Artikel 2
§ 1. In dit decreet wordt verstaan onder :
- 1°...;
- 2°agentschap Opgroeien: het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid dat is opgericht bij artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2008 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap zonder rechtspersoonlijkheid Opgroeien;
- 3°agentschap Opgroeien regie: het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid dat is opgericht bij artikel 3 van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie;
- 3°/1algemene verordening gegevensbescherming : de verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming);
- 4°ambulant : de hulp wordt in de voorziening aangeboden, maar de cliënt overnacht niet in de voorziening;
- 5°brede instap : jeugdhulpaanbieders die onder de toepassing vallen van minstens de regelgeving, vermeld in artikel 3, § 1, eerste lid, 2°, 4° en 7°, en die modules aanbieden die door de Vlaamse Regering zijn aangewezen als behorend tot de brede instap;
- 6°consult : partijen die elkaar raadplegen en informatie uitwisselen in het kader van de jeugdhulpverlening, vertrekkend vanuit de hulpvraag;
- 7°continuïteit : de voortzetting zonder onderbreking van het traject van de jeugdhulpverlening, te realiseren door de samenwerking van de verschillende jeugdhulpaanbieders van de jeugdhulpverlening en de trajectbegeleiding;
- 8°context : het sociale netwerk rond de minderjarige, zijn ouders en, in voorkomend geval, zijn opvoedingsverantwoordelijken, dat in functie van de hulpvraag van die personen van betekenis is;
- 9°crisissituatie : een acuut beleefde noodsituatie waarin onmiddellijk hulp moet worden geboden;
- 10°crisisjeugdhulpverlening : jeugdhulpverlening die bestaat uit een onmiddellijke en aangepaste actie in geval van een crisissituatie;
- 11°...
- 12°diagnostiek : het proces van de verzameling en ordening van de beschikbare relevante gegevens vanuit de hulpvraag;
- 13°dienstverlener : hulp-, zorg- en dienstverleners die professioneel betrokken zijn bij het welzijn van minderjarigen;
- 14°erkende voorziening van de bijzondere jeugdbijstand : een voorziening die erkend is met toepassing van hoofdstuk 14/1;
- 15°flexibiliteit : de herzienbaarheid van de aangeboden jeugdhulpverlening in functie van de wenselijkheid en van wat als ondersteunend wordt ervaren door de minderjarige, zijn ouders en, in voorkomend geval, zijn opvoedingsverantwoordelijken;
- 15°/2geanonimiseerde gegevens : gegevens die geen betrekking hebben op een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon of die betrekking hebben op persoonsgegevens die zodanig anoniem zijn gemaakt dat de betrokkene niet of niet meer identificeerbaar is;
- 15°/3gecodeerde persoonsgegevens : de persoonsgegevens die alleen met een code in verband kunnen worden gebracht met een geïdentificeerde of identificeerbare persoon;
- 16°geïndiceerde jeugdhulpverlening : enerzijds de jeugdhulpverlening die voor de minderjarige op basis van de hulpvraag en in overleg met de context wordt voorgesteld in het indicatiestellingsverslag, vermeld in artikel 21, eerste lid, 2°, en die in de vorm van inzetbare en combineerbare typemodules wordt beschreven, waarbij flexibiliteit gewaarborgd is, en anderzijds de jeugdhulpverlening die voor de minderjarige wordt voorgesteld in het verzoek van de jeugdrechter om niet rechtstreeks toegankelijke jeugdhulpverlening, vermeld in artikel 55;
- 17°gemandateerde voorzieningen : het ondersteuningscentrum Jeugdzorg en de vertrouwenscentra kindermishandeling;
- 18°gemeenschapsinstelling : een instelling als vermeld in artikel 2, 4°, van het decreet van 15 februari 2019 betreffende het jeugddelinquentierecht;
- 19°gerechtelijke jeugdhulpverlening : de jeugdhulpverlening die wordt opgelegd bij rechterlijke beslissing;
- 20°hulpprogramma : een voorzieningenoverstijgend en gecoördineerd geheel van jeugdhulpverlening dat bestaat uit een combinatie van modules, afgestemd op de hulpvraag, die al dan niet gelijktijdig ingezet worden met de focus op een specifieke doelgroep of problematiek;
- 21°indicatiestelling : het proces, vermeld in artikel 21, dat wordt uitgevoerd door het team Indicatiestelling, vermeld in artikel 17, en dat op basis van de hulpvraag en de gemeenschappelijke analyse vaststelt welke jeugdhulpverlening maximaal wenselijk en als ondersteunend en effectief ingeschat wordt en wat de urgentie ervan is;
