§ flandrepo
29 regels · van kracht sinds 1 jan 2026

Artikel 25

§1. Voor het schooljaar X-X +1 heeft een onderwijsinternaat recht op omkadering die wordt berekend volgens de formule:

tabeleenheden + (aantal internen dg 1 x ORE dg 1) + (aantal internen dg 2 x ORE dg 2) + (aantal internen dg 3 x ORE dg 3),

waarbij:

  1. 1°tabeleenheden: het aantal ORE dat overeenstemt met het aantal internen in de tabel die is opgenomen in de bijlage die bij dit decreet is gevoegd;
  2. 2°internen:
  3. a)de internen die bij aanvang van het schooljaar waarin de teldag valt de leeftijd van 21 jaar nog niet bereikt hebben en die ingeschreven zijn in:
  4. -een erkende, gefinancierde of gesubsidieerde school voor gewoon of buitengewoon basis- of secundair onderwijs;
  5. -een erkend, gefinancierd of gesubsidieerd centrum voor deeltijds beroepssecundair onderwijs als vermeld in artikel 3, 10°, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010;
  6. -een Europese school als bepaald in het Verdrag van 21 juni 1994 houdende het Statuut van de Europese scholen;
  7. b)de internen die bij aanvang van het schooljaar waarin de teldag valt de leeftijd van 25 jaar nog niet bereikt hebben en die op de teldag ingeschreven zijn in een erkende, gefinancierde of gesubsidieerde school voor voltijds gewoon secundair onderwijs in:
  8. -een structuuronderdeel van het derde leerjaar van de derde graad als vermeld in artikel 124, 3°, c) tot en met e), van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010;
  9. -de opleidingen van het hoger beroepsonderwijs, vermeld in artikel 168/3, §1, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010;
  10. -de opleiding in de vierde graad aanvullend beroepssecundair onderwijs Verpleegkunde van het onderwijs van de Franse Gemeenschap;
  11. 3°de doelgroepen, dg, de volgende zijn:
  12. a)doelgroep 1: internen die ingeschreven zijn in het kleuteronderwijs;
  13. b)doelgroep 2: internen met een IAC-verslag als vermeld in artikel 15 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 of artikel 294, §2, 1°, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010 of een OV4-verslag als vermeld in artikel 294, §2, 2°, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010;
  14. c)doelgroep 3: een interne van wie het verblijf in het onderwijsinternaat kadert in jeugdhulpverlening en voor wie overeenkomstig artikel 14 een afsprakenkader en ondersteuningsplan is opgemaakt;
  15. 4°het bijkomende aantal omkaderingsrekeneenheden per doelgroep, ORE dg, de volgende zijn:
  16. a)doelgroep 1: tabelbedrag van de eerste interne gedeeld door 2;
  17. b)doelgroep 2: 277,78 ORE;
  18. c)doelgroep 3: 277,78 ORE.

§1/1. Voor het schooljaar X-X +1 en de eerste maal voor het schooljaar 2025-2026 wordt per doelgroep, vermeld in paragraaf 1, 3°, een extra aantal ORE verdeeld over de onderwijsinternaten. De extra aantallen ORE per doelgroep zijn:

  1. 1°doelgroep 1: 31.414 ORE;
  2. 2°doelgroep 2: 90.140 ORE;
  3. 3°doelgroep 3: 353.114 ORE.

Per doelgroep wordt het aantal ORE uit het eerste lid gedeeld door het aantal internen van die doelgroep, van alle onderwijsinternaten samen op de teldag, vermeld in artikel 24. Het quotiënt van die deling wordt per doelgroep aangeduid met ORE bdg.

Per onderwijsinternaat wordt de extra doelgroepomkadering berekend volgens de volgende formule: (aantal internen dg 1 x ORE bdg 1) + (aantal internen dg 2 x ORE bdg 2) + (aantal internen dg 3 x ORE bdg 3). Het aantal ORE dat verkregen wordt na toepassing van deze formule wordt bij het aantal ORE gevoegd na toepassing van de formule, vermeld in paragraaf 1.

§2. Een interne kan tot verschillende doelgroepen behoren.

Een interne kan op één teldag maar in één onderwijsinternaat meetellen.

Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd