Decreet tot wijziging van artikel 48 van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp, wat de leeftijd voor plaatsing in een pleeggezin betreft
1 artikel gewijzigd
| 15 | 14° uitzonderlijk en voor ten hoogste drie maanden de minderjarige die de leeftijd van veertien jaar heeft bereikt, toevertrouwen aan een geschikte gesloten inrichting, als wordt aangetoond dat de minderjarige zich aan de maatregelen, vermeld in punt 9° tot en met 13°, tweemaal of meer heeft onttrokken en dat die maatregel noodzakelijk is voor het behoud van de integriteit van de persoon van de minderjarige. | 15 | 14° uitzonderlijk en voor ten hoogste drie maanden de minderjarige die de leeftijd van veertien jaar heeft bereikt, toevertrouwen aan een geschikte gesloten inrichting, als wordt aangetoond dat de minderjarige zich aan de maatregelen, vermeld in punt 9° tot en met 13°, tweemaal of meer heeft onttrokken en dat die maatregel noodzakelijk is voor het behoud van de integriteit van de persoon van de minderjarige. |
| 16 | De jeugdrechter en de jeugdrechtbank bepalen de jeugdhulpaanbieder bij wie de functie dient opgenomen te worden en, wanneer aangewezen, vermelden zij de bijhorende typemodules. | 16 | De jeugdrechter en de jeugdrechtbank bepalen de jeugdhulpaanbieder bij wie de functie dient opgenomen te worden en, wanneer aangewezen, vermelden zij de bijhorende typemodules. |
| 17 | Voor wat pleegzorg als vermeld in artikel 2, 11°, van het decreet van 29 juni 2012 houdende de organisatie van pleegzorg, betreft, kunnen de jeugdrechtbank en de jeugdrechter een minderjarige toevertrouwen aan een kandidaat-pleegzorger of een pleegzorger als vermeld in artikel 14, § 1 of § 3, van het decreet van 29 juni 2012 houdende de organisatie van pleegzorg ten hoogste tot aan de leeftijd van dertien jaar, al dan niet met toepassing van artikel 5 van voormeld decreet, en een minderjarige die ouder is dan dertien jaar, toevertrouwen aan een kandidaat-pleegzorger of aan een pleegzorger als vermeld in artikel 14, § 1 of § 3, van het decreet van 29 juni 2012 houdende de organisatie van pleegzorg voor ten hoogste drie jaar, al dan niet met toepassing van artikel 5 van het voormelde decreet. | 17 | Voor wat pleegzorg als vermeld in artikel 2, 11°, van het decreet van 29 juni 2012 houdende de organisatie van pleegzorg, betreft, kunnen de jeugdrechtbank en de jeugdrechter een minderjarige toevertrouwen aan een kandidaat-pleegzorger of een pleegzorger als vermeld in artikel 14, § 1 of § 3, van het decreet van 29 juni 2012 houdende de organisatie van pleegzorg ten hoogste tot aan de leeftijd van dertien jaar, al dan niet met toepassing van artikel 5 van voormeld decreet, en een minderjarige die ouder is dan twaalf jaar, toevertrouwen aan een kandidaat-pleegzorger of aan een pleegzorger als vermeld in artikel 14, § 1 of § 3, van het decreet van 29 juni 2012 houdende de organisatie van pleegzorg voor ten hoogste drie jaar, al dan niet met toepassing van artikel 5 van het voormelde decreet. |
| 18 | De Vlaamse Regering bepaalt de nadere invulling van de typemodules die onder de functies, vermeld in punt 4° tot en met 10°, vallen. De Vlaamse Regering kan in afwijking van de termijn bepaald in het eerste lid, 4° tot en met 10°, voor specifieke typemodules andere, kortere, termijnen voorzien. | 18 | De Vlaamse Regering bepaalt de nadere invulling van de typemodules die onder de functies, vermeld in punt 4° tot en met 10°, vallen. De Vlaamse Regering kan in afwijking van de termijn bepaald in het eerste lid, 4° tot en met 10°, voor specifieke typemodules andere, kortere, termijnen voorzien. |
| 19 | Een opvoedend project als vermeld in het eerste lid, 3°, moet cumulatief aan de volgende voorwaarden voldoen: | 19 | Een opvoedend project als vermeld in het eerste lid, 3°, moet cumulatief aan de volgende voorwaarden voldoen: |