- 22°inspraak : de medezeggenschap van minderjarigen, ouders en, in voorkomend geval, opvoedingsverantwoordelijken op elk moment in het traject van de jeugdhulpverlening;
- 22°/1instemming : elke vrije, specifieke, geïnformeerde en uitdrukkelijke wilsuiting;
- 23°Intersectoraal Regionaal Overleg Jeugdhulp : het orgaan, vermeld in artikel 65;
- 24°Intersectorale Regionale Prioriteitencommissie : het orgaan, vermeld in artikel 26, § 1, eerste lid, 5°, en derde lid, dat in voorkomend geval overgaat tot de prioritering van dossiers op basis van de hulpvraag, de urgentie en de zorgnood en dat met de minderjarige, zijn ouders of opvoedingsverantwoordelijken en de jeugdhulpaanbieders het gemeenschappelijke engagement aangaat om de geïndiceerde jeugdhulpverlening prioritair uit te voeren;
- 25°intersectorale registratielijst : systeem waarin al de indicatiestellingsverslagen, vermeld in artikel 21, eerste lid, 2°, en al de verzoeken van de jeugdrechter om niet rechtstreeks toegankelijke jeugdhulpverlening, vermeld in artikel 55, op naam van de minderjarige worden opgenomen met het oog op de jeugdhulpregie, vermeld in artikel 26;
- 26°jeugdhulp : het geheel van de jeugdhulpaanbieders, de personeelsleden die de indicatiestelling en de jeugdhulpregie verrichten binnen en voor de toegangspoort, en de personeelsleden die de opdrachten binnen de gemandateerde voorzieningen uitvoeren;
- 27°jeugdhulpaanbieder : een natuurlijke persoon of een voorziening die jeugdhulpverlening aanbiedt, in de vorm van rechtstreeks toegankelijke jeugdhulpverlening of niet rechtstreeks toegankelijke jeugdhulpverlening of beide, als vermeld in artikel 3, het ondersteuningscentrum en de gemeenschapsinstelling;
- 28°jeugdhulpverleningsbeslissing : het document, opgemaakt door het team Jeugdhulpregie, vermeld in artikel 17, derde lid, dat de geïndiceerde jeugdhulpverlening omzet in een of meer modules niet rechtstreeks toegankelijke jeugdhulpverlening of in een persoonsvolgende financiering die het mogelijk maakt om de geïndiceerde jeugdhulpverlening te realiseren, overeenkomstig artikel 26, § 1, eerste lid, 1° ;
- 29°jeugdhulpregie : het proces, vermeld in artikel 26, dat wordt uitgevoerd door het team Jeugdhulpregie, vermeld in artikel 17, en dat de geïndiceerde jeugdhulpverlening omzet in een of meer modules jeugdhulpverlening of in een persoonsvolgende financiering;
- 30°jeugdhulpverlening : de vraaggestuurde hulp- en zorgverlening die zich richt tot minderjarigen, of tot minderjarigen en hun ouders, hun opvoedingsverantwoordelijken of personen uit hun leefomgeving;
- 31°jeugdhulpverleningsvoorstel : het document, opgemaakt door het team Jeugdhulpregie, vermeld in artikel 17, derde lid, dat een selectie bevat van de modules die in aanmerking komen om de geïndiceerde jeugdhulpverlening te realiseren, als een of meer modules niet onmiddellijk beschikbaar zijn, overeenkomstig artikel 26, § 1, eerste lid, 4° ;
- 32°kindermishandeling : elke vorm van lichamelijk, psychisch of seksueel geweld waar van een minderjarige het slachtoffer is, actief door het schadelijke optreden of passief door een ernstige nalatigheid van zijn ouders of van iedere andere persoon ten opzichte van wie de minderjarige in een relatie van afhankelijkheid staat;
- 33°leefomgeving : de natuurlijke personen, met uitzondering van de ouders en de opvoedingsverantwoordelijken, die bij de minderjarige inwonen of met de minderjarige een familiale of bijzondere affectieve band hebben, onder wie de natuurlijke personen die in de buurt van de minderjarige wonen of met wie de minderjarige geregeld contact heeft, onder meer bij het naar school gaan of tijdens de vrijetijdsbesteding;
- 34°maatschappelijke noodzaak : de kwalificatie die na het onderzoek, vermeld in artikel 34, door de gemandateerde voorziening aan een verontrustende situatie wordt gegeven en die de noodzaak vastlegt om jeugdhulpverlening in te schakelen;
- 35°...;
- 36°minderjarige : elke natuurlijke persoon die jonger is dan achttien jaarof van wie vermoed wordt dat hij jonger dan achttien jaar is ;
- 37°mobiel : de hulp wordt niet in de voorziening maar elders aangeboden (thuis, op school enzovoort);
