Artikel 4
§ 1. De bedragen van de toelagen in het kader van het gezinsbeleid en, in voorkomend geval, de inkomensgrenzen, vermeld in de delen 1 en 3 van boek 2 en deel 2 van boek 5, worden gekoppeld aan de afgevlakte gezondheidsindex.
Die bedragen zijn gekoppeld aan het spilindexcijfer 103,04 (basis 2013 = 100).
De koppeling aan de afgevlakte gezondheidsindex uit het eerste lid wordt beëindigd vanaf 1 januari 2020.
De bedragen van de toelagen in het kader van het gezinsbeleid, en in voorkomend geval, de inkomensgrenzen, vermeld in delen 1 en 3 van boek 2 en deel 2 van boek 5, die ingevolge de koppeling uit het eerste lid en de toepassing van het tweede lid, werden bekomen op 31 december 2019, worden vanaf 1 januari 2020 tot en met 31 december 2024 jaarlijks op 1 september verhoogd met een index van 2 %.
In afwijking van het voorgaande lid wordt het bedrag voor het derde jongste kind en oudere kinderen, vermeld in artikel 210, § 2, tweede lid, en het bedrag van de leeftijdsbijslagen, vermeld in artikel 212, § 1 en § 2, en artikel 213, zoals die voor deze bedragen ingevolge de koppeling uit het eerste lid werden bekomen op 31 december 2019, tot en met 31 december 2024 niet jaarlijks verhoogd met een index van 2%.
In afwijking van het vierde lid wordt het basisbedrag, vermeld in artikel 13, en het bedrag voor het jongste kind en het tweede jongste kind, vermeld in artikel 210, § 2, tweede lid, waar de evolutie gekoppeld is aan de jaarlijkse verhoging met een index van 2%, zoals bepaald in het vierde lid,op 1 september 2022 en op 1 december 2022 verhoogd met een index van 1%.
In afwijking van het vierde lid worden de inkomensgrenzen, vermeld in deel 1 van boek 2 en deel 2 van boek 5, die ingevolge de verhoging uit het vierde lid werden bekomen op 30 september 2022, vanaf 1 september 2023 jaarlijks geïndexeerd op 1 september. De indexering is gelijk aan de procentuele stijging van de gezondheidsindex, voor de maand december van het tweede kalenderjaar dat het jaar van de indexering voorafgaat, ten opzichte van de gezondheidsindex voor de maand december van het derde kalenderjaar dat het jaar van de indexering voorafgaat.
De bedragen van de toelagen in het kader van het gezinsbeleid, vermeld in deel 1 en 3 van boek 2 en deel 2 van boek 5, die ingevolge de toepassing van het vierde tot en met zesde lid werden bekomen op 31 december 2024, wor-den vanaf 1 januari 2025 jaarlijks op 1 september aangepast overeenkomstig de procentuele stijging van de afgevlakte gezondheidsindex voor de maand juli van het jaar van de indexering, ten opzichte van de afgevlakte gezond-heidsindex voor de maand juli van het jaar dat het jaar van de indexering voorafgaat, met een jaarlijkse minimale procentuele stijging van 2 procent.
§ 2. Als ingevolge de toepassing van paragraaf 1 de bedragen van de toelagen eindigen op een gedeelte van een cent, wordt het uit te betalen bedrag vastgesteld zonder rekening te houden met het gedeelte van een cent als dat minder dan 0,5 cent bedraagt. Als het gedeelte 0,5 cent of meer bedraagt, wordt het voor een cent gerekend.
De afronding op een cent naar boven of naar beneden wordt gedaan op het totaal uit te betalen bedrag voor het rechtgevende kind, het rechthebbende kind of de rechthebbende leerling.
§ 3. De bedragen en de inkomensgrenzen van de selectieve participatietoeslagen worden geïndexeerd zoals de bedragen, vermeld in artikel 46 van het decreet van 8 juni 2007. De bedragen en inkomensgrenzen die in de artikelen 43, 46, 47 en 48 van dit decreet zijn opgenomen, zijn deze voor het schooljaar 2019-2020.
§ 4. De bedragen bepaald door de Vlaamse Regering in uitvoering van artikel 103, § 2, worden, met toepassing van paragraaf 1, tweede lid, en paragraaf 2, tweede lid, gekoppeld aan de indexmechanismen uit het eerste lid, rekening houdend met de toepassing van het derde lid van de eerste paragraaf, en het vierde lid van de eerste paragraaf.