§ flandrepo
27 regels · van kracht sinds 14 apr 2019

Artikel 77

§ 1. Met behoud van de toepassing van artikel 22 van het decreet van 7 mei 2004 betreffende de rechtspositie van de minderjarige in de integrale jeugdhulp heeft iedereen recht op toegang tot zijn persoonlijke gegevens die bij de toegangspoort, de gemandateerde voorziening of de sociale dienst worden bewaard.

Met toepassing van artikel 23, lid 1, i), van de algemene verordening gegevensbescherming gelden de verplichtingen en de rechten, vermeld in artikel 12 tot en met 22 van de voormelde verordening, niet voor de gegevens die worden verstrekt door derden zonder dat ze daartoe verplicht werden en die ze als vertrouwelijk hebben bestempeld, tenzij ze zich akkoord verklaren met de toegang. Als de dossierhouder van oordeel is dat de bescherming van de vertrouwelijkheid niet opweegt tegen de bescherming van het recht op toegang, is de voormelde verordening overeenkomstig van toepassing.

§ 2. Met toepassing van artikel 23, lid 1, i), van de algemene verordening gegevensbescherming wordt, in afwijking van artikel 12, lid 3, van de voormelde verordening, aan het recht op toegang uiterlijk binnen vijftien dagen na ontvangst van het verzoek gevolg verleend.

Met behoud van de toepassing van het eerste lid wordt voor gegevens die bij de toegangspoort en de gemandateerde voorzieningen worden bewaard, het recht op toegang verleend uiterlijk op het ogenblik waarop de toegangspoort of de gemandateerde voorziening een beslissing neemt. Voor gegevens die bij de sociale dienst worden bewaard, wordt het recht op toegang verleend uiterlijk op het ogenblik van de eerste beschikking van de jeugdrechter of het eerste vonnis van de jeugdrechtbank.

§ 3. De toegang tot de gegevens wordt verstrekt door inzage.

Als bepaalde gegevens ook een derde betreffen en volledige inzage in die gegevens door de betrokkene afbreuk zou doen aan het recht van de derde op bescherming van zijn persoonlijke levenssfeer, wordt de toegang tot die gegevens verstrekt via gedeeltelijke inzage, een gesprek of een rapportage.

Iedereen kan bij de uitoefening van het toegangsrecht naar eigen keuze worden bijgestaan door een door het beroepsgeheim gebonden persoon, en, wat de ouders van de minderjarige en de opvoedingsverantwoordelijke betreft, door de vertrouwenspersoon, vermeld in artikel 2/1, en, wat de minderjarige betreft, door de vertrouwenspersoon, vermeld in artikel 24 van het decreet van 7 mei 2004 betreffende de rechtspositie van de minderjarige in de integrale jeugdhulp.

Als met toepassing van paragraaf 1, tweede lid, de bescherming van de vertrouwelijkheid niet opweegt tegen de bescherming van het recht op toegang, kan de dossierhouder de toegang tot de gegevens in kwestie verstrekken via gedeeltelijke inzage, een gesprek of een rapportage.

§ 4. Voor de toepassing van paragraaf 1 worden de personen die deel uitmaken van het cliëntsysteem, ten opzichte van elkaar als derden beschouwd.

Met behoud van de toepassing van paragraaf 1 worden voor de toepassing van paragraaf 3, tweede lid, de personen die deel uitmaken van het cliëntsysteem, ten opzichte van elkaar niet als derden beschouwd, als het gaat om contextuele gegevens.

Contextuele gegevens zijn gegevens die tegelijk de persoon die toegang vraagt en een of meer andere personen die deel uitmaken van het cliëntsysteem, betreffen.

Het cliëntsysteem bestaat uit de volgende personen :

  1. 1°de minderjarige;
  2. 2°de ouders;
  3. 3°de opvoedingsverantwoordelijken;
  4. 4°de personen uit de leefomgeving van de minderjarige die met hem samenwonen op het ogenblik van de uitoefening van het recht op toegang.

§ 5. Een minderjarige kan het toegangsrecht zelfstandig uitoefenen, rekening houdend met zijn leeftijd en maturiteit, vanaf het ogenblik dat blijkt dat de min-twaalfjarige tot een redelijke beoordeling van zijn belangen in staat is of vanaf de leeftijd van twaalf jaar.

Als de minderjarige jonger is dan twaalf jaar, wordt het toegangsrecht uitgeoefend door een wettelijke vertegenwoordiger.

Met toepassing van artikel 23, lid 1, i), van de algemene verordening gegevensbescherming, gelden de verplichtingen en de rechten, vermeld in artikel 12 tot en met 22 van de voormelde verordening, voor de wettelijke vertegenwoordigers die in het kader van deze paragraaf optreden niet voor de contextuele gegevens die de minderjarige en een andere persoon dan de wettelijke vertegenwoordiger zelf betreffen.

In geval van tegenstrijdige belangen met een wettelijke vertegenwoordiger of als die het toegangsrecht niet uitoefent, kan het toegangsrecht van de minderjarige worden uitgeoefend door een persoon als vermeld in paragraaf 3, derde lid.

§ 6. Op verzoek van de betrokkenen worden de documenten die ze aanreiken, toegevoegd aan het dossier. Alle betrokkenen hebben het recht om hun versie te geven van de feiten die vermeld zijn in het dossier.

§ 7. De betrokkenen hebben recht op een afschrift van de gegevens van het dossier waartoe ze toegang hebben door inzage. Met toepassing van artikel 23, lid 1, i), van de algemene verordening gegevensbescherming hebben de betrokkenen voor de gegevens waartoe ze toegang hebben op een andere wijze dan door inzage, alleen recht op een rapport.

Ieder afschrift en ieder rapport zijn persoonlijk en vertrouwelijk en mogen alleen worden aangewend voor doeleinden van jeugdhulpverlening. De dossierhouder die een afschrift of rapport bezorgt, wijst de betrokkenen daarop en voegt een toelichting in die zin bij het afschrift of rapport.

De Vlaamse Regering kan de voorwaarden bepalen waaronder een afschrift of rapport wordt uitgereikt.

§ 8. Met toepassing van artikel 23, lid 1, i), van de algemene verordening gegevensbescherming gelden de verplichtingen en de rechten, vermeld in artikel 12 tot en met 22 van de voormelde verordening, niet voor de volgende gegevens die bij de sociale diensten worden bewaard :

  1. 1°de gegevens die ter beschikking zijn gesteld van de jeugdrechter;
  2. 2°de gegevens die, als er toegang toe verleend zou worden, het geheim van het onderzoek, vermeld in artikel 28quinquies, § 1, van het Wetboek van Strafvordering, schenden.
Bron: Vlaams Parlement en Vlaamse Codex (Modellicentie Gratis Hergebruik) Authentieke tekst: Belgisch Staatsblad Samenvattingen en berekende teksten zijn gegenereerd