- 38°module : een duidelijk afgelijnde eenheid van jeugdhulpverlening op basis van de hulpvraag, aangeboden door een jeugdhulpaanbieder, gebaseerd op één typemodule, die afzonderlijk, gelijktijdig of consecutief en op een manier waarbij de flexibiliteit met andere eenheden van jeugdhulpverlening gewaarborgd is, kan worden aangeboden;
- 39°netwerk : een functioneel samenwerkingsverband van jeugdhulpaanbieders dat afspraken over een integrale uitbouw van de hulpverlening vastlegt in een samenwerkingsprotocol;
- 40°niet rechtstreeks toegankelijke jeugdhulpverlening : de modules van jeugdhulpverlening die volgens het onderscheid, vermeld in artikel 14 en 15, vanwege hun graad van ingrijpendheid behoren tot de niet rechtstreeks toegankelijke jeugdhulpverlening en waartoe minderjarigen, ouders en, in voorkomend geval, opvoedingsverantwoordelijken alleen toegang hebben op basis van een jeugdhulpverleningsbeslissing;
- 41°ondersteuningscentrum : het ondersteuningscentrum Jeugdzorg, vermeld in artikel 33;
- 42°opvoedingsverantwoordelijken : andere natuurlijke personen dan de ouders die de minderjarige op duurzame wijze in feite onder hun bewaring hebben of bij wie de minderjarige geplaatst is door bemiddeling of ten laste van een openbare overheid;
- 43°ouders : de natuurlijke personen die titularis zijn van het ouderlijk gezag, of, bij ontstentenis van die personen, de wettelijke vertegenwoordigers;
- 44°persoonsvolgende financiering : het instrument voor de eigen sturing van de hulp door de persoon met een handicap, dat de persoon volgt en waarmee hij op afdoende wijze zorg en assistentie voor zichzelf kan betrekken. Deze financieringswijze wordt opgedeeld in een systeem van persoonsvolgende vouchers en in een systeem van cash budgetten, waarbij de persoon met een handicap kan overstappen van het ene systeem op het andere en terug;
- 45°pleeggezin : het gezin van de pleegzorger;
- 46°pleegzorger : een meerderjarige natuurlijke persoon die één of meer pleegkinderen en/of pleeggasten in het eigen gezin opvangt;
- 46°/1projecten: een tijdelijk initiatief dat wordt ingezet om in te spelen op maatschappelijke, inhoudelijke of andere evoluties en dat desgevallend wordt ingezet bovenop de opdracht waarvoor voorzieningen erkend zijn;
- 47°rechtstreeks toegankelijke jeugdhulpverlening : de modules van jeugdhulpverlening voor de toegangspoort die volgens het onderscheid, vermeld in artikel 14 en 15, behoren tot de rechtstreeks toegankelijke jeugdhulpverlening en waartoe minderjarigen, ouders en, in voorkomend geval, opvoedingsverantwoordelijken toegang nebben, zonder dat ze daarvoor een jeugdhulpverleningsbeslissing als vermeld in artikel 26, § 1, eerste lid, 3°, nodig hebben;
- 48°regio : een regio integrale jeugdhulp als vermeld in artikel 64;
- 49°residentieel : de hulp wordt in de voorziening aangeboden en de cliënt overnacht in de voorziening;
- 50°sector : een domein dat geregeld wordt door een regelgeving als vermeld in artikel 3, § 1, eerste lid, 1° tot en met 7°, of toepasselijk verklaard wordt krachtens artikel 3, § 2;
- 51°sociale dienst : de Sociale Dienst Jeugdrechtbank, vermeld in artikel 56;
- 52°toegangspoort : een orgaan als vermeld in artikel 17;
- 53°typemodule : een afgelijnde eenheid van jeugdhulpverlening, gebaseerd op één functie of op een specifiek omschreven kernproces van hulpverlening, die deel uitmaakt van een intersectoraal opgemaakte set van typemodules en die tot doel heeft de kernopdrachten van de sectoren in dezelfde taal te formuleren en op elkaar af te stemmen;
- 54°verontrustende situatie : een situatie die de ontwikkeling van een minderjarige bedreigt doordat zijn psychische, fysieke of seksuele integriteit of die van een of meer leden van zijn gezin wordt aangetast of doordat zijn affectieve, morele, intellectuele of sociale ontplooiingskansen in het gedrang komen, waardoor het aanbieden van jeugdhulpverlening maatschappelijk noodzakelijk kan zijn;
- 55°vertrouwenscentrum kindermishandeling : een centrum als vermeld in artikel 42;
- 55°/1voorzieningen: de initiatieven die hulp- of dienstverlening aan minderjarigen en gezinnen aanbieden;
- 56°vrijwillige jeugdhulpverlening : rechtstreeks of niet rechtstreeks toegankelijke jeugdhulpverlening die berust op een vrijwillige medewerking van de betrokken partijen en die geen gerechtelijke jeugdhulpverlening is.
§ 2. Bij verwijzing naar personen wordt in dit decreet de mannelijke vorm gebruikt.