenningsvoorwaarden en de subsidienormen voor voorzieningen in de jeugdhulp;
  5. 5°het vrij besteedbaar bedrag, vermeld in artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 2008 tot bepaling van het bedrag, de voorwaarden voor de toekenning en de wijze van vereffening van een vrij besteedbaar bedrag voor minderjarigen aan wie residentiële jeugdhulpverlening wordt geboden in voorzieningen die erkend zijn en gesubsidieerd worden door het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap;
  6. 6°de tegemoetkoming in de installatiekost en de huurprijs voor woonbehoeftige huurders, vermeld in artikel 5.73. van de Vlaamse Codex Wonen van 17 juli 2020;
  7. 7°de tegemoetkoming in de huurprijs voor kandidaat-huurders, vermeld in artikel 5.74. van de Vlaamse Codex Wonen van 17 juli 2020;
  8. 8°de werkondersteunende maatregelen, vermeld in artikel 9 en de forfaitaire subsidie voor organisatieondersteunende maatregelen, vermeld in artikel 19 van het decreet van 12 juli 2013 betreffende maatwerk bij collectieve inschakeling;
  9. 9°de premie, vermeld in artikel 94, §1, van de programmawet van 30 december 1988;
  10. 10°de tegemoetkomingen voor mobiliteitshulpmiddelen, vermeld in artikel 105 van het decreet van 18 mei 2018 houdende de Vlaamse sociale bescherming;
  11. 11°de studietoelagen, vermeld in artikel 4 van het decreet van 8 juni 2007 betreffende de studiefinanciering van de Vlaamse Gemeenschap;
  12. 12°het instandhoudingsforfait, vermeld in artikel 9 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2017 betreffende de subsidiëring van infrastructuur van ziekenhuizen.

§2. Voor de werkingsmiddelen binnen de begroting onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap die geen loongebonden uitgaven uitmaken en waarvan de evolutie gekoppeld is aan de schommelingen van een prijsindexcijfer wordt de indexaanpassing in het begrotingsjaar 2025, 2028 en 2029 voor 50 procent verrekend. In de begrotingsjaren 2026 en 2027 wordt geen indexaanpassing verrekend. De voorgaande bepalingen doen geen afbreuk aan de gedeeltelijke verrekening of de niet-verrekening van indexaanpassingen in voorafgaande jaren. De in voorgaande bepaling bedoelde 50 procent geldt enkel voor de indexstijging ten opzichte van het voorgaande jaar.

Toepassing van het eerste lid houdt de niet-verrekening in van de index-aanpassing op:

  1. 1°40 procent van de aanpassingscoëfficiënt A2 van de werkingsmiddelen van het gewoon en het buitengewoon secundair onderwijs, vermeld in artikel 243, §3, en artikel 324, §3, van de Codex Secundair Onderwijs;
  2. 2°40 procent van de aanpassingscoëfficiënt A van de werkingsmiddelen van het deeltijds kunstonderwijs, vermeld in artikel 83 en 84 van het decreet van 9 maart 2018 betreffende het deeltijds kunstonderwijs en in artikel 8 van het besluit van 4 mei 2018 van de Vlaamse Regering betreffende het opleidingsaanbod, de structuur, organisatie en financiering van de Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen.

In afwijking van het eerste lid is de niet-verrekening van de indexaanpassing niet van toepassing op de werkingsmiddelen van het gewoon en het buitengewoon basisonderwijs.

Